InfoNu.nl > Educatie en School > Examen > De N term, hoe reken je je eindexamen cijfer uit?

De N term, hoe reken je je eindexamen cijfer uit?

Je heb weer een examen gemaakt, maar hoe reken je je cijfer eigenlijk uit? In dit artikel word uitgelegt hoe je je cijfer uit moet reken en wat de n term/normeringsterm inhoud. Na de examens van 1999 is er een nieuw normeringssysteem ingevoerd op de examens van VWO, HAVO, MAVO en VMBO. Er is dus door de CEVO voor een nieuw normeringsysteem gekozen voor omzetting van de score naar je uiteindelijke cijfer. Voor dit normeringsysteem zijn er vier uitgangspunten waar de omzetting van score naar de cijfer op gebaseerd zijn.

  • Elk punt die de examenkandidaat scoort, zorgt voor een hoger examencijfer
  • Een examenkandidaat die 0% van het aantal punten scoort krijgt een 1
  • Een examenkandidaat die 100% van het aantal punten scoort krijgt een 10
  • Over een zo groot mogelijk interval van het de scoreschaal is er een vaste score/cijfer verdeling die onafhankelijk is van de normering.(Dit wordt verder uitgelegt in dit arikel)

De hoofdformule

Deze formule geldt voor de overgrote meerderheid van de kandidaten. De hoofdformule is er voor het omzetten van je score naar je cijfer.

De Formule
E = 9,0 / (S/G) + N

Hierin staat:
  • E: Het eindcijfer voor je examen
  • S: Het totaal aantal punten die je kunt scoren op de examen
  • G: Het totaal aantal gescoorde punten die de examenkandidaat heeft gescoord
  • N: De normeringsterm, deze ligt tussen N=0 en N=2, deze wordt vastgesteld door het CEVO

2009: De N term wordt dit jaar op 10 juni (VMBO beroepsgerichte vakkken), 17 juni (VMBO algemene vakken) en 18 juni (HAVO/VWO) bekendgemaakt. Wanneer de N term bekend is kan E uitgerekend worden.

Voorbeeld
Stel S=56 en N=1 ziet de formule er zo uit:
E = 9,0 / (56/G) + 1

Wanneer de examenkandidaat in dit geval 0% van het aantal punten heeft gescoord krijgt hij
  • E = 9,0 / (56/0) + 1
  • E = 1
Wanneer de examenkandidaat in dit geval 50% van het aantal punten heeft gescoord krijgt hij
  • E = 9,0 / (56/28) + 1
  • E = 5,5
Wanneer de examenkandidaat in dit geval 100% van het aantal punten heeft gescoord krijgt hij
  • E = 9,0 / (56/56) + 1
  • E = 10

Grensrelaties

Doordat het nieuwe examensysteem werkt met de N term kunnen via de hoofdformule verkeerde cijfers worden gegeven. Want in het geval dat N=1,2 zou de bovengenoemde examen en examenkandidaat een niet bestaand cijfer kunnen krijgen.
voorbeeld
De examenkandidaat die in dat geval 100% van het aantal punten heeft gescoord krijgt
  • E = 9,0 / (56/56) + 1,2
  • E = 10,2

Wanneer de N term lager zou zijn dan N=1, bijvoorbeeld N=0,8 zal dit ook een niet bestaand cijfer geven.
voorbeeld
De examenkandidaat die in dat geval 0% van het aantal punten heeft gescoord krijgt
  • E = 9,0 / (56/0) + 0,8
  • E = 0,8
De examenkandidaat die in dat geval 100% van het aantal punten heeft gescoord krijgt
  • E = 9,0 / (56/56) + 0,8
  • E = 9.8 (Terwijl hij/zij een 10 zou moeten krijgen

Deze twee cijfers (10.2 en 0.8) komen niet overheen met de uitgangspunten van de normeringssysteem. Daarom zijn er grensrelaties. Deze grensrelaties voorkomen dan examenkandidaten met een zeer hoge of zeer lage score een cijfer zouden krijgen die niet kan en niet met de uitgangspunten overeen zouden komen. De grensrelaties is pas nodig wanneer de N term niet 1 is.
De grensrelatie gaat uit van
  • Vanaf minimum gescoorde cijfer (0%) wordt bij elk gestoorde punt teminste 0.05 en ten hoogste 0.20 cijferpunt bij het examenpunt opgeteld
  • Vanaf maximum gescoorde cijfer (100%) wordt bij elke niet gestoorde punt teminste 0.05 en ten hoogste 0.20 cijferpunt bij het examenpunt afgetrokken.
Je kunt dus zeggen dat dat de meeste examenkandidaten bij een N term hoger dan 1 "bevoordeeld" wordt. De examenkandidaten die al een hoog cijfer hebben worden niet bevoordeeld bij een hoge n term en de examenkandidaten met een lage score worden extra bevoordeeld. Wanneer de N term lager is dan 1 worden de examenkandidaten die een hoge score hebben bevoordeeld en de gene die lage een lage score hebben benadeeld.

In een tabel is dit makkelijker uit te leggen, ga er vanuit dat S=72
Aantal gescoorde puntenN = 0.8 zonder grensrelatie0.8 met grensrelatie
648.88.8
658.98.9
669.19.1
679.29.2
689.39.3
699.49.5
709.69.6
719.79.8
729.810
© 2009 - 2014 Maxwell, het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
Eindexamen uitslagEindexamen uitslagNa de examens is het wachten op het verlossende telefoontje, geslaagd of niet. In heel Nederland zitten tijdens deze per…
Rooster en uitslag eindexamens vmbo kb 2014Rooster en uitslag eindexamens vmbo kb 2014Woensdag 14 mei 2014 starten de landelijke staatsexamens voor leerlingen van het vmbo kb (kaderberoepsgerichte leerweg).…
Rooster en uitslag eindexamens vmbo bb 2014Rooster en uitslag eindexamens vmbo bb 2014Maandag 19 mei 2014 starten de landelijke staatsexamens voor leerlingen van het vmbo bb (basisberoepsgerichte leerweg).…
Rooster en uitslag eindexamens vwo en gymnasium 2015Maandag 11 mei 2015 starten de landelijke staatsexamens voor leerlingen van het vwo en gymnasium. In onderstaand overzic…
Rooster en uitslag eindexamens vmbo gl en vmbo tl 2014Rooster en uitslag eindexamens vmbo gl en vmbo tl 2014Maandag 12 mei 2014 starten de landelijke staatsexamens voor leerlingen van het vmbo gl (gemengde leerweg) en vmbo tl (t…

Reageer op het artikel "De N term, hoe reken je je eindexamen cijfer uit?"

Plaats een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Reacties

E. Herman, 12-06-2013 15:15 #3
Je heb weer een examen gemaakt, maar hoe reken je je cijfer eigenlijk uit? In dit artikel word uitgelegd hoe je je cijfer uit moet reken en wat de n term/normeringsterm inhoud.
Bovenstaand tekstje is gekopieerd van wat bovenaan deze site staat. Er staan maar liefst 5 spellingfouten in: word moet zijn wordt; uitgelegt moet zijn uitgelegd; reken en moet zijn rekenen; n term moet zijn n-term en inhoud moet zijn inhoudt. Nou, als ik zo'n opening lees heb ik al geen vertrouwen meer in de rest van de site. Redelijk dramatisch. Nog niet het niveau van groep 7 basisschool! Gauw wegklikken!
Groeten,

E.Herman

G. J. Koolstra, 05-02-2011 21:05 #2
Het verhaal over de grensrelaties klopt met de officiële regelgeving, maar deze wordt in de praktijk niet toegepast. Zie http://www.wiskundebrief.nl/548.htm
Vooral bij kleine schaallengtes (en hoge of lage N-termen) zijn de verschillen groot. De kwestie is gemeld bij CvE (en ook min of meer erkend) maar nog niet hersteld.

Pepijn, 25-05-2010 18:19 #1
Klopt dit wel? Logischer lijkt mij de formule: Deelpunten / Totaalpunten x (10-norm) + norm

Infoteur: Maxwell
Rubriek: Educatie en School
Subrubriek: Examen
Reacties: 3
Schrijf mee!