Taal en Engels

Engels Grammatica: The Present Simple

Engels Grammatica: The Present Simple

The Present Simple in het Engelse grammatica staat officieël voor de verleden tijds vorm waarbij de werkwoorden niet eindigen op -ing, zoals het deed bij de Present Continuous, die eerder behandeld is.







Gebruik


We gebruiken de Present Simple allereerst voor het uiten van gevoelens.
  • I think so
  • I like it
  • I hate it

Ten tweede gebruiken de Present Simple ook voor het beschrijven van situties die lange tijd hetzelfde blijven, voor feiten en voor dingen die voor een lange tijd waarheid zijn.
  • We live close to school
  • The road is long
  • I dislike potatoes

Ten derde, gebruiken wij de Present Simple ook bij acties die zich herhalen.
  • We go there every week
  • I visit my friends every day

Daarnaast gebruiken wij de Present Simple ook bij zinnen als I promise of I agree .
  • I promise I'll buy you a drink one day

Ten slotte zijn er ook zinnen die in de tegenwoordige tijd met de Present Simple worden gebruikt, alleen gaan wij op een andere pagina hier nader op in.
  • The new year starts in about a week.

Postieve vormen


Bij de ik- vorm, wij, en hen- vorm, komt er na het werkwoord geen eind. Dus:
I getIk krijg
You getJij krijgt
We getWe krijgen
They getZij krijgen

  • I get the breakfast ready before mom wakes up, usually.
  • All children in the class like candy.
  • I know the answer to your question.
  • I always do my shopping in the local store.

Maar achter de derde persoon (he, she, it), komt er altijd een -s of -es. Dus:
He getsHij krijgt
She getsZij krijgt
It getsHet krijgt

  • It gets busy at weekends.
  • He thinks he knows the answer.
  • She makes a lot of noise when she's home alone.


Negatieve vormen en vraagzinnen


Bij een negatieve vorm gebruiken wij altijd een vorm van 'do not'.
Voor de eerste vorm (I, you, we, they) geldt dat we do not letterlijk overnemen, met een werkwoord zonder einde daarachter.
I do not like applesIk vind appels niet lekker
You do not like applesJij vind appels niet lekker
We do not like applesWe vinden appels niet lekker
They do not like applesZij vinden appels niet lekker
'Do not' kan worden afgekort tot 'don't'.
  • I don't like apples
  • You don't like apples
  • We don't like apples
  • They don't like apples

De derde persoon krijgt wederom hier ook een -es als toevoeging. Deze keer niet achter het werkwoord, want die blijft net als bij de eerste persoon zonder einde. Deze keer komt de -es achter 'do'. --> Do +es= Does
  • He does
  • She does
  • It does

De vragende vormen hebben dezelfde regels als hierboven beschreven. Alleen moeten we er voor zorgen dat 'Do' of 'Does' vooraan de zin staat.

Does he like you?
Do you like candy?
Do they love eachother?

Let er wel op dat de -es achter 'do' wordt toegevoegd bij de derde persoon, en ook niet nog eens achter 'like'.
GoedFout
Does he like candy?Does he likes candy?
Does she talk much?Does she talks much?
Does it stand there?Does it stands there?
Een ezelsbruggetje: Bij de derde persoon mag je maar 1x een -s of -es toevoegen. Zet 'm dan achter 'do' om 'does' ervan te maken, en niet achter het werkwoord. Dat is dubbelop.
© 2008 - 2009 Galideon, gepubliceerd in Taal (Educatie en School) op 28-07-2008. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Galideon is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen


Reageer op het artikel "Engels Grammatica: The Present Simple"


Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.