Samenvattingen en Wereldoorlog 1

Wereldoorlog 1 door Simon Adams

Wereldoorlog 1 door Simon Adams

Dit is een samenvatting van het boek Wereldoorlog 1 van Simon Adams. Het is een informatief boek. In een volgorde wordt het verloop van de Eerste Wereldoorlog besproken. Veel foto's en gegedetailleerde informatie. Zo krijg je als lezer overzichtelijk informatie over alles wat met de eerste wereldoorlog te maken heeft: hoe de oorlog begon, welke klederdracht gedragen werd, welke strijd gestreden, welke wapens gebruikt, hoe het leger kon communiceren, smokkelen en spioneren.


Hoofdstuk 1: Verdeeld Europa

Aan het begin van de twintigste eeuw groeide de vijandigheid tussen Europese landen. Militaire spanningen. Een wapenwedloop op zee voerde de spanning op. In 1912-1913 braken er bovendien twee grote oorlogen uit in de Balkan.

Hoofdstuk 2: Het noodlottige schot

Op 28 juni 1914 werd de erfgenaam van de Oostenrijks-Hongaarse troon in de Bosnische stad Sarajevo vermoord. Oostenrijk gaf Servië de schuld van de moord en verklaarde op 28 juli de oorlog. Wat begon als de Derde Balkanoorlog veranderde in een Europese oorlog. De Eerste Wereldoorlog was begonnen.

Hoofdstuk 3: Oorlog in het Westen

Al sinds het einde van de negentiende eeuw was Duitsland bang dat het een oorlog op twee fronten zou moeten voeren. Tegen Rusland in het oosten en tegen Frankrijk in het westen. Duitse stafchef Alfred graaf von Schlieffen ontwikkelde een plan om Frankrijk snel te verslaan voordat het Duitse leger al zijn kracht zou richten op Rusland. Op 4 augustus 1914 staken Duitse troepen de Belgische grens over en vielen tegen het eind van de maand Frankrijk binnen.

Hoofdstuk 4: Vechtende mannen

Het uitbreken van de oorlog in Europa in augustus 1914 veranderde het leven van miljoenen mensen. Iedereen moest meehelpen.

Hoofdstuk 5: Dienst nemen

Bij het uitbreken van de oorlog hadden alle Europese landen een groot leger van dienstplichtigen klaar, behalve Groot-Brittannië, dat een klein vrijwilligersleger had. Op 6 augustus 1914 vroeg de minister nieuwe mensen. Eind 1915 hadden zich 2.446.719 mannen vrijwillig gemeld maar er waren er meer nodig.

Hoofdstuk 6: Loograven aanleggen

Bij het uitbreken van de oorlog verwachtten beide partijen aan het westelijke front grootscheepse militaire manoeuvres over honderden kilometers terrein en snelle gevechten met oprukken en terugtrekken. Een statisch gevecht kwam niet. De enige manier om zulke wapens te overleven was het aanleggen van loopgraven.

Hoofdstuk 7: Het leven in de loopgraven

Een dag in de loopgraven bestond afwisselend uit korte periodes van doodsangsten en langere perioden van verveling. Iedereen was altijd paraat. Tijdens de ochtend en de avondschemering was de kans op een aanval het grootst.

Hoofdstuk 8: Klaar voor de strijd

Beide legers namen elke kans waar om te schieten op iedereen die zich aan de tegenpartij vertoonde. Overvallen door de ene frontlinie op de andere maakten het gevaar nog groter.

Hoofdstuk 9: Verbindingen en bevoorradingen

Het grootste probleem waarmee elk leger te maken krijgt, is het communiceren met en bevoorraden van de fronttroepen. Het belangrijkste vervoermiddel was nog altijd het paard maar er werd steeds meer gebruik gemaakt van voertuigen. Fronttroepen onderhielden contact met het hoofdkwartier en andere eenheden per telefoon en radio.

Hoofdstuk 10: Observeren en patrouilleren

Het is in oorlogstijd belangrijk om informatie over de vijand te verzamelen, om zo een geslaagde aanval te doen of de vijandelijke opmars te stuiten. Een manier was ondervragen van gevangen. Er waren ook observatietorens en periscopen gebruikt. Vliegtuigen waren ook belangrijk.

Hoofdstuk 11: Beschietingen

De slagvelden van de Eerste Wereldoorlog werden beheerst door de artillerie. Een goed gemikte beschieting kon alles vernietigen en lamleggen. Maar de verdedigingsposities werden sterker en ze hadden nieuwe tactieken nodig. Het gordijnvuur gingen ze toen gebruiken.

Hoofdstuk 12: Over de top

Als de verdediging van de vijand door de artilleriebeschieting was verzwakt, klom de infanterie uit de loopgraven en bestormde de vijandelijke linies.

Hoofdstuk 13: Verliezen

Er werden ongeveer 21 miljoen soldaten gedood. Gewonden werden eerst in de loopgraven verzorgd en later als het veilig was achter de frontlinie gebracht. Zwaar gewonden gingen naar huis.

Hoofdstuk 14: Vrouwen in de oorlog

De mannen gingen vechten dus de vrouwen moesