InfoNu.nl > Educatie en School > Samenvattingen > Marcellus Emants - Een nagelaten bekentenis

Marcellus Emants - Een nagelaten bekentenis

Marcellus Emants - Een nagelaten bekentenis Een nagelaten bekentenis is een veelgeplaatst boek op de literatuurlijst van 5e/6e klassers van het HAVO/VWO. Het is een moeilijk boek om te doorgronden en vergt daarom wat achtergrondinformatie en uitleg. In dit artikel vindt u een vrijwel volledig boekverslag zoals dat op de middelbare school geschreven dient te worden. Het stuk garandeert geen volledigheid, de opdrachten voor een leesverslag variëren van school tot school.

Specificaties

  • Naam boek: Een nagelaten bekentenis
  • Auteur: Marcellus Emants
  • Uitgever: Pandora, Amsterdam
  • Jaar van uitgave: 1997
  • Eerste druk: 1894 (Van Holkema & Warendorf)
  • Aantal pagina’s: 250
  • Genre: Psychologische roman in autobiografische vorm
  • Stroming: Naturalisme

Samenvatting

Willem Termeer begint al op de eerste bladzijde met zijn bekentenis: de moord die hij op zijn vrouw heeft gepleegd. Om deze daad voor zichzelf te rechtvaardigen legt hij zijn hele leven bloot en legt uit hoe hij tot deze daad is gekomen. Zijn verhaal begint op de lagere school. Al snel blijkt dat Willem een aangeboren afwijking heeft: hij is erg mensenschuw/maatschappijschuw, en kan het moeilijk verdragen onder veel mensen te zijn. Toch had hij op de lagere school een eerste flirt met een meisje, maar zodra het intiem werd haakte hij af. Na de lagere school verbleef hij 6 jaar op de Burgerschool, waarna hij zakte voor zijn examen in Delft. Hij kon op geen enkele steun van zijn ouders rekenen, later bekend hij ook ‘liefde niet geleerd te zijn. Liefde had ik nooit voor mijn ouders gekoesterd. Daar hadden zij het niet naar gemaakt en daar hadden ze mij niet naar gemaakt.’ (blz. 36). Kort na elkaar stierven eerst zijn vader en vervolgens zijn moeder, toen Willem nog niet meerderjarig was. Hij kwam onder de voogdij van een oude vriend van zijn vader, Bloemendael, die hem al snel meerderjarig liet verklaren, de financiële voogdij hield hij wel. Willem trekt meteen weg naar Brussel, op weg naar Frankrijk, in de hoop daar het geluk te vinden dat altijd in de Franse romans wordt beschreven. In Parijs vond hij niet wat hij zocht, dus zwierf hij enkele maanden door Zuid-Frankrijk. In een hotel ontmoet hij dan een jong Zweeds meisje en haar moeder en hij knoopt een gesprek met hen aan. Het meisje blijkt artieste te zijn en Willem wordt voor een voorstelling uitgenodigd. De moeder is klaarblijkelijk op het geld van een rijke Hollander uit, dus papt de dochter met Willem aan. Uiteindelijk gaat zij er met een (nog rijkere) Amerikaan vandoor. Voor de zoveelste keer is het zelfvertrouwen van Willem gedeukt en hij reist terug naar Nederland en gaat praktisch in een hotel wonen. Zijn buurman lokt hem op een dag uit tot een praatje en dat eindigt met Willem die verzekerd is van een baan. Hij houdt het 2 jaar uit op de afdeling Secretarie van een gemeentehuis in de Achterhoek. In die periode ontmoet hij ook een jongeman die op de Amsterdamse universiteit zit, en hij verhuist weer terug naar Amsterdam, op kamers. Willem is nu 30 jaar en hij wil op zoek naar een vrouw.

Hij herinnert zich dat zijn oude voogd Bloemendael 2 dochters had. De oudste is inmiddels getrouwd, maar de jongste, Anna, woont nog thuis en Willem vraagt zijn voogd of hij een keer mag komen eten. Zo spreekt hij nog enkele keren af en hij krijgt gevoelens voor Anna. Al snel trouwen ze en verhuizen ze naar Den Haag. Anna zorgt met alle liefde voor het huishouden, en irriteert zich eraan dat Willem helemaal geen contact met nieuwe mensen maakt.

Een jaar later wordt Anna dan toch moeder van een dochter. Bij de geboorte is het echter al zwakjes en na anderhalf jaar sterft het kleintje. Anna verplaatst het bed van Willem naar een andere kamer en vanaf dan gaat hun huwelijk bergafwaarts. Al helemaal als Anna kennis maakt met de buurman, dominee De Kantere, die zijn vrouw heeft verloren en alleen woont met zijn dochtertje Sofie. Lange gesprekken volgen, en Willem wordt jaloers.

De Kantere biedt aan ook een eens wandeling met Willem te maken, en Willem heeft dan vrede met de omgang tussen Anna en De Kantere, maar hij blijft wantrouwend.

Op een dag vertrekt Willem naar de opera ‘Carmen’ die hij al meerdere malen heeft gezien. Daar ziet hij zijn ‘droomvrouw’ lopen en hij spreekt haar kort aan. Ze heet Carolien, en ze is een gezelschapsdame: ze wil Willem best liefhebben, maar dan wel voor een vergoeding. Willem gaat akkoord, maar al snel blijkt dat Carolien er meerdere mannen op nahoudt. Ze stelt voor, dat als Willem haar voor zich alleen wil hebben, dat hij haar dan volledig onderhoud. Willem twijfelt lang, en houdt het voorlopig nog op enkele bezoekjes.

Ondertussen ontvangt Anna steeds meer geschreven brieven van De Kantere. Willem wordt nieuwsgierig en als Anna en De Kantere weer eens uit wandelen zijn onderzoekt hij haar laden. Plotseling hoort hij een deur en vlucht in de bijkeuken. Hij kan het hele gesprek tussen Anna en De Kantere volgen en wordt woedend. Anna verklaart De Kantere de liefde en het blijkt dat ze al erg lang verliefd op hem is. De Kantere begrijpt de situatie en voelt hetzelfde, maar hij is een dominee, en voor hem is het huwelijk heilig, dus hij vindt dat Anna bij Willem moet blijven. De Kantere besluit daarom te verhuizen, om Anna en Willem tijd te gunnen. Willem is echter zo boos door deze ontdekking dat hij Anna voorlegt te scheiden. Ze zegt hem dat als hij dat wil, dat zij haar plicht dan zal uitvoeren (onderdanigheid aan haar man). Dit maakt Willem nog bozer en op een nacht sluipt hij haar kamer binnen, die wonderbaarlijk genoeg en waarschijnlijk per ongeluk niet op slot zit. Hij vindt twee flessen chloraal in haar slaapkamer, die Anna gebruikt als slaapmiddel, maar Willem wist daar niks van. In een opwelling komt er een duivels plan bij hem op. Wat als hij Anna helemaal niet hoefde te scheiden om bij Carolien te zijn? Hij kon Anna ook gewoon een overdosis chloraal toedienen in haar slaap, en zich zo de schande van een scheiding besparen. Zo gedacht, zo gedaan. De volgende ochtend gaat hij als gewoonlijk naar beneden en stuurt een van de meiden naar Anna’s kamer als zij ’s ochtends niet naar beneden komt. De meid komt geschokt terug en Willem speelt het spel mee. De dokter kijkt wel vreemd op, en verdenkt Willem ook, maar dient op het gemeentehuis toch zelfmoord in.

Toch blijft Willem nog lang bang dat iemand erachter komt dat hij zijn vrouw heeft vermoord, of dat hij zijn mond voorbij praat. Daarom schreef hij ook dit verhaal neer, om het kwijt te kunnen. Met Carolien heeft hij overigens nooit meer iets afgesproken.

Perspectief

Het verhaal is biografisch geschreven, vanuit de ik-persoon. Het hele verhaal wordt ook bekeken vanuit één persoon, er wordt alleen geschreven over dat wat de hoofdpersoon zelf heeft meegemaakt. De schrijver gebruikt in plaats van ‘hij’ of ‘het’ niet het woord ‘ie’ maar ‘i’.

Titel en motto

Titel: Een nagelaten bekentenis slaat op de inhoud van het boek: de bekentenis die Willem Termeer nalaat aan de lezer, zodat hij zijn verhaal toch kwijt kan. De titel suggereert wel dat de schrijver inmiddels al overleden is. Er is geen ondertitel en het boek heeft geen motto.

Structuur

Er is geen proloog of epiloog, alleen een nawoord van de schrijver die het originele verhaal van Emants naderhand wat heeft aangepast. Het boek is niet ingedeeld in hoofdstukken, er is in het geheel geen indeling in het boek gemaakt. Het is één lang verhaal met enkele witregels als het verhaal van een onderwerp naar het andere springt.

Personages

Het boek kent eigenlijk maar één hoofdpersonage:
Willem Termeer, hij beschrijft zijn hele leven maar is op het eind rond de 35/40 jaar. Hij heeft enkele verschillende baantjes gehad waaronder secretaris bij de gemeente, maar later leeft hij van het geld dat zijn vader hem heeft nagelaten en het geld dat de vader van Anna hem maandelijks stuurt, voor het onderhoud van zijn dochter. Willem is een rond karakter, we krijgen goed inzicht in zijn leven en ontdekken ook de reden voor de moord op zijn vrouw.

Tijd

Het verhaal speelt zich denk ik, rond 1900, want er zijn nog geen auto’s, alleen paard en wagen. Scheiden is taboe, en tegenwoordig is dat juist eerder regel dan uitzondering. Toch is het verhaal voor zijn tijd redelijk modern geschreven, enkele aanpassingen en het zou in deze eeuw gebeurd kunnen zijn. De tijd is niet van belang voor de inhoud. Je zou hooguit kunnen zeggen dat moord in die tijd een minder hoogstaande doodsoorzaak was dan het nu is, en dat het daarom wat schokkender is dan hoe wij er nu tegenaan kijken.

Plaats

Het verhaal speelt zich af overal waar Willem gaat: van Delft naar Brussel, Parijs, Zuid-Frankrijk, de Achterhoek, Amsterdam
en Den Haag. De plekken hadden ook andere kunnen zijn, met uitzondering van Frankrijk, want daar trok Willem heen vanwege zijn hoop op het geluk uit de Franse romans.

Tijdsduur

Het boek duurt ongeveer 40 jaar, eigenlijk het leven van Willem tot dan toe. Er zijn veel delen van zijn leven waar hij niet of oppervlakkig over vertelt, hij legt met name wat situaties uit zijn jeugd uit, zijn zoektocht naar liefde, het uiteindelijk vinden van Anna en de crisisjaren die daarop volgen. Deze versnellingen hebben als functie het inkorten van het verhaal. Willem beschrijft opzettelijk enkele gebeurtenissen uit zijn jeugd om zo verduidelijking voor zijn daad te geven. De niet relevante gebeurtenissen als ‘naar de wc gaan’ heeft hij weggelaten. Erg verstandig.

Chronologie

Het verhaal is chronologisch verteld.

Auctoriaal en personaal

Het verhaal is personaal verteld, en er zijn geen wisselingen in perspectief.

Achterliggende gedachte

Willem Termeer wilde zijn geheim kwijt, maar hij wilde het aan niemand vertellen, dus schreef hij het neer, als erfenis voor de lezer.

Overig

Onderzoek naar het boek in zijn eigen tijd en nu (additional assignment).

Als we de drukgeschiedenis van ‘Een nagelaten bekentenis’ bekijken, valt meteen wat op. In 1894 verscheen de eerste druk, in slechts 1000 oplagen. In 1918 kwam de tweede druk uit, en naast het feit dat er beperkte oplagen waren, is daar ook zeer weinig van verkocht. De derde druk verscheen pas in 1951, na de WOII dus, en die sloeg ineens goed aan. Daarna werd er elke 10 à 20 jaar wel een nieuwe oplage gedrukt. De vraag is nu hoe het komt dat de populariteit van ‘Een nagelaten bekentenis’ zo verschilt, voor en na de WOII. Er zijn enkel speculaties te vinden. De oorzaak zal vast en zeker te vinden zijn in de verandering van het culturele klimaat in Nederland. De tegenwoordige lezer leest het boek toch anders dan iemand uit 1894. Het boek heeft een strenge doorvoering van de ik-vorm, en dan de schandalige bekentenis, de combinatie was niet erg gebruikelijk. Zoals we wel hebben gezien bij ‘Max Havelaar’ van Multatuli, gebruikt die toch ook de ik-vorm, wel gebruikt hij 3 ik-personages, maar toch. Het verschil zit hier in het feit, dat het verhaal dat vertelt wordt (ten eerste al veel genuanceerder dan ‘Een nagelaten bekentenis’), in handen is gekomen van een man die het las en het wilde uitgeven. Het verhaal is dus in die zin niet autobiografisch, omdat de ik-persoon de gebeurtenis niet zelf heeft meegemaakt, maar een verhaal ‘per ongeluk’ in handen heeft gekregen. In andere boeken van die tijd worden ook zeker wel boeken geschreven over personen die minder edele daden plegen of karaktertrekken hebben, maar die worden in het voor- of nawoord wel gemoraliseerd.

We kunnen ‘Een nagelaten bekentenis vergelijken met een boek uit zijn tijd: ‘Kreutzersonate’ van Tolstoj (1891). Ook dit boek is personaal vanuit het ik-perspectief geschreven en ook in dit boek vermoord de ik-persoon zijn vrouw. Tolstoj verklaart echter in zijn voorwoord geen persoonlijke banden met (iemand lijkend op) de ik-figuur te hebben. Daarmee schept hij, in tegenstelling tot Emants, afstand van zijn boek en van de inhoud. Emants wilde graag zo objectief mogelijk het verhaal tonen, terwijl Tolstoj wilde aantonen wat men van het verhaal zou moeten leren (in kuisheid leven).

Latere critici merkten op dat een personage als Willem Termeer nooit een boek zou kunnen schrijven. Wat we ook uit het boek zouden kunnen halen is dat het Emants’ bedoeling was om begrip te wekken voor Willem Termeer. Daarmee is Emants te vergelijken met een strafrechtadvocaat: ‘Mijn cliënt heeft een slechte jeugd gehad, heb medelijden met hem, hij verdient strafvermindering’. Dit is de bedoeling van Emants echter nooit geweest. Uit essays en ingezonden stukken blijkt dat hij het verhaal slechts zo goed mogelijk wilde weergeven. D.w.z. zonder onnodige toevoegingen en zonder weglatingen van dingen die wel van belang zijn. Kortom een zo objectief mogelijke ‘beschouwing’.

Het boek en zijn personages reflecteren wel hoe Emants over het leven dacht. Men bevond zich van dag tot dag in een cirkel die week van illusie tot desillusie, tot de dood zijn intrede deed. Op het gebied van liefde was die cirkel wel het hevigst, en dat vinden we ook terug in het thema dat het leven van Willem Termeer beheerst.

Emants heeft tijdens zijn leven wel veel kritiek op zijn boek gekregen, maar ook ontving hij veel dankbare brieven van mensen. Ze hadden zijn boek gelezen en herkenden de hoofdpersoon in iemand uit hun omgeving. Zo schreef een vrouw: ‘U weet niet hoe dankbaar ik ben, dat ik uw boek heb gelezen. Ik heb een neef, en die neef is precies zo als uw hoofdpersoon.’ Later in de brief vroeg ze Emant een vereniging op te richten die buitenbeentjes als Willem Termeer en haar neef opving en door het leven hielp. ‘Dat was natuurlijk niets voor mij’ reageerde Emants in een interview.

Literatuurgeschiedenis

Dit boek kan geplaats worden in het Naturalisme. Het Naturalisme is de stroming die rond 1870 de plaats van het Realisme inneemt.

Kenmerken:

  • Het leven werd bepaald door erfelijke aanleg, het milieu waarin men opgroeit en de tijd waarin men leeft.
  • Verdere uitwerking van het realisme.
  • Fatalisme: het leven van de mens wordt bepaald door een noodlot, er bestaat geen vrije wil.
  • Contra: impressionisme en estheticisme.
  • Pro: Impressionistische schrijfstijl.
  • Aandacht voor psychologie en sociologie.

