In dit artikel vindt u onregelmatige werkwoorden in het Spaans. Deze werkwoorden zijn vervoegd: 'zijn', 'zich bevinden', 'gaan', 'hebben', 'zien', 'kunnen', 'maken/ doen', 'zeggen' en 'kennen'.
Onregelmatige werkwoorden 'ser', 'estar' en 'ir'
[/TH][TH]Ser (zijn)
Estar (zijn, zich bevinden)
Ir (gaan)
yo
soy
estoy
voy
tú
eres
estás
vas
él/ella/usted
es
está
va
nosotros/-as
somos
estamos
vamos
vosotros/-as
sois
estáis
váis
ellos/ellas/ustedes
son
están
van
*Op de onderstreepte letter valt de klemtoon
Onregelmatige werkwoorden 'tener', 'ver' en 'poder'
[/TH][TH]Tener (hebben)
Ver (zien)
Poder (kunnen)
yo
tengo
veo
puedo
tú
tienes
ves
puedes
él/ella/usted
tiene
ve
puede
nosotros/-as
tenemos
vemos
podemos
vosotros/-as
tenéis
veis
podéis
ellos/ellas/ustedes
tienen
ven
pueden
* Op de onderstreepte letter valt de klemtoon
Onregelmatige werkwoorden 'hacer', 'decir' en 'conocer'
Spaans: het Gerundio en de CondicionalVeel mensen voelen zich aangetrokken tot het mooie Spanje. Het zij voor het weer en de mooie landschappen die te vinden zijn in he…
Het kleine woordenboek FinsFins wordt door ongeveer 6 miljoen mensen gesproken. Naast Zweeds is Fins één van de officiële talen van Finland. Fins is moeil…
Het Hebreeuwse alfabetHet alfabet van het (Bijbels) Hebreeuws is heel anders dan het ons bekende Latijnse alfabet. Het oorspronkelijke Oude Testament va…