Democratie, verzuiling, sociale wetgeving 1860-1940
Lees alles over democratie, verzuiling, sociale wetgeving in 1860-1940. Wie bedacht de grondwet? Welke politieke bewegingen kwamen er door de grondwet en wie waren de belangrijkste personen? In dit artikel vind je een samenvatting van hoofdstuk 7 van het boek Basisboek geschiedenis Sociaal Werk in Nederland (2009, derde druk) van Maarten van der Linde.Belangrijk in deze tijd
1800 standenmaatschappij, geboorte was bepalend voor status, positie en sociale kansen.1860 veel veranderingen:
- meer industrie (handel + scheepsvaart).
- dienstverlenende sector ontwikkelde zich (verzekeringmaatschappijen).
- middelbaar onderwijs, hogere burgerschool (hbs).
- politiek (vakorganisaties, stakingen, liberalisme).
- 1870 Nederlands-Indië (Atjeh), Nederland werd nationalistisch.
- democratiseringsproces, politiek werd minder een zaak van elites.
Scheapman was de leider van katholieken, sprak over achterstellingen van de katholieken, uitbreiding kiesrecht en de noodzaak van sociale maatregelen, leider van katholieke emancipatie.
Ferdinant Domela Nieuwenhuis stond aan de kant van arbeiders, grote rol sociale bewegingen.
- Bevolkingsgroepen met lage inkomens eisden hun aandeel in de macht op.
- Feministische stromingen kwamen op.
- In de maatschappij begon er op nieuwe en grote schaal een sociale, culturele en politieke strijd voor de verdeling van de macht, gelijke rechten, gelijke behandeling en gelijke kansen, de democratisering was begonnen.
Kiesrecht en grondwet
Er kwamen politieke bewegingen: liberalen, gereformeerden, katholieken, socialisten en feministen.- 1879 de Anti-Revolutionaire Partij (ARP).
Johan Rudolf Thorbecke, leider van liberalen (vonden het belangrijk dat burgers zich in volledige politieke, economische en culturele vrijheid konden ontwikkelen, overheid moest zich niet bemoeien met de samenleving). Thorbecke maakte de grondwet.
Grondwet: 1848 vrijheid van godsdienst, onderwijs en drukpers, vrijheid van vereniging en vergadering. Kerk en staat werden gescheiding, de macht van de koning beperkt (er kwamen ministers). Legde de basis voor de parlementaire democratie.
- De eerste kamer werd gekozen door de Provinciale Staten.
- De tweede kamer werd gekozen door de kiesgerechtigen.
- 1848 6,4% van de mannen kiesrecht.
- 1917 mannen kregen actief en passief kiesrecht.
- 1917 passief vrouwenkiesrecht (verkiesbaar zijn).
- 1919 actief vrouwenkiesrecht (kiezer zijn).
Conservatieve stromingen vonden volksinvloed niet leuk, riep associaties op met de Franse Revolutie:
- 1: Franse revolutie was uitgelopen tot terreur.
- 2: Franse adel en geestelijkheid werden vermoord.
- 3: had geleid tot een Europese oorlog.
- 4: had een dictator voortgebracht (Napoleon).
- 5: Nederland werd ingelijft bij Frankrijk.
Volgens de grondwet diende de regering met de armenzorg te bemoeien.
- 1852 ontwerp-Armenwet, de regie van de armenzorg werd bij de overheid gelegd, dit kwam overeen met de opvattingen van de Patriotten.
- 1854 armenwet, maar de overheid mocht pas bijspringen als de kerk niets meer kon doen.
- 1965 de Algemene Bijstandswet.
- 2006 Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), die de armenzorg naar mantelzorg, particulier initiatief en eigen verantwoordelijkheid verschoof.
Verschillende organisaties
De kerken hielden het niet vol, ze hadden geld te kort, hun aandeel daalde en het aandeel van de overheid steeg. Er was veel kritiek op de kerkelijke en particuliere armenzorg.Sociaal liberale organisaties gingen zonder invloed van de kerk particuliere organisaties oprichten:
- 1871 Liefdadigheid naar Vermogen (Amsterdam).