Deze kenmerken zijn terug te vinden in het boek, respectievelijk:

  • Willem schrijft over zijn familie, en het blijkt dat het maatschappijschuw in de familie zit. Dit boek is een duidelijke afspiegeling van het feit dat zijn opvoeding, ouders en tijd van invloed zijn geweest op tot wie hij is geworden.
  • Het verhaal waarover geschreven wordt staat nog steeds heel dicht bij de werkelijkheid (het zou waar kunnen zijn).
  • Het zou het noodlot van Willem kunnen zijn dat hij altijd alleen zal blijven: heeft hij toch eindelijk een vrouw, vermoord ie haar.
  • Het gaat in het boek niet om de inhoud van het verhaal, het hoeft geen prachtig verhaal met een happy end te zijn.
  • De vorm en stijl van het boek zijn wel belangrijk, het gaat om hoe iets verwoord wordt, niet wat er verwoord wordt. Er komen ook veel mooie metaforen voor in het boek.
  • Willem zou in onze tijd waarschijnlijk een patiënt voor de TBS kliniek zijn, een typisch voorbeeld voor onderzoek op het gebied van psychologie en sociologie.

Lees verder

© 2008 - 2019 Taxie8888, het auteursrecht (tenzij anders vermeld) van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
Het opstellen van een leeslijstHet opstellen van een leeslijst voor je examenjaar, elke scholier heeft er mee te maken. Voor de een is het lezen van al…
Willem Elsschot - KaasKaas is een veelgeplaatst boek op de literatuurlijst van 5e/6e klassers van het HAVO/VWO. Het is een moeilijk boek om te…
Literatuur: Tachtigers, jaren 90, avant-garde en modernismeDe geschiedenis van de Nederlandse letterkunde heeft sinds de Middeleeuwen een groot aantal ontwikkelingen doorgemaakt.…
August StrindbergJohan August Strindberg is een van de meest bekende en belangrijkste auteurs van Zweden. Hij leefde van 1849 tot 1912 en…
Hoe schrijf je een BoekverslagWat zijn belangrijke dingen die persé in een goed boekverslag terug te vinden zijn en welke dingen kun je er beter uit l…
Bronnen en referenties
  • http://www.dbnl.org/tekst/mein002denh01_01/mein002denh01ill108.gif (foto). Nawoord door Nop Maas, toevoeging aan het boek 'een nagelaten bekentenis' (specificaties van het boek, zoals druk en uitgever, zijn te vinden in de inleiding).

Reageer op het artikel "Marcellus Emants - Een nagelaten bekentenis"

Plaats een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Ik ga akkoord met de privacyverklaring en ben bekend met de inhoud hiervan
Reactie

Olivier, 18-01-2012 09:03 #1
Een prima verslag, maar er staan toch dingen in die niet kloppen naar mijn mening.

Het zit hem in het laatste deel van de samenvatting:
- De Kantere probeert Anna te kussen, maar Anna zegt dan '… Nooit meer… hoor! Neen, neen… nooit meer! Ik zou je kunnen gaan haten! Ik zou je… O, god, neen, dat zou verschrikkelijk zijn!… Wil je dat riskeren?… Neen, neen; probeer 't nooit meer!… beloof me dat!… Zweer 't me!… Ik stelde je zo hoog. Dwing me niet… min van je te gaan denken.'

- Daarnaast wilde De Kantere sowieso al verhuizen voor de gezondheid van zijn dochter.
- Termeer had al voordat hij dit gesprek had afgeluisterd, voorgelegd aan Anna om te scheiden. Dus het verzoek om te scheiden was niet naar aanleiding van dit gesprek.
- Termeer sluipt niet met voorbedachte rade Anna's kamer in, wat uw samenvatting wel insinueert. De Deur stond, per ongeluk of expres nog open, en Termeer ging kijken. Daar vond hij de flessen chloraal, Waarvan hij al wist dat ze deze gebruikte na de dood van haar kind. u beweert in uw samenvatting dat Termeer er niks van af wist, dit is dus onjuist.

voor de rest dus een handig verslag, maar het hierboven genoemde klopt dus niet.

Infoteur: Taxie8888
Gepubliceerd: 12-03-2008
Rubriek: Educatie en School
Subrubriek: Samenvattingen
Special: Leesdossier
Bronnen en referenties: 1
Reacties: 1
Schrijf mee!