
Werkwoordspelling
Niets is lastiger dan de Nederlandse taal. Veel leerlingen vinden vooral de spelling van onze werkwoorden erg lastig. Was het nu een D, een T of toch DT?
Het grootste probleem waar de leerlingen tegenaanlopen is niet zozeer de regel van 't kofschip, maar meer de vraag wanneer die regel nu eigenlijk gebruikt moet worden. Dus let op:
In de tegenwoordige tijd NOOIT de regel van 't kofschip gebruiken. De OTT zegt alleen:
ik loop = stam
je, jij loopt = stam + t
MAAR: als je de woorden je (te veranderen in jij) achter het werkwoord hebt staan dan weer de stam gebruiken: loop jij
jij loopt = stam + t
In de OTT dus alleen af en toe een T toevoegen. En zo krijg je dus vanzelf de woorden met DT. Want als een woord met de stam op een D eindigt, krijg je stam + T en dat wordt dan DT.
VB: worden
ik word = stam
jij wordt = stam + t
jij wordt = stam + t
Pas als we te maken hebben met de VERLEDEN TIJD of de VOLTOOIDE TIJD krijgen we te maken met de regel van 't kofschip.
Hoe was die regel ook al weer?
Als een woord in de stam eindigt op een medeklinker uit 't kofschip, schrijf je het in de verleden of voltooide tijd met te of ten erachter.
Als de laatste letter echter niet voorkomt in 't kofschip dan schrijf je de verleden tijd en de voltooide tijd met de of den erachter.
VB: Fietsen.....
Ik fiets, eindigt op een S......ja de S staat in 't kofschip dus de verleden of voltooide tijd wordt: ik fietste, zij fietsten, ik heb gefietst.
Maar: Eindigen.....
Ik eindig, laatste letter is een g.....nee de G staat niet in 't kofschip dus de verleden of voltooide tijd wordt: ik eindigde, zij eindigden, ik ben geëindigd.
Er zit natuurlijik wel weer een addertje onder het gras. Want bij woorden als peinzen wordt de stam dus: ik peins. Hier verandert de z in een s. Bij deze woorden moeten we kijken naar de letter in het hele werkwoord!!!!!!!!!!!!!!!!!
Dus dat is de Z. De Z zit niet in 't kofschip dus het wordt: DE.
Peinzen, ik peins, maar: ik peinsde, wij peinsden, we hebben gepeinsd.
Nog meer van dit soort woorden zij:
beleven, fuiven, verweven, verhuizen, kleven.
Nog even dit:
Vergeet ook nooit bij een meervoudsvorm de letter N op het eind!!!!!!!!!!!!!!!!! © 2007 - 2010 Cheri, gepubliceerd in Taal (Educatie en School) op 22-03-2007. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Cheri is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...
Verwante artikelen
- Werkwoordspelling. Uitleg: Veel Nederlanders vinden de werkwoordspelling moeilijk. Eigenlijk zijn de regels simpel, vooral gebruikt in de tegenwoordige tijd. Voor de verleden tijd gelden wat meer regels, maa…
- Nederlandse spelling: Heeft u problemen met -d en -t op het eind? Bekijk dit 7 stappenplan stap voor stap, iedereen lukt het hiermee!Geen moeite meer om te weten wat het nou is, dit plan heeft al menig perso…
- Foutloos schrijven: Werkwoorden: Het is lang niet gemakkelijk om dingen foutloos op te schrijven. Zelfs de beste tekstschrijvers gaan nog wel eens de mist in. Nederlands is dan ook een ingewikkelde taal. In…
- Regelmatige werkwoorden vervoegen in de o.v.t: In de Nederlandse taal worden werkwoorden in het imperfectum (onvoltooid verleden tijd) vervoegd op een vaste manier. In dit artikel wordt uitgelegd hoe regelma…
- Het perfectum (o.v.t.): regels en uitleg: In dit artikel wordt beschreven hoe het voltooid deelwoord van regelmatige werkwoorden tot stand komt. De plaats van het voltooid deelwoord in de zin, en het gebruik…

Reageer op het artikel "Werkwoordspelling"

Door Walter op 21-11-2009
Ik wil de auteur van dit artikel er op wijzen dat de regel van het kofschip erg tegenspreekt met een ander artikel welke ook op deze staat, http://educatie-en-school.infonu.nl/taal/5826-foutloos-schrijven-werkwoorden.html# waar geschreven staat dat 't kofschip niet het juiste woord is wanner je een voltooid deelwoord of verleden tijd van een woord maakt van een werkwoord.

