Diversen en Cursus Hoogbegaafdheid

Cursus hoogbegaafdheid voor leerkrachten

Cursus hoogbegaafdheid voor leerkrachten

Hoogbegaafden zijn 'gewone' mensen, alleen hun IQ is een stuk hoger dan het IQ van de meeste mensen. Van meer en hoogbegaafden wordt vaak gedacht dat het altijd de beste leerlingen van de klas zijn; de kinderen die hoge cijfers halen. Veel leerkrachten denken: 'als je zo'n hoog IQ hebt, dan is het toch juist lekker makkelijk op school en dan haal je toch alleen maar negens en tienen?' Dat is een misvatting, en deze verkeerde beeldvorming is een valkuil voor docenten. Maar waarom eigenlijk?


(Hoog)begaafdheid, (g)een probleem

Een snelcursus voor leerkrachten

Motivatie, leergierigheid, een goede werkhouding… Deze dingen kan men niet afdwingen door een kind aan te passen aan het leeraanbod, maar door het leeraanbod aan te passen aan het kind.

Laat ik voorop stellen dat ik ooit een vooroordeel tegen het begrip hoogbegaafdheid had. Ook nu heb ik nog steeds problemen met het woord hoogbegaafd. Ik vind het een verkeerd woord, wat naar mijn mening bijdraagt aan het onbegrip wat er binnen het onderwijs helaas nog steeds leeft, zodra het om hoogbegaafdheid gaat. Aan de andere kant verbaas ik me er over waarom het voor zoveel leerkrachten blijkbaar moeilijk te begrijpen is, dat (hoog)begaafden zorgleerlingen zijn of worden, waarom ze gaan onderpresteren, waarom ze onaangepast gedrag vertonen en/of dagdromen, waarom zij een laag werktempo (kunnen) krijgen, of waarom zij zelfs volledig (kunnen) afhaken door motivatieverlies. Opvallend genoeg zijn het meestal de creatieve, gedreven leerkrachten die snel doorhebben hoe het werkt. In die zin mag u deze cursus gerust als een test beschouwen. WSNS. heeft een artikel op internet staan waarin nadrukkelijk wordt beschreven dat de problemen die meer en hoogbegaafde kinderen in het onderwijs doormaken, exact dezelfde (kunnen) zijn. (Zie: http://www.minocw.nl/documenten/wsns-voortgang2001-bijlage3.pdf Het is een artikel waarin ik mij goed kan vinden. Daarom zal ik het woorddeel 'hoog' in het woord (hoog)begaafd, vanaf nu tussen haakjes zetten.

(Hoog)begaafde jongetjes:

Waarschijnlijk heeft het met competitiedrang te maken dat (hoog)begaafde jongetjes (vaker) anders door de leerstof heengaan dan (hoog)begaafde meisjes. (Hoog)begaafde jongens staan meestal in de klas bekend als de snelle werkers. Ze zijn als eersten met de opdrachten klaar, klappen dan hun schrift dicht en moeten dus wachten tot de rest van de groep ook zover is. Wachten is saai en dus treed verveling op. Die tijd benutten ze met: trommelen van de vingers, bewegen, klieren, onderuit hangen of andere kinderen afleiden… Dit moet uitgelegd worden als een verantwoordde manier van verzet tegen een te weinig boeiend leeraanbod. Omdat het werk hen (te) weinig uitdaging biedt is de concentratie ook niet optimaal als ze er (nog) doorheen speren. Ze hoeven zich immers niet te concentreren en kunnen dat op den duur zelfs geheel afleren. Ze maken slordigheidfouten, vooral in (te) eenvoudig werk. Hun handschrift is meestal ook slordig. Met een beetje geluk behalen ze (nog enkele jaren) hoge toetsuitslagen, dan heeft u een handvat. Vele jaren emancipatie ten spijt, is het een feit dat (hoog)begaafde jongetjes nog altijd vaker en eerder herkend en erkend worden, dan (hoog)begaafde meisjes. Maar voor alle (hoog)begaafde kinderen komt de (h)erkenning vrijwel altijd te laat, en niet zelden pas nadat ouders een weg vol vruchteloze onderhandelingen met leerkrachten hebben afgelegd. Adaptief onderwijs is echter een recht voor alle kinderen en (hoog)begaafdheid is niet nieuw.

(Hoog)begaafde meisjes:

Waarschijnlijk heeft het met gebrek aan competitiedrang te maken dat (hoog)begaafde meisjes het vaker en eerder opgeven om hun werk af te maken, dan (hoog)begaafde jongetjes. Meisjes staan vaker en eerder in de klas bekend als dagdromers. Ze maken hun werk niet (meer) af of zijn in het gunstigste geval, als laatste klaar. Dit beleven ze zelf ook als demotiverend waardoor een neerwaartse spiraal in gang wordt gezet. Onderpresteren in combinatie met dagdromen kan zulke ernstige vormen aannemen dat het aan autistiform gedrag doet denken. Een totaal afgehaakte dagdromer staart veel voor zich uit en sluit zich tijdelijk of zelfs geheel van de omgeving af. Omdat het aangeboden werk wat is afgestemd op de middelmaat hen te weinig uitdaging biedt, verliezen ze op den duur hun interesse voor schoolse zaken. Ze letten niet meer op en/of voeren niets meer uit. Vroeg of laat ontstaan er hiaten in hun kennis. Het dagdromen of snel afgeleid zijn en/of het muiten van (hoog)begaafde kinderen, wordt door leerkrachten vaak ten onrechte als een stoornis in de sociaal emotionele ontwikkeling uitgelegd. Ook dat deze kinderen weinig aansluiting vinden bij leeftijdsgenoten, versterkt dit onjuiste beeld. Om verschillende redenen kan een (hoog)begaafd kind als lastig beschouwd worden, ook de dagdromers zijn een leerkracht immers tot last. Niet zelden vallen (hoog)begaafde kinderen dan ook verschillende onjuiste diagnoses ten deel die door leerkrachten vermoed worden. Ook (hoog)begaafde meisjes maken slordigheidfouten, m.n. in (te) eenvoudig werk wat hen geen uitdaging biedt. Ook hun handschrift is meestal slordig. Door het dagdromen, het voortdurende pushen van leerkrachten om zich aan te passen aan de leerbehoeftes van de meerderheid (lees: gemiddelde leerlingen) worden ze jaar in jaar uit in een uitzonderingspositie gehouden en afgeremd in hun ontwikkeling.

Er gaan steeds meer geluiden op dat schoolinspecties scholen harden aan zullen gaan pakken indien zij geen (hoog)begaafden beleid hebben doorgevoerd. Dit beschouw ik als uitstekende middelen om leerkrachten wakker te schudden. Opvallend genoeg willen leerkrachten juist voorkomen kinderen in een uitzonderingspositie te plaatsen, maar als het op (hoog)begaafdheid aankomt, beseffen leerkrachten vaak niet dat dit nu juist precies is wat zij met deze kinderen doen. Alleen van (hoog)begaafden wordt immers verwacht dat zij jarenlang beneden hun mogelijkheden presteren en dat zij zich daarbij niet vervelen. Dit is de reden waarom (hoog)begaafden inderdaad frequent (ver) beneden hun capaciteiten gaan presteren. Als de motivatie eenmaal is stukgemaakt, zal het kind zijn/haar plezier in leren volledig kwijtraken.