- 1877 Vereniging tot Verbetering van Armenzorg (Rotterdam).
- 1880 Tot Heil der Armen.
- 1912 de Nieuwe Armenwet, uitgangspunt: het subsidiariteitsbeginsel. Men kon niet terugvallen op familie of op de kerk door industrialisering, verstedelijking en migratie.
Verzuiling
Er is altijd veel verzuiling geweest: elk geloof had haar eigen organisaties, cultuur en je afschermen tegen groepen met andere ideeën. Leiders schreven hoe de volgers moeten denken, wat ze moesten geloven, op welke partij ze moesten stemmen, hoe ze hun kinderen moesten opvoeden. De zuilen voorzagen in een behoefte aan binding en overzichtelijkheid, je mocht niet trouwen met iemand van een ander geloof.Réveilman Guillaume (Willem) Groen van Prinsterer, 1840 richtte buiten de Nederlandse Hervormde Kerk een eigen politiek getinte organisatie op.
- Ook kwamen er allerlei eigen katholieke instellingen en verenigingen.
- Er kwam een schoolstrijd.
- En een kiesrechtstrijd.
Er was een vrije en een strenge interpretatie van het geloof. De kritische en liberale geest had ook invloed op de Nederlandse Hervormde Kerk: de bijbel werd niet langer het woord van god maar een ethische richtlijn voor een deugdzaam leven.
Voor orthodoxe stromingen was dit niet te accepteren.
Abraham Kuyper, leider van orthodoxe stromingen, hij noemde het ‘gereformeerd’ om onderscheid te maken met de ‘hervormden’. Hij was tegen vrijheid, gelijkheid en broederschap. Hij stelde tegenover volkssoevereiniteit, soevereiniteit van god.
Antithese: in de politiek liep de scheidslijn niet tussen liberaal en conservatief of tussen protestants en rooms-katholiek máár tussen christelijk en niet christelijk.
Socialisme
- 1870 Door een agrarische crisis was de situatie voor landarbeiders slecht.
- Grote groepen trokken van het platteland naar de steden.
- 1881 Sociaal Democratische Bond (SDB) met weekblad ‘Recht voor Allen’, steunde stakingen, beschuldigde fabrikanten en herenboeren van uitbuiting.
- 1894 Sociaal Democratische Arbeids Partij (SDAP), leider was Pieter Jelles Troelstra.
Vrouwenbeweging
Omschrijving feminisme: uitbreiden rechten van de vrouw, gelijke rechten man en vrouw enzovoorts.Aletta Jacobs, eerste vrouw in universiteit. Belangrijke punten van het feminisme waren:
- 1: toegang voor vrouwen tot alle arbeid en beroepen.
- 2: toegang tot en recht op hoger onderwijs.
- 3: passief en actief algemeen kiesrecht.
- 4: afschaffing van de gereglementeerde prostitutie.
- 5: afschaffing van het verbod op onderzoek naar het vaderschap van buitenechtelijke kinderen.
- 6: opheffing van de juridische handelsbewaamheid van de vrouw.
- 1898 vrouwenbeweging de Nationale Tentoonstelling van Vrouwenarbeid.
- Sociale misstanden werden zichtbaar gemaakt.
- Er werd een arbeidshuishoudbudget getoont waarin duidelijk werd van hoe weinig geld een arbeidersgezin rond moest zien te komen.
Er ontstond een afstand tussen vrouwen uit de middenstand en de arbeidersklasse. Het feminisme werd streng veroordeeld door de christelijke zuilen en binnen de socialistische beweging.
Cobi Schreijer, zangeres, schreef ‘Vrouwenliedboek Sara, je rok zakt af’.
Politieke partijen
Er waren drie grote christelijke politieke partijen die de meerderheid van de zetels hadden:- De Rooms-Katholieke Staatspartij (RKSP).
- De Anti-Revolutionaire Partij (ARP).
- De Christelijk-Historische Unie (CHU).
Het Interbellum: periode tussen twee wereldoorlogen.
