Taal en Modalverben

Duitse grammatica: vervoeging Modalverben dürfen, können etc

Duitse grammatica: vervoeging Modalverben dürfen, können etc

In dit deel van deze special over Duitse grammatica staan we stil bij de Duitse 'Modalverben', oftewel de modale hulpwerkwoorden dürfen, können, mögen, müssen, sollen, wollen en wissen. Deze gaan net iets anders dan de meeste Duitse werkwoorden, daarom besteden we er uitgebreid aandacht aan.


Kenmerken Modalverben


De Duitse Modalverben dürfen, können, mögen, müssen, sollen, wollen en wissen verschillen in de tegenwoordige tijd in twee belangrijke opzichten van de gebruikelijke vervoeging van Duitse werkwoorden.

  1. In eerste plaats hebben de enkelvoudige personen (ich, du, er, sie, es) vaak een klinkerwisseling ten opzichte van het meervoud. Bv. 'ich kann' en 'wir können'.
  2. Ten tweede hebben de 1ste (ich) en 3de persoon enkelvoud (er, sie, es) géén uitgang. Bv. 'ich darf' én 'er darf' (dus niet 'darft!').


Betekenissen

Hieronder worden de betekenissen van de Duitse modale hulpwerkwoorden uitgelegd.

  • dürfen: mogen, toestemming hebben
  • können: kunnen, in staat zijn
  • mögen: mogen, leuk vinden, zin hebben, houden van
  • müssen: moeten, (noodzakelijk, vanzelfsprekend, kan niet anders!)
  • sollen: moeten (van iemand anders), ook in betekenis 'mocht het regenen...' etc.
  • wollen: willen
  • wissen: weten


Vervoeging (tegenwoordige tijd)


dürfenkönnenmögenmüssen
ichdarfkannmagmuss
dudarstkannstmagstmusst
er, sie, esdarfkannmagmuss
wirdürfenkönnenmögenmüssen
ihrdürftkönntmögtmüsst
siedürfenkönnenmögenmüssen
Siedürfenkönnenmögenmüssen


sollenwollenwissen
ichsollwillweiß
dusollstwillstweißt
er, sie, essollwillweiß
wirsollenwollenwissen
ihrsolltwolltwisst
siesollenwollenwissen
Siesollenwollenwissen


Verleden tijd


Voor de Modalverben in de verleden tijd gelden de volgende regels:

  1. nergens een umlaut!
  2. verbuiging zoals bij zwakke werkwoorden (machte, machtest, machte, machten, machtet, machten, machten)
  3. 1e (ich) en 3e persoon enkelvoud (er, sie, es) géén uitgang, net als in tegenwoordige tijd

Ter volledigheid de verbuiging:

dürfenkönnenmögenmüssensollenwollenwissen
ichdurftekonntemochtemusstesolltewolltewusste
dudurftestkonntestmochtestmusstestsolltestwolltestwusstest
etc.etc.etc.

Duitse grammatica special

Meer weten over naamvallen, werkwoorden, voorzetsels? Bezoek eens de special over Duitse grammatica!
© 2008 - 2009 Writerandus, gepubliceerd in Taal (Educatie en School) op 13-08-2008, laatst gewijzigd op 30-12-2008. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Writerandus is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Gerelateerde links

Duitse zwakke werkwoorden, Vervoeging sein, haben, werden, Duitse naamvallen, lidwoorden en Duitse dagen, maanden, seizoen.

Verwante artikelen


Reageer op het artikel "Duitse grammatica: vervoeging Modalverben dürfen, können etc"


Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.