Voor alle (hoog)begaafde kinderen geldt dat het sociaal onwenselijke gedrag voortkomt uit verveling, maar aangezien het kind dat zelf niet altijd beseft, loopt het kans om een laag zelfbeeld te ontwikkelen omdat het voortdurend aan zichzelf twijfelt. Er komt nog bij dat deze kinderen zich meestal niet echt thuis lijken voelen tussen leeftijdsgenoten, waardoor ze dus op verschillend gebied een groot risico lopen om in een sociaal isolement terecht te komen. Hun voorkeur gaat dikwijls uit naar oudere en/of jongere kinderen en ontwikkelingsgelijken, die ze in hun klas niet of nauwelijks tegenkomen. Intellectueel vinden ze w.s meer aansluiting bij oudere, verder ontwikkelde kinderen. Emotioneel voelen ze zich misschien prettiger bij jongere kinderen omdat ze daar de leiding over hebben. Het beste voelen ze zich in ieder geval bij andere (hoog)begaafde kinderen, en bij kinderen en leerkrachten die hen nemen zoals ze zijn.










Statistisch gezien zitten er in elke schoolklas een a twee hoogbegaafden,
hoeveel heeft u er reeds over het hoofd gezien?


Niet doen:

  • Het kind niet in een uitzonderingspositie plaatsen door het stickers te geven of een andere vorm van openbare beloning, als het kind u belooft door te werken, netter te werken; om stil zitten totdat de klas ook klaar is; om toetsen af te maken, of om te stoppen met dagdromen. Het kind is niet gebaat bij stickers of plaatjes, maar bij herkenning en erkenning van zijn/haar capaciteiten en bij minder herhalingen van het te gemakkelijke werk in combinatie met uitdagende leermaterialen. Bovendien werkt een beloningssysteem slechts even of zelfs averechts. Stickers in het vooruitzicht stellen biedt geen enkele uitdaging en het kind zal hooguit even zijn best doen om u niet teleur te stellen. Als dat niet meer lukt dan zal het zich opnieuw gefaald voelen.
  • Het kind niet afremmen in zijn/haar ontwikkeling door jarenlang te verwachten dat het zich voor uw plezier aanpast aan het tempo van de middelmaat. De schooltijd van een (hoog)begaafd kind bestaat uit wachten. Wachten op een spannend werkje wat te weinig langskomt. Wachten totdat het naar huis of op vakantie mag. Wachten tot de gemiddelde leerlingen ook aan wat nieuws toe zijn. Dagdromen of muiten zijn uitermate geschikte manieren om de tijd te doden als je jaar in jaar uit, schoolplicht hebt en op school 'verwend' wordt met een voor jou te weinig uitdagend/prikkelend leeraanbod; met te veel herhalingen die jij niet nodig hebt.
  • Het kind niet straffen voor het wegdromen of ander onwenselijk gedrag. Verveling is een vreselijke manier om je tijd mee te moeten vullen en uiteindelijk houdt u het zelf in stand zolang u niet de juiste zorgplicht nakomt.
  • Het kind niet laten nablijven om leerstof die het aantoonbaar beheerst, af te maken.
  • Het kind niet belasten met herhalingsleerstof als het zo duidelijk is dat het dat niet (meer) nodig heeft.
  • Het kind niet laten doubleren. (Doubleren is desastreus omdat het dan nog minder uitdaging zal krijgen dan het al kreeg.)
  • Het kind geen extra werk van hetzelfde kaliber opgeven als het naar uw zin (te) snel klaar is (meestal jongetjes), want ook dat helpt hooguit een week aangezien de uitdaging uitblijft. Het kind zal snel weer in het oude gedrag vervallen en bovendien zal hij/zij het onrechtvaardig vinden dat het meer werk moet maken dan de groep, en meer van hetzelfde wordt als dubbel saai beleefd.
  • Niet 'zeuren' over een slordig handschrift maar accepteren dat dit erbij hoort.
  • Niet in het schoolrapport schrijven 'denk aan het tempo!' Sta er vooral bij stil dat opmerkingen in een schoolrapport daar een mensenleven lang blijven staan.

Wel doen:

  • Wel aan uzelf bekennen dat er verschillen zijn tussen leerlingen op elk niveau.
  • Wel aan uzelf bekennen dat u gedurende uw opleiding als leerkracht weinig of niets over zorgleerlingen in de bovenmarge heeft geleerd.
  • Serieus overwegen om u te laten nascholen m.b.t. (hoog)begaafdheid.
  • Erbij stilstaan dat ook (hoog)begaafde kinderen al meer dan 15 jaar recht hebben op adaptief onderwijs en op het doormaken van een ononderbroken ontwikkelingsgang, en dat het nog slechts een kwestie van tijd is dat scholen daadwerkelijk op het uitblijven van deze specifieke zorgplicht zullen worden aangesproken.
  • Wel aan de klas vertellen dat er verschillen zijn tussen mensen, en dat niet elk kind dezelfde hoeveelheid herhalingen (oefenstof) nodig heeft. (Erkenning)
  • Wel compacten en oefenleerstof waar mogelijk laten vervallen en in de tijd die vrijkomt, meer uitdagende leermaterialen aanbieden zodat u kunt ontdekken dat dit toch echt het enige is wat werkt.
  • Wel van toetsblad naar toetsblad laten werken, totdat het vastloopt of te ver op de groep voor komt te liggen. Overmaat aan herhalingsleerstof subiet laten vervallen als het kind dit oefenen aannemelijk niet nodig heeft. Taken compacten/indikken. (Bij rekenen bijvoorbeeld: niet 5 rijen sommen, maar 5 sommen!). Indien het duidelijk is dat de stof wederom snel beheerst wordt, dan weer de overmaat aan herhalingen (oefenstof) laten vervallen en taken in compacte vorm blijven aanbieden, steeds in combinatie met meer uitdagend werk om verveling te voorkomen en om de leergierigheid levend te houden. Als men versnellen wil voorkomen is het een kwestie van meer verdieping en verrijking aanbieden om tempoverschillen op te vangen.
  • Het kind wel laten samenwerken met andere meer en/of (hoog)begaafden.
  • Wel doortoetsen om het niveau vast te stellen. (Alleen als het om een niet reeds afgehaakt (hoog)begaafd kind gaat.) Bij A en/of A en B scores in combinatie met verveling in de klas, serieus overwegen om het kind te laten versnellen om tempoverschillen op te vangen. Bij voornamelijk A en B toetsuitslagen het kind doortoetsen om het niveau vast te stellen. Voorbereiding versnellen: eventuele achterstanden versneld in compacte vorm in combinatie met verbredingmaterialen (!) aanbieden om de overgang soepel te laten verlopen. Uiteraard is doortoetsen alleen zinvol als het kind nog een goede werkhouding heeft. Faalangst en perfectionisme en een slechte inzet voor toetsen, beïnvloeden de uitslag nadelig. Een totale onderpresteerder zal bij het afnemen van toetsen ook niet opbloeien. Hier is het dus belangrijk dat u naar het kind kijkt. Is het een kind wat toetsen plezierig vindt dan is het aan te raden. Is het een kind wat toetsen met hangen en wurgen maakt, dan is doortoetsen zinloos. In sommige gevallen kan een onderpresteerder juist opbloeien bij het maken van toetsen. Vraag aan de ouders hoe het kind de reeds gemaakte toetsen vond. En kijk dus goed naar de werkhouding, het tempo en of het een kind met faalangst betreft of niet.
  • Het kind laten testen door psychologen met specialisatie (hoog)begaafdheid als men twijfelt of men met (hoog)begaafdheid te maken heeft. (Besef wel dat een totaal afgehaakte onderpresteerder en/of dagdromer, ook bij het afnemen van een IQ test niet meer zal kunnen laten zien wat het in huis heeft. Ook faalangst en perfectionisme kunnen een IQ test sterk nadelig beïnvloeden. Testen waarbij met een stopwatch wordt gewerkt halen in geval van perfectionisme, faalangst en onderpresteren, niet uit de fles wat erin zit. Voor het afnemen van IQ testen wordt wel beweerd dat een kind over het algemeen genomen het beste te testen is op zevenjarige leeftijd. Ook hier is voorkomen dus beter dan genezen.
  • Erbij stilstaan dat een kind wel door verschillende factoren lager kan uitkomen bij een IQ test, maar nooit per ongeluk hoger. Bij een kind wat getest wordt terwijl het ongelukkig is en/of last van faalangst heeft, zal (dus) alleen de ondergrens van het IQ kunnen worden vastgesteld. Bij onderpresteerders kan er sprake zijn van onderpresteren tijdens het afnemen van de IQ test.
  • Het kind laten samenwerken met ontwikkelingsgelijken uit de groep, of uit andere groepen of desnoods van andere scholen op van te voren afgesproken tijdstippen.
  • Het kind bij voorkeur niet in zijn/haar eentje aan verdiepende (etc.) materialen laten werken, maar samen met ontwikkelingsgelijken en/of meerbegaafden op van te voren afgesproken tijdstippen. Dit om te voorkomen dat het kind als buitenbeentje wordt beschouwd, of zich zo voelt.
  • Het is een veel gehoord vooroordeel en een misvatting dat gewone leermethoden zouden moeten vervallen of dat ouders van u zouden verwachten dat u deze laat vervallen. Alleen de overmaat aan herhalingen en de leerstof die duidelijk beheerst wordt, hoeft u te laten vervallen. U kunt tijd vrijmaken door herhalingen/oefenleerstof te laten vervallen (afhankelijk per vak) als het kind dat niet meer nodig heeft. Bijvoorbeeld door het kind een tijdje van toetsblad naar toetsblad te laten werken of aan de hand van hoge toetsuitslagen, maar ook bij onderpresteren. Om een te grote voorsprong en/of eventueel versnellen te voorkomen biedt u in de daardoor vrijgekomen tijd meer uitdaging aan. Ziet u het verschil?
  • OBD bellen en vragen of zij u voor deze groep ontwikkelde leermaterialen kunnen lenen of verhuren. Zo niet, vraag hen dan meteen waarom ze die nog niet in huis hebben.
  • Met ouders in gesprek blijven en hun constante zorg, en hun kind, serieus nemen.
  • Het meer uitdagende werk ook nakijken, beoordelen en honoreren op het schoolrapport (!) (Doet u dat niet dan werkt u ook demotivatie voor het uitdagende werk in de hand want zo eenvoudig werkt het.)
  • Contact opnemen met andere basisscholen waar men al wel een goed opgezet (hoog)begaafden beleid voert om er grip op te krijgen. (Aanrader!) Probleem: bijna elke basisschool beweerd dat zij rekening houden met verschillen in de bovenmarge terwijl zij geen duidelijk beleid voor deze kinderen hebben. U heeft dus alleen iets aan de ervaring van scholen waar leden van het team zich daadwerkelijk hebben laten nascholen m.b.t. (hoog)begaafdheid, en waar ze compacten in combinatie met het aanbieden van verrijkende en/of verdiepende leerstof. Neem eens contact op met een begaafdheidsprofielschool of met de Leonardostichting om te vragen hoe u het het beste aan kunt pakken.
  • U kunt ook contact opnemen met ouderverenigingen of LICH voor gratis advies. U kunt ook contact opnemen met instanties die namens de overheid informatie over (hoog)begaafdheid aanbieden, zoals het Ministerie van Onderwijs & Cultuur en Wetenschappen, en SLO.
  • Nadenken over het begrip zorgleerling, en of het logisch zou kunnen zijn of niet alleen kinderen die een trage ontwikkeling doormaken, maar ook leerlingen die juist een snelle ontwikkeling (kunnen) doormaken beiden zorgleerlingen zijn, juist omdat ze zich niet kunnen aanpassen aan de middelmaat.
  • Ophouden te verwachten dat (hoog)begaafde kinderen zich aanpassen aan de middelmaat. Het kind zit niet op school om u, de middelmaat, of een verouderd schoolsysteem te plezieren. Het zit op school om iets te leren en heeft recht op een ononderbroken ontwikkelingsgang.
  • Nog even stilstaan bij het begrip 'adaptief onderwijs' en u afvragen of het redelijk is om ervan uit te gaan dat deze mooie vlieger alleen maar opgaat voor achterlopers en gemiddelde leerlingen.
  • Nog even stilstaan bij het begrip 'adaptief onderwijs' en u afvragen waarom u alleen van (hoog)begaafden vraagt om beneden hun capaciteiten te werken en daar jarenlang plezier in te hebben.
  • Erbij stilstaan dat (hoog)begaafdheid niets nieuws is, maar dat het 'nieuw' is dat het erkend wordt door de overheid, en dat ouders er aandacht voor vragen.
  • Erbij stilstaan dat deze ouders en hun grootouders in veel gevallen, dezelfde problemen hebben doorgemaakt in het onderwijs van vroeger, als hun nazaten nu.
  • U afvragen of de overheid onder andere het Landelijk Informatie Centrum Hoogbegaafdheid met zeer veel geld subsidieert omdat zij (hoog)begaafdheid tegenwoordig serieus nemen, of dat de overheid het niet serieus neemt maar misschien gewoon van dat geld afmoest.
  • Erbij stilstaan dat schoolinspecties scholen harder gaan aanpakken indien de juiste zorgplicht voor (hoog)begaafden ontbreekt.

Zie ook verderop in deze cursus: Verbreden en verrijken met minimale tijdsinvestering voor de leerkracht.

