Het aanwijzend voornaamwoord in het Arabisch
Aanwijzende voornaamwoorden worden gebruikt om dat wat ze aanwijzen duidelijk te onderscheiden van andere zaken (‘dat boek’ verwijst naar ‘dat ene boek’ en niet naar ‘dat andere boek’). Het aangewezene kan dichtbij zijn (‘dit boek’) of verderweg (‘dat boek’). In het Arabisch wordt het onderscheid tussen dichtbij en verderweg veel minder gemaakt dan bijvoorbeeld in het Nederlands. De regels voor het aanwijzend voornaamwoord in het (gesproken) Arabisch zijn op hoofdlijnen vrij eenvoudig. De hier gegeven regels hebben in eerste instantie betrekking op het Levantijns Arabisch, maar daarbinnen zijn kleine regionale verschillen mogelijk.Algemene vorm
Voor ‘deze’ en ‘dit’ en ook voor ‘die’ en ‘dat’ wordt een vorm gebruikt die begint met ‘haad-’.Deze/dit, die/dat
- manlijk enkelvoud haada (هدا)
- vrouwlijk enkelvoud haadi (هدى), hayy (هي; ook wel haay, هاي)
- meervoud haadool (هدول)
Voorbeelden
mien (مين) : wie, sjoe (شو) : wat
- mien haada? (مين هدا؟), wie is dat? (verwijzend naar een man)
- mien haadi? (مين هدى؟), wie is dat? (verwijzend naar een vrouw)
- mien haadool? (مين هدول؟), wie zijn dat?
- sjoe haada? (شو هدا؟), wat is dat? (verwijzend naar een manlijk zelfstandig naamwoord, niet zijnde een mens)
- sjoe haadi? (شو هدى؟), wat is dat? (verwijzend naar een vrouwelijk zelfstandig naamwoord, niet zijnde een mens)
Die/dat: in de verte
- manlijk enkelvoud haadaak (هداك)
- vrouwlijk enkelvoud haadiek (هديك)
- meervoud haadooliek (هدوليك)
Voorbeeld
leesj (ليش) : waarom, biddak (بدك) : jij wil, khood! (حذ) : neem!
- leesj biddak haada, khood haadaak (ليش بدك هدا، خذ هداك), waarom wil je deze, neem die (andere)
Opmerkingen over de Arabische schrijfwijze
De d-klank van de aanwijzende voornaamwoorden wordt ‘officieel’ met een dhaal (ذ) geschreven. Omdat deze in de Levantijnse uitspraak vrijwel gelijk is aan die van de daal (د), wordt deze laatste letter vaak geschreven. Het scheelt maar een punt.
De aa-klank wordt in het Arabisch in de meeste gevallen met een ‘alif (ا) geschreven, ten teken dat sprake is van een lange klinker. In de aanwijzende voornaamwoorden wordt deze ‘alif boven de letter die de h-klank weergeeft, geschreven (هٰذا). In de gewone geschreven taal worden de korte klinkers en ook deze ‘alif niet geschreven.
Bijvoeglijk gebruik van het aanwijzend voornaamwoord
Om het aanwijzend voornaamwoord bijvoeglijk te gebruiken, zoals in ‘deze kinderen’, wordt het voor het lidwoord en zelfstandig naamwoord gezet, rekening houdend met het geslacht en enkelvoud/meervoud van het zelfstandig naamwoord. Het Arabisch zegt dus eigenlijk ‘deze de kinderen’.Het Arabisch kent maar één lidwoord, namelijk het bepaalde lidwoord (“de”of “het” in het Nederlands). Meestal wordt dit lidwoord weergegeven als “al-”. Het lidwoord wordt niet verbogen, het is gelijk voor manlijke en vrouwlijke woorden en meervouden. Een onbepaald lidwoord (“een”) kent het Arabisch niet.
De uitspraak van het bepaald lidwoord verschilt al naar gelang de eerste letter(s) van het woord waar het bij hoort en het dialect van de spreker.
De uitspraak van het bepaald lidwoord verschilt al naar gelang de eerste letter(s) van het woord waar het bij hoort en het dialect van de spreker.
Voorbeelden
kitaab (كتاب) : boek, sayyaara (سيارة) : auto, wlaad (ولاد) : kinderen
- haada l-kitaab (هدا الكتاب), dit/dat boek
- haadi s-sayyaara (هدى السيارة), deze/die auto
- haadool il-wlaad (هدول الولاد), deze/die kinderen
Verkorte vorm
Wanneer het aanwijzend voornaamwoord bijvoeglijk wordt gebruikt, wordt het vaak verkort tot ha-; het wordt dan aan het lidwoord geplakt.
Voorbeelden
- hal-kitaab (هالكتاب), dit/dat boek
- has-sayyaara (هالسيارة), deze/die auto
- hal-wlaad (هلولاد), deze/die kinderen
Pronominaal gebruik van het aanwijzend voornaamwoord
Om het aanwijzend voornaamwoord pronominaal te gebruiken, zoals in ‘dit/dat is een boek’, wordt het voor het desbetreffende zelfstandig naamwoord gezet, ook nu weer rekening houdend met het geslacht en enkelvoud/meervoud.Voorbeelden
- haada kitaab (هدا كتاب), dit/dat is een boek
- haadi sayyaara (هدى سيارة), dit/dat is een auto
- haadool wlaad (هدول ولاد), dat zijn kinderen
Het Arabisch gebruikt in de meeste gevallen geen vorm van het werkwoord ‘zijn’ in de tegenwoordige tijd, zoals in de voorbeelden hierboven. Wanneer er wel een werkwoord wordt gebruikt zoals in het volgende voorbeeld, wordt het aanwijzend voornaamwoord hiervoor geplaatst.
Voorbeeld
kaanat (كانت) : zij/het was
- haadi kaanat sayyaara (هدى كانت سيارة), dit/dat was een auto
Met bepaald lidwoord
Om te zeggen ‘dit is het boek’, ontstaat de constructie ‘haada l-kitaab’. Deze constructie is gelijk aan die met de betekenis ‘dit/dat boek’. Om mogelijke verwarring te voorkomen kan een persoonlijk voornaamwoord tussen het aanwijzend voornaamwoord en de combinatie van lidwoord en zelfstandig naamwoord worden ingevoegd.
Voorbeelden
huwwe (هو) : hij/het, hiyye (هي) : zij/het, humme (هم) : zij (mv.)
- haada huwwe l-kitaab (هدا هو الكتاب), dit/dat is het boek
- haadi hiyye s-sayyaara (هدى هي السيارة), dit/dat is de auto
- haadi hiyye kaanat s-sayyaara (هدى هي كانت السيارة), dit/dat was de auto
- haadool humme l-wlaad (هدول هم الولاد), dit zijn de kinderen
Met bezittelijk voornaamwoord
Een constructie als ‘dit/dat is mijn boek’ is bepaald vanwege het bezittelijk voornaamwoord. Bezittelijke voornaamwoorden worden als achtervoegsel aan het zelfstandig naamwoord geplakt. Ook in dit geval gaat het aanwijzend voornaamwoord aan deze constructie vooraf.
Voorbeelden
-ka (ك) : jouw (m.), -ek (ك) : jouw (vr.), -na (نا) : onze, -kum (كم) : jullie
- haada kitaabak (هدا كتابك), dit is jouw (m.) boek
- haada kitaabek (هدا كتابك), dit is jouw (vr.) boek
- haadi sayyaaritna (هدى سيارتنا), dit is onze auto
- haadi kaanat sayyaaritna (هدى كانت سيارتنا), dit was onze auto
- haadool wlaadkum (هدول ولادكم), dit zijn jullie kinderen
Nadruk
Om extra nadruk te geven aan een bewering, wordt vaak gebruikgemaakt van een dubbel aanwijzend voornaamwoord, ha- voor het zelfstandig naamwoord en haad- erachter.Voorbeeld
jdied (جديد) : nieuw
- hal-kitaab jdied (هالكتاب جديد), dit boek is nieuw (geen extra nadruk) hal-kitaab haada jdied (هالكتاب هدا جديد), dit boek is nieuw
Het gebruik van een dubbel aanwijzend voornaamwoord is in Libanon ook in gevallen zonder speciale nadruk vrij gebruikelijk.
Naar de special.
© 2010 - 2012 Dreus, gepubliceerd in Taal (Educatie en School) op .
Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Dreus is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer informatie…
Dialectgroepen binnen het Arabisch Met rond de 300 miljoen sprekers behoort het Arabisch tot de grote wereldtalen. De ver…
Grammaticalijn voor de basisschool Taalmethodes in het basisonderwijs besteden soms nauwelijks aandacht aan een duidelijk…
Het wederkerende werkwoord in de Nederlandse taal Er bestaan in het Nederlands veel zogenaamde ‘wederkerende’ werkwoorden…
Betrekkelijke voornaamwoorden in het Arabisch Betrekkelijke voornaamwoorden worden gebruikt om een bijzin te verbinden me…
Gerelateerde artikelen
Levantijns Arabisch In dit stuk wordt ingezoomd op het Levantijns Arabisch. Deze dialectgroep kan zelf ook weer worden op…Dialectgroepen binnen het Arabisch Met rond de 300 miljoen sprekers behoort het Arabisch tot de grote wereldtalen. De ver…
Grammaticalijn voor de basisschool Taalmethodes in het basisonderwijs besteden soms nauwelijks aandacht aan een duidelijk…
Het wederkerende werkwoord in de Nederlandse taal Er bestaan in het Nederlands veel zogenaamde ‘wederkerende’ werkwoorden…
Betrekkelijke voornaamwoorden in het Arabisch Betrekkelijke voornaamwoorden worden gebruikt om een bijzin te verbinden me…
Reageer op het artikel "Het aanwijzend voornaamwoord in het Arabisch"
Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.