Links: Communistische Partij en de Revolutionair-Socialistische Partij.
Rechts: Nationaal-Socialistische Beweging en veel Nazistische groepen.
1931/32 internationale economische crisis, veel werkloosheid.
Anton Mussert , leider van de Nationaal Socialistische Beweging, beloofde werk, profiteerde van de angst voor het communisme (rode gevaar), deze beweging werd dan ook fel bestreden door communisten en socialisten en ook vanuit kerken.
1935 de Vereniging ‘Eenheid door Democratie’, liberalen, vrijzinnig-democraten en sociaal-democraten. Ze bestreden het communisme en het nationaal-socialisme want dit was een bedreiging voor de democratie.
Er kwam kritiek op de verzuiling, maakte de verzuiling het besturen en oplossen van werkloosheid niet extra moeilijk? Er waren al genoeg scheidslijnen: oud/arm, stad/platteland, rijk/arm.
Sociale kwestie
1815 begon de sociale kwestie, had vooral te maken met bedelarij en epidemieën, kinderen naar Drenthe sturen in de koloniën van de Maatschappij van Weldadigheid. Krankzinnigen moesten beter behandeld worden.De overheid moest , volgens de Jong-Liberalen in de 2e kamer 1870, in sommige gevallen wel met wetgeving ingrijpen. De overheid moest zwakke personen (vrouwen en kinderen) die niet konden opkomen voor zichzelf beschermen.
- 1874 Kinderwet (verbood fabrieksarbeid tot 12 jaar).
- 1900 leerplicht.
- 1889 de Arbeidswet, vrouwen en kinderen moesten berschermd worden.
Dit lukt moeilijk omdat er een omslag moest komen in het politieke denken: actieve overheidsbemoeienis werd betiteld als een onacceptabel aantasting van maatschappelijke en persoonlijke vrijheid.
Dit veranderde toen er in de sociaal-liberale kring een nieuwe gedachte kwam: iemand die ziek, invalide, oud enzvoorts was had steun nodig om daadwerkelijk vrij te zijn.
- 1900 leerplichtwet.
- 1901 woningwet, gezondheidswet, ongevallenwet en kinderwetten.
- Tussen 1900/1940 werd de sociale wetgeving uitgebreid, verzekeringen waren eerst alleen voor arbeiders. Nu kwam er een volksverzekering en sociale voorzieningen.
- 1965 Algemene Bijstandswet (bijstand was een wettelijk recht geworden) 111 jaar na de Armenwet.
Lees verder
© 2011 - 2012 Dazzeltje, gepubliceerd in Samenvattingen (Educatie en School) op .
Het auteursrecht van dit artikel en antwoorden op reacties ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Fluitend een toets of examen maken Wie gaat er fluitend door een toets of examen? Wie een toets of een examen moet maken,…
Samenvatten: hoe doe je dat? Een samenvatting kan in allerlei gevallen handig zijn. Het kan een manier zijn om met de lee…
Hoe leer ik het beste voor een examen of toets? De examens 2011 staan voor de deur. Maar hoe leer je nu het beste voor zo…
Fascisme, socialisme en het poldermodel In dit artikel lees je een samenvatting van twee artikelen die betrekking hebben…
Gerelateerde artikelen
Verzuiling en ontzuiling in Nederland De verzuiling had grote invloed op het dagelijks leven in Nederland van voor de jar…Fluitend een toets of examen maken Wie gaat er fluitend door een toets of examen? Wie een toets of een examen moet maken,…
Samenvatten: hoe doe je dat? Een samenvatting kan in allerlei gevallen handig zijn. Het kan een manier zijn om met de lee…
Hoe leer ik het beste voor een examen of toets? De examens 2011 staan voor de deur. Maar hoe leer je nu het beste voor zo…
Fascisme, socialisme en het poldermodel In dit artikel lees je een samenvatting van twee artikelen die betrekking hebben…
Bronnen en referenties
- Basisboek geschiedenis Sociaal Werk in Nederland (2009, derde druk), hoofdstuk 7, van Maarten van der Linde