Het totaal afgehaakte (hoog)begaafde kind:

  • Heeft veel aansporing van de leerkracht nodig om zich aan te passen aan de leerbehoeftes (lees wensen) van de gemiddelde leerlingen, en wordt geacht om jaar in, jaar uit over de verveling heen te werken.
  • Heeft als gevolg hiervan het gevoel dat het anders is en niet goed.
  • Heeft als gevolg hiervan een laag zelfbeeld.
  • Heeft als gevolg hiervan weinig of geen vriendschappen (meer).
  • Is perfectionistisch en heeft last van faalangst.
  • Is dikwijls een van uw ongelukkigste leerlingen.
  • Wordt als te druk en lastig ervaren.
  • Wordt als te traag en lastig ervaren.
  • Wordt als ongemotiveerd en lastig ervaren.
  • Is afhankelijk van uw ervaring met (hoog)begaafdheid of uw bereidheid tot het verkrijgen daarvan.
  • Wacht jaar in jaar uit op een passend leeraanbod.
  • Voert niets meer uit - brengt de dagen dagdromend door om de tijd te doden. (Meestal meisjes.)
  • Presteert steeds minder en steeds verder beneden de aannemelijke capaciteiten en kan dat zelf niet omkeren.
  • Wordt door leerkrachten als lastig ervaren omdat het pushen van de leerkracht geen effect (meer) heeft.
  • Vindt geen aansluiting bij leeftijdsgenoten en is daardoor eenzaam of wordt gepest.
  • Is gebaat bij een periode van rust (niet meer pushen) als het ook niet meer te motiveren is voor uitdagend werk.
  • Is niet gebaat bij beloningssystemen als het zich aanpast aan de lesstof van de klas (integendeel), maar bij een programma dat is aangepast aan zijn/haar capaciteiten. Compacten altijd in combinatie met verbreding, verrijking, verdieping van de leerstof.
  • Wordt ook in een uitzonderingspositie gehouden door (het te laten) wegdromen of ander sociaal onwenselijk gedrag (klieren en muiten).
  • Wordt in een uitzonderingspositie gehouden met beloningsystemen die niet bij de leeftijd passen. (Stickers, plaatjes.)
  • Wordt in een uitzonderingspositie gehouden omdat adaptief onderwijs aan zijn/haar neus voorbij gaat.
  • Verveeld zich niet voor zijn/haar plezier, maar om u een plezier te doen en in dat geval ook omdat u geen kennis heeft m.b.t. de begeleiding van (hoog)begaafde kinderen.
  • Maken zeer dikwijls geen een opleiding af omdat hen op de basisschool werd afgeleerd zich te kunnen concentreren.
  • Heeft geen leerstrategieën ontwikkeld (weet niet hoe het leren moet), aangezien het geen leerstrategieën nodig had zolang het kind niet oplette en toch nog goed presteerde.

Signalen van onderpresteren (deze komen veel voor bij (hoog)begaafden):

  • Hoofdpijn, buikpijn, misselijk, eczeem (vaker bij meisjes)
  • Tics (uiting van de spanningen die het op school heeft)
  • Expressief of agressief gedrag thuis of op school (vaker bij jongetjes)
  • Onaangepast gedrag
  • Aandacht vragen door druk zijn (vaker jongens) of terugtrekken (vaker meisjes)
  • Dagdromen (frequent bij meisjes als gevolg van te saai leeraanbod)
  • Ontwikkelingsstagnatie, of zelfs regressie.
  • Wordt onzelfstandig en vertoont afhankelijk gedrag
  • Wordt juist als te zelfstandig en te eenzelvig bestempeld.
  • Op school eenvoudiger tekenen en knutselen dan thuis, zelfs van tekenen weer terug naar krassen of tekent werk van andere leerlingen na om erbij te horen.
  • Probeert middelmatig te presteren omdat dat van haar/hem verwacht wordt.
  • Voert niets meer uit en lijkt een zwakke leerling
  • Indien in een taak zowel optelsommen als aftreksommen staan, gaat het kind op de automatische piloot werken door gebrek aan motivatie bij het maken van b.v. het te gemakkelijk rekenwerk. Na het optellen gaat het dan gewoon door met optellen terwijl er aftreksommen staan, en visa versa. Ook dit zijn slordigheidfouten door gebrek aan concentratie. [/L]
  • Perfectionisme/faalangst
  • Heeft veel aansporing nodig om door te werken
  • Negatieve aandacht vragen door expres fouten te maken
  • Algemene gedragsproblemen
  • De leerling heeft kennis die nog niet in de groep behandeld is
  • Bij meer ingewikkelde vragen geeft de leerling het goede antwoord
  • Interesse in moeilijkere onderwerpen (bloeit even op)
  • Steeds minder goede resultaten LVS
  • Opvallend wisselende resultaten op school
  • Opvallend laag werktempo
  • Afnemend of volledig initiatief verlies op allerlei gebied
  • Kan niet plannen
  • Maakt toetsen en/of werk niet of maar gedeeltelijk (ernstig onderpresteren)
  • Is op school een ander kind dan thuis
  • Interesses doven uit (kind geeft het wachten op)
  • Motivatie gaat stuk (kind haakt volledig af)
  • Wil niet meer naar school
  • Is slecht of niet meer te motiveren
  • Verlies van spontaniteit
  • Verlies van zelfvertrouwen
  • Verlies van interesse voor schoolse zaken in het algemeen
  • Terugtrekken en isolement
  • Depressieve gevoelens
  • Gedachten aan doodgaan

Misvattingen en verkeerde 'diagnoses' uit de oude doos:

  • De leerkracht denkt dat het kind een stoornis in de sociaal emotionele ontwikkeling heeft.
  • De leerkracht denkt dat het kind emotioneel onrijp is
  • De leerkracht geloofd niet dat psychiaters of psychologen verstand van (hoog)begaafdheid hebben en dus worden adviezen van deze deskundigen genegeerd of in twijfel getrokken.
  • De leerkracht denkt dat het afgehaakte kind tijd zit te verdromen omdat het geen tijdsbegrip heeft.
  • De leerkracht denkt dat het kind een laag werktempo heeft omdat het bang is om aan een werkje te beginnen.
  • De leerkracht denkt dat de ouders het kind te veel pushen. (De leerkracht staat er dan niet bij stil dat het kind juist op school ge-pushed wordt om gemotiveerd te raken voor te saai en te weinig uitdagend werk, en dat ouders slechts willen dat hun kind een leuke schooltijd doormaakt.)
  • De leerkracht denkt dat de ouders het kind opstoken om niet door te werken.
  • De leerkracht denkt dat muitende (hoog)begaafde jongetjes gewoon lastig zijn op school, omdat ze thuis verwend worden.
  • De leerkracht denkt dat kinderen met een hoge intelligentie zich niet kunnen vervelen bij werk wat is afgestemd op gemiddelden.
  • De leerkracht denkt dat kinderen zich niet zouden behoren te vervelen bij werk waarvoor de meeste kinderen zich in moeten spannen.
  • De leerkracht denkt dat een (hoog)begaafd kind zich wel redt omdat het aangeboden werk hen gemakkelijk af zou moeten gaan. (Dat niemand ervan houdt om zich jarenlang te vervelen, lijkt dan geen eye opener.)
  • De leerkracht denkt dat een (hoog)begaafd jongetje op Albert Einstein zou moeten lijken.
  • De leerkracht denkt dat Roald Dahl met zijn boek Mathilda, een realistisch beeld heeft geschetst van een (hoog)begaafd meisje.
  • De leerkracht denkt dat een (hoog)begaafd kind graag Hamlet van Shakespeare leest.
  • De leerkracht denkt dat het kind ADHD heeft.
  • De leerkracht denkt dat het kind ADD heeft.
  • De leerkracht denkt dat het wegdromende/eenzelvige kind autistisch is.
  • De leerkracht denkt dat het kind dyslectisch is
  • De leerkracht denkt dat een (hoog)begaafd kind wat zich niet kan concentreren door demotivatie voor het te saaie werk, gebaat is bij Ritalin.
  • De leerkracht denkt dat het kind er gewoon zelf voor kiest om zijn/haar schooltijd in een isolement door te brengen.
  • De leerkracht denkt dat het (nog actieve) kind te zelfstandig is.
  • De leerkracht denkt dat het (inmiddels passieve) kind te onzelfstandig is.
  • De leerkracht kan maar niet geloven dat het de leerkracht zelf is die niet de juiste attitude heeft tegenover het probleem, de herkenning en de begeleiding.
  • De leerkracht gelooft wél in rekening houden met verschillen tussen leerlingen, maar alleen met verschillen tussen de [L]gemiddelde leerlingen en de zorgleerlingen aan de ondermarge.
  • De leerkracht denkt dat (hoog)begaafdheid niet bestaat.
  • De leerkracht denkt dat (hoog)begaafdheid net zo weinig voorkomt in Nederland als malaria.
  • De leerkracht denkt dat (hoog)begaafdheid op zijn school al helemaal niet voorkomt. (Statistisch gezien zitten er in elke groep 1 tot 2 hoogbegaafden. Als u er van uitgaat dat meer begaafden dezelfde problemen kunnen doormaken als hoogbegaafden, zijn dat er zelfs nog meer.) De vraag is dus niet of hoogbegaafde leerlingen bestaan, maar hoeveel u er reeds over het hoofd heeft gezien.
  • De leerkracht denkt dat ouders van (hoog)begaafde kinderen willen dat hun kind niet meer aan de gewone leermethoden werkt, maar dat het de hele dag wat anders mag doen.
  • De leerkracht denkt dat een 'individuele begeleiding' hetzelfde is als een, één op één situatie.
  • De leerkracht meent dat het niet zijn/haar verantwoordelijkheid is dat er gedurende zijn opleiding weinig of geen aandacht aan (hoog)begaafdheid werd gegeven en voert dit als argument aan om zich te ontrekken aan de juiste zorgplicht voor de (hoog)begaafde leerling.

Wat maken (hoog)begaafde kinderen helaas niet zelden mee?

  • Vervelen zich dag in dag uit op school, jaar in, jaar uit. Dit begint vaak al in de kleutergroepen.
  • Zitten in een chronische uitzonderingspositie omdat alleen voor hen adaptief onderwijs uitblijft
  • Somatische klachten, hoofdpijn, buikpijn, duizeligheid, zweten, angst.
  • Van spanning krijgen velen tics of huiduitslag.
  • Onjuiste stigma's in het schooldossier.
  • Weinig of geen vriendschappen.
  • Vooroordeel tegen (hoog)begaafdheid.
  • Afnemend zelfvertrouwen, laag zelfbeeld.
  • Worden perfectionistisch en krijgen faalangst.
  • Sociaal isolement.
  • Eenzaamheid.
  • Gepest worden.
  • Leerkrachten pushen het kind om weer gemotiveerd te raken voor werk waarvoor het in de loop der jaren gedemotiveerd geraakt is.
  • Het gevoel dat ze anders zijn. (Ziet niets van zichzelf terug in leeftijdsgenoten en is de enige die door de leerkracht moet worden ge-pushed om beneden zijn/haar capaciteiten te werken.)
  • Mag geen ononderbroken ontwikkelingsgang doormaken maar wordt voortdurend afgeremd in zijn/haar ontwikkeling.
  • Straf, nablijven, binnenblijven, huiswerk.
  • Moet (te snel gemaakt) slordig werk uitgummen en het van de leerkracht nogmaals maken om tempoverschillen op te vangen.
  • De leerkracht denkt dat het voldoende is om alleen maar een beetje te compacten zodat tempoverschillen worden opgevangen, en dat verrijking e.d niet nodig is.
  • Worden meestal begeleid door leerkrachten die geen kennis hebben van (hoog)begaafdheid.
  • Dienen zich jaar in, jaar uit aan te passen en beneden hun capaciteiten te werken.
  • Komen nog te vaak ten onrechte in het speciaal onderwijs terecht.
  • Veranderen een of meerdere keren van school.
  • Maken geen toetsen meer of ongemotiveerd, en komen daardoor op laag VO terecht.
  • Maken de toetsen nog wel goed maar komen toch op laag VO terecht omdat de leerkracht/school nou eenmaal denkt dat deze ongemotiveerde kinderen gebaat zijn bij weinig uitdagend werk.
  • Onderpresteren als gevolg van te weinig intellectuele uitdaging en dit neemt met de jaren toe.
  • Verlaten na enkele jaren VO, als totale drop-outs de middelbare school, zonder een opleiding te hebben afgemaakt; of blijken op het VWO niet te weten hoe ze leren moeten omdat zij geen leerstrategieën hebben ontwikkeld aangezien dat te lang niet nodig was, en zakken dan af van VWO naar HAVO, VMBO, enzovoorts.

Waar kunt u beginnen?

  • Bij uzelf. Staat u als leerkracht open voor alle verschillen of meent u dat er alleen trage en gemiddelde leerlingen bestaan?
  • Wat doet u reeds met het begrip adaptief onderwijs als u aan (hoog)begaafdheid denkt?
  • Vraag u af hoeveel aandacht er in uw opleiding werd besteed aan zorgleerlingen aan de bovenkant. Valt dit tegen? Dan weet u er gewoon weinig vanaf dus kies voor nascholing m.b.t. hoogbegaafdheid.
  • Ouderverenigingen LICH, Pharos, Hint, Goochem, om advies en hulp vragen. Deze weten echt alles van (hoog)begaafdheid af en houden zich daar al jaren mee bezig. Ze zullen u graag te woord staan. De telefoonnummers vindt u onderaan deze tekst.
  • LICH (Landelijk Informatie centrum Hoogbegaafdheid) ontvangt een flink bedrag aan subsidie van de overheid om leerkrachten en ouders te adviseren. Hou dit in gedachten. Het probleem wordt officieel erkend.
  • Compacten van te weinig uitdagend werk (overdaad aan oefenstof ook laten vervallen!) en in de daardoor vrijgekomen tijd voor deze leerlingen ontwikkelde leermaterialen aanbieden.
  • Speel open kaart tegen de klas en vertel iets over verschillen tussen ALLE leerlingen. Geef een (hoog)begaafd kind erkenning. Dat lukt u immers al jaren met de zorgleerlingen aan de ondermarge, die niet gedemotiveerd raken ondanks dat de gemiddelde leerlingen sneller door de leerstof gaan dan de zorgleerlingen aan de ondermarge.
  • (Hoog)begaafden en/of meerbegaafden laten samenwerken aan dezelfde materialen. Er zitten in de groep of op uw school ongetwijfeld nog meer leerlingen die met plezier aan de meer uitdagende opdrachten zouden kunnen werken. Probeer dit te realiseren en zie het als uw persoonlijke uitdaging om adaptief onderwijs te realiseren voor al uw leerlingen.
  • OBD bellen en vragen of zij verbredingmaterialen te leen of te huur hebben. Treft u een OBD die deze niet in huis heeft, maakt u zich dan geen illusie dat men dan de expertise m.b.t. (hoog)begaafdheid wel in huis heeft. Snel een andere OBD bellen maar.
  • Nu eindelijk eens dat (hoog)begaafden beleid van de grond trekken door middel van de teamvergadering op uw school, zodat niet elk schooljaar, elke leerkracht het wiel opnieuw hoeft uit te vinden. Een bereidwillige leerkracht is als een druppel op een gloeiende plaat in het leven van een (hoog)begaafd kind. Het jaar daarop moet het wiel weer opnieuw worden uitgevonden, en ga zo maar door.
  • Ouders van (hoog)begaafde leerlingen die getest zijn, hebben zich meestal zeer goed in de problematiek verdiept. Luister naar hen en laat hen meedenken.
  • Een verrijkingklasje starten voor alle kinderen die zich op school lijken te vervelen omdat een hoge intelligentie vermoedt wordt. Deze kinderen een paar uurtjes per week bij elkaar laten komen en samen laten werken aan uitdagende leermaterialen.
  • U geen zorgen maken over leeftijdsverschillen binnen een verrijkingsklasje. (Hoog)begaafde kinderen vinden dit vaak juist prettig en kunnen hun bedekte leidinggevende capaciteiten eindelijk eens op elkaar botvieren.
  • Contact opnemen met instanties die u informatie kunnen verstrekken over hoogbegaafdheid.
  • Het probleem niet groter maken dan het is. Leerkrachten die (hoog)begaafde kinderen willen aanpassen aan het (ontwikkeling)s tempo van gemiddelde leerlingen, zijn het grootste probleem voor (hoog)begaafden en hun ouders.

Verbreden en verrijken met minimale tijdsinvestering voor de leerkracht:

  • U belt de OBD, Hint of Pharos en vraagt of zij geschikte materialen voor (hoog)begaafden te leen hebben. (U zult dan dikwijls alleen de kopie en portokosten hoeven te vergoeden)
  • Overdaad aan oefenstof laten vervallen en beginnen met compacten.
  • Van toetsblad naar toetsblad laten werken.
  • Moeilijker werk aanbieden voor vakken waarbij het kind aantoonbaar voorligt. De ruif wat hoger hangen.
  • U wilt niet dat het kind te ver voor komt te liggen op de groep? Dan zoekt u minimaal een of twee leerlingen die met de (hoog)begaafde leerling (enkele uren per week) kunnen samenwerken aan iets anders om tempoverschillen op te vangen.
  • Indien de rest van de groep protesteert legt u aan de groep iets uit over verschillen tussen leerlingen en doet daar niet geheimzinnig over.
  • Indien u zonder speciale materialen aan de slag wilt kunt u denken aan een werkstuk over een onderwerp wat de (hoog)begaafde kinderen echt interesseert en hen daar in de vrijgekomen tijd aan laten samenwerken; of elk kind aan zijn eigen werkstuk laten werken waarbij u er toch een opdracht aan koppelt waarbij het op samenwerken aankomt, bijv. iedereen maakt een werkstuk over enkele planeten en samen vormen deze een werkstuk over alle planeten in ons zonnestelsel; of de een werkt aan een werkstuk over omnivoren en de andere aan een werkstuk over carnivoren en een derde aan een werkstuk over herbivoren; of het laten leren van een taal die niet op het VO wordt onderwezen; of de (hoog)begaafde leerlingen een website over (hoog)begaafdheid of een ander onderwerp laten maken; of een pagina van een krant laten maken met (zelfs geschreven) artikelen, waarbij u verwacht dat ze zich ook nog eens verdiepen in het begrip 'plannen' lay out, kopteksten, e.d
  • Boekjes over bepaalde leerzame onderwerpen laten lezen en hen er een opstel over laten schrijven.
  • De (hoog)begaafde kinderen websites (die op internet en o.a. verderop in deze cursus staan) over een bepaald onderwerp laten opzoeken en daar een opdracht aan verbinden.
  • Informatie laten verzamelen over dinosauriërs, planeten, filosofen, schrijvers, kunstenaar(s), componisten, gesteenten en mineralen, etc. en hen tijdlijn posters laten maken over deze onderwerpen die van een bepaald formaat, en voorzien van plaatjes en/of tekeningen, en informatief moeten zijn.
  • Voorbeelden van eenvoudig uit te voeren opdrachten waarbij gebruik kan worden gemaakt van internet of de bibliotheek: 1) Welke mensen op aarde zijn het langste en welke mensen het kleinste en welke factoren bepalen deze verschillen in lengte tussen mensen? 2) Wat is evolutie? 3) Wat is filosofie? 4) Vertel iets over verschillende stromingen in de kunst. 5) Waarom waren veel dinosauriërs zo groot? 6) Wat zijn microben? 7)Wat is het verschil tussen bacteriën en virussen? 8)Wat is een parasiet? 9) Wat is het verschil tussen intrinsieke en extrinsieke motivatie? 10) Waarom kan een vis ademhalen onder water? 11) Bereid een goed interview voor en interview (eventueel telefonisch) een slager, een redacteur van een uitgeverij, een kunstenaar, een bekende schrijver, of een leerkracht, etc. 12) Vertel iets over de 'zeven' wereldwonderen. Zijn het er eigenlijk wel zeven? 13) Wat verstaat men nou eigenlijk onder een sekte? 14) In welke landen staan piramides en door wie zijn ze gebouwd? Etc.
  • U kijkt het extra werk altijd na en honoreert het ook op het schoolrapport. (!)

In feite zijn de mogelijkheden voor verrijking en verdieping e.d talrijk. Bovenstaande voorbeelden zijn dingen die in mijn hoofd opkwamen. Het is wel zo dat u zonder aanschaf van voor de doelgroep ontwikkelde materialen misschien kans loopt dat u snel bent uitgespeeld. Dit is dan geheel afhankelijk van uw eigen creativiteit. Bovendien moet u rekening houden met de leeftijd van het kind. Het spreekt voor zich dat jongere kinderen op een andere manier benaderd moeten worden dan oudere. Ook mag de opdracht niet te vrijblijvend zijn maar u moet een heel duidelijk doel voor ogen hebben om te voorkomen dat de opdracht te beperkt en te vrijblijvend is. In overleg met deze leerlingen en/of hun ouders zal u er echter snel achter komen waar hun interesses liggen en daar kunt u op inspelen. Uw doel is om verveling te voorkomen.


Welke materialen zijn er zoal op de markt voor Signalering en Identificatie van (hoog)Begaafde Leerlingen in het PO?

Si-Bel (hoog)begaafdheid (Eduforce 45 euro)
SI-DI protocol (hoog)begaafdheid (Eduforce 65 euro)
Telefoon: (058) 284 34 34
E-mail: uitgeverij@gco.nl

Adressen en telefoonnummers:

  • Plato/LICH (Landelijk Informatie Centrum Hoogbegaafdheid): http://www.plato.caiw.nl/ LICH wordt gesubsidieerd door de overheid en wil een vraagbaak zijn voor ouders en begeleiders. Telefoon (informatienummer): Het nummer 0174-294710 is te bereiken op werkdagen van 0900 - 13.00 uur. Zij hebben ook prachtige en betaalbare materialen in huis om deze kinderen weer op de rails te zetten. (Hoogbegaafde kinderen in actie!) Zie ook verderop in deze cursus onder' leermaterialen voor (hoog)begaafden.'

  • Pharos (Oudervereniging): http://www.pharosnl.nl/ Telefoon: 0900 899 60 15 (€ 0.20 per minuut.) Het nummer is te bereiken op maandag t/m vrijdag van 09.00 - 11.30 uur, en tevens van 13.00 - 15.00 uur. Van maandag t/m donderdag ook 's avonds tussen 19.00 - 21.00 uur.

  • Hint (vereniging van belangenbehartiging voor hoogbegaafden in onderwijs en ontwikkeling): http://www.hintnederland.nl/ Telefoon: 023 - 5479784 (Noord en Zuid Holland).

  • Choochem (vereniging voor hoogbegaafde Christenen): http://www.choochem.nl/ Telefoon: 0900 - 2022021. Het nummer is te bereiken op werkdagen van 10.00 - 12.00 uur. Op woensdag en vrijdag ook tussen 14.00 - 16.00 uur. Op dinsdag en donderdag ook 's avonds tussen 19.30 - 22.30 uur.

  • Mensa Vereniging voor volwassenen.(!) Altijd handig als u vermoed dat u een hoogbegaafde leerkracht bent. Ha! http://www.mensa.nl/ Telefoon: 030 - 2545008.

  • Landelijk Informatiepunt Hoogbegaafdheid Primair Onderwijs heeft de kenmerken van o.a. (hoog)begaafdheid en o.a. onderprestatie op een rijtje gezet, dus zowel de positieve als negatieve signalen. Neem de moeite om even naar deze pagina door te surfen en sla de pagina op onder de favorieten van de computer in de lerarenkamer: www.infohoogbegaafd.nl

Leonardoscholen en Begaafdheidsprofiel scholen

Aan (hoog)begaafdheid wordt gelukkig steeds vaker aandacht gegeven in de media. Door de volhardende acties van verschillende ouderverenigingen en/of overige instanties (zoals het CPS), die zich met hoogbegaafdheid bezighouden, zijn er een groeiend aantal begaafheidsprofielscholen in Nederland. Ook zijn er Leonardoscholen, een geweldig initiatief van voormalig schooldirecteur Jan Hendrickx, die het doel nastreeft om in heel Nederland Leonardoscholen te 'plaatsen'. De Leonardostichting is hard op weg om aan deze doelstelling te voldoen.
  • Indien je/u als ouder, leerkracht (of als leerling) meer wilt weten over deze scholen kunt u/jij er meer over lezen op de website van het CPS, of op de website van de Leonardostichting.
  • Lees meer over het veelbelovende Leonardo intitiatief van voormalig schooldirecteur Jan Hendrickx, in een krantenartikel van De Limburger

Internetadressen, met allerlei verzamelde links:

  • http://www.docentenplein.nl/hoogbegaafdheid.htm
  • http://hoogbegaafd.pagina.nl/
  • http://www.startkabel.nl/k/hoogbegaafdheid/
  • http://www.hoogbegaafdheid.nl/links.html

Enkele uitdagende websites voor (hoog)begaafde leerlingen:

  • http://www.sodaplay.com/ (Zelf constructies bouwen die nog kunnen lopen en dansen ook!)
  • http://hoogbegaafd.pagina.nl/ (staan ook verschillende interessante en leerzame links op voor (hoog)begaafde kinderen.
  • http://www.vectorpark.com/ (Problemen oplossen m.b.t. evenwicht en andere zaken. Flash.)
  • http://www.distorter.net/builder/ (Virtueel lego)
  • http://www.wijsneus.org/ Filosoferen met kinderen.
  • http://www.socsci.kun.nl/ped/owk/activeworlds/docenten.html Active Worlds docentenpagina legt u uit hoe u met Active Worlds op school kunt werken. De website van Active Worlds vind u hier http://www.activeworlds.com/ en is niet geschikt om kinderen alleen te laten bezoeken aangezien wereldwijd mensen gebruik maken van deze site en men onderweg allerlei avatars uit andere landen kan tegenkomen die soms grof taalgebruik niet schuwen. U moet zich eerst aanmelden alvorens u kunt gaan rondkijken. Het is zonder meer een van de meest indrukwekkende sites die ik op internet ben tegengekomen. U kunt gratis gebruik maken van Active Worlds en in sommige virtuele werelden kan gratis gebouwd worden en er wordt ook les in het bouwen gegeven. Tegen abonnementskosten kunnen eigen virtuele werelden beheerd en uitgebouwd worden, maar ook zonder abonnement is er te bouwen en zoveel te zien en te doen dat we ons mogen blijven verbazen over de wondere wereld van internet.

Adressen voor nascholing m.b.t. (hoog)begaafdheid:

  • SLO organiseert cursussen 'Professioneel omgaan met hoogbegaafdheid.' Tel: 053 - 4 840 840 (Vragen naar de afdeling Publieksvoorlichting)
  • Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen http://www.minocw.nl/
  • Voor een uitgebreide cursus 'Landelijk Informatie Centrum Hoogbegaafdheid': http://www.plato.caiw.nl/
  • De site van E. van Gerven: http://home.planet.nl/~gerve148/index.htm. Bevat aankondigingen van cursussen, en informatie.

Bovenstaande adressen en instanties zijn slechts een greep uit de vele instellingen, websites, deskundigen en uitgeverijen, die zich in meer of mindere mate met (hoog)begaafdheid bezighouden.
© 2008 - 2010 Kisses, gepubliceerd in Diversen (Educatie en School) op 23-06-2008, laatst gewijzigd op 08-07-2008. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Kisses is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen

Bronnen en/of referenties

  • Deze cursus werd/wordt met mijn toestemming (onder andere) (eerder) gepubliceerd op de website van Docentenplein en van de universiteit van Amsterdam ilo/uva.

Reageer op het artikel "Cursus hoogbegaafdheid voor leerkrachten"


Door Ervaren op 13-09-2009

Ik denk dat we met z'n allen moeten uitkijken met IQ testen, ik maak nog dagelijks mee dat iemand die hoogbegaafd later schijnt te zijn, vroeger een zwakbegaafd IQ tijdens een IQ test gekregen heeft. Gekte en genialiteit ligt dicht bij elkaar. Denk ook aan het aspergersyndroom of PDD-NOS deze mensen zijn vaker hoogbegaafd dat wij denken, zo zien we maar weer een stoornis kan hoogbegaafdheid versterken en verslechteren. Denk aan Einstein en meerdere geleerden en filosofen de denkwijze / missie/ doel die zij hadden, kwam door een stoornis. Bij asperger ligt dit op de "wereld willen doorgronden" even als bij PDD-NOS of HVA en dwingt tot de beste denkwijze. Reactie infoteur op 13-09-2009:Het is een misvatting om te denken dat hoogbegaafdheid kan versterken of verslechteren. Een ziekte kan verergeren of verslechteren, hoogbegaafdheid is echter geen ziekte of afwijking. Hoogbegaafden die te lang aan hun lot worden overgelaten op school kunnen wel heel vreemd gedrag gaan vertonen, zoals een intens gebrek aan interesse en motivatie, waardoor zelfs apathie en sociale isolatie kan optreden. Wat door leerkrachten weer onterecht voor een stoornis in het autistisch spectrum wordt aangezien of ten onrechte als onvermogen om te leren. Het is een drama dat leerkrachten in opleiding nog steeds zo goed als niets leren over hoogbegaafdheid, waardoor het vooroordeel vanuit het onderwijs steeds weer hardnekkig blijkt. Het is blijkbaar moeilijk te accepteren dat er verschillen zijn tussen leerlingen op elk niveau van intelligentie.
U stelt verder dat gekte en genialiteit dicht bij elkaar liggen. Dat kan best zijn, hoewel ook daar het vooroordeel sterk op de loer lijkt te liggen. Hoogbegaafden zijn echter niet per definitie genieën, hoewel genieën natuurlijk wel hoogbegaafd kunnen zijn. U haalt Einstein aan als voorbeeld. Dat hij een stoornis zou hebben gehad is postuum vastgesteld, niet door onderzoek en niet doordat hij gesprekken heft gehad met wetenschappers. Het is dus helemaal niet vastgesteld dat Einstein een stoornis had. Einstein kan zich net meer verdedigen tegen dergelijke slecht onderbouwde vooroordelen, die door mensen die hem niet gekend hebben, geventileerd worden.
Hoogbegaafde mensen zijn overigens vaak erg op zichzelf omdat ze (te) weinig mensen in hun omgeving tegenkomen die ongeveer net zo in elkaar steken als zijzelf. Dan vind je weinig aansluiting bij anderen en dan sluit je je maar een beetje op in je eigen denkwereld, er is toch geen kip die je begrijpt. Er zijn dan altijd wel een paar mensen (vaak uit het onderwijs) die denken ‘zou het Asperger zijn?’
Wat de boer niet kent… maar wat de boer wel kent, schept hij wellicht te vaak op zijn bordje. Wees voorzichtig met stigmatiseren want straks heeft 50% van de kinderen een stoornis in het autistisch spectrum of ADHD of ADD. De enige die daar blij van worden zijn de farmaceutische industrieën die Ritalin verstrekken en de scholen die rugzakjes krijgen voor zoveel gestoorde kinderen. Ik voorspel u dat men er over 20-50 jaar heel anders over zal denken. Kijk anders de signaleringslijsten er nog eens op na en leg de signaleringslijstjes van Asperger of andere stoornissen autistisch spectrum eens naast de signaleringslijst voor hoogbegaafdheid. Misschien gaan uw ogen dan open. Het is de hoogste tijd.
Door de meute wordt hoogbegaafdheid al snel uitgelegd als een stoornis, maar in feite is het een talent. Er zijn nu eenmaal mensen met een hoog IQ, hoewel ze in de minderheid zijn. Door ze autistisch te noemen zal het iq niet lager worden en er is geen medicijn tegen hoogbegaafd zijn. Ik hoop dat het vooroordeel ooit verbleekt door interesse. We blijven hopen.:)

Door Léonore Berntsen vd Zand op 13-02-2009

Wat een uitgebreid en grondig artikel,geweldig!!Ik ben al 30 jaar met HB bezig,omdat wij 3 HB kinderen hebben.Onze zoon kwam als 8 jarige als eerste hiermee op de tv bij Brandpunt om aandacht voor de problemen van HB kinderen te vragen. Ik zal de 'lijdensweg door het onderwijs van hen besparen.Gelukkig was er de Binetstichting met verrijkingsklasjes en hebben we Pharos opgericht,met oa een hulp/ondersteuningsgroep voor onderpresteerders.Ongelooflijk wat daar een verdriet is langsgekomen.Ik mis wel de link bij U met Adhd /hoogbegaafdheid,een onmogenlijke combinatie die toch heel veel voorkomt bii HBers,Het is ongelooflijk hoeveel talent er is verknald door onwetendheid en misplaatste jalouziebij oa leerkrachten en schoolbegeleidingsdiensten.Ik heb veel ervaring/kennis in huis,wie weet komt het nog van pas. Ik ben wel van mening,en daar hoor ik de Leonardoscholen niet over ,dat HB kinderen les zouden moeten krijgen van HBdocenten.Op bijv een Conservatorium krijgen bijv de viooltoptalenten toch ook geen les van de viooldocent om de hoek...Veel succes,Léonore. Reactie infoteur op 13-09-2009:Beste Leonore,

Dank voor je reactie. IK heb je ractie eerder over het hoofd gezien. Ik begrijp je uitgangspunt wat het Leonardo betreft, maar even een vraag: hoeveel hoogbegaafde leerkrachten zijn er te vinden (die dus getest zijn) die dan ook nog eens hun baan moeten opgeven om op een Leonardoklas les te gaan geven? Dat wordt in elke gemeente zoeken naar spelden in een hooiberg. Persoonlijk denk ik daarom dat leerkrachten die zich betrokken voelen bij de doelgroep en die hoogbegaafdheid echt begrijpen, al een wereld van verschil kunnen maken.
Wat ADHD betreft ben ik voorzichtig omdat ik geen vertrouwen heb in de diagnose adhd. Te vaak is het voor het onderwijs te gemakkelijk om kinderen die niet meelopen met de massa, aan de Ritalin te sturen en te begeleiden. Ik vind het een enge ontwikkeling die al jaren gaande is. Zo ook stoornissen in het autistisch spectrum waar de signaleringslijsten de diagnsoe bepalen. Ik heb wel hoogbegaafden gezien die als autisten worden beschouwd, of die adhd of add etc. als diagnose krijgen opgeplakt, alleen omdat men hoogbegaafdheid niet begrijpt. Dat komt mij te vaak voor. Anderen kunnen andere ervaringen hebben en waar de grens ligt zal in de toekomst moeten blijken. Ik denk dat Ritalin op den duur zichzelf zal uit selecteren. Waar veel geld wordt verdiend wordt veel verzwegen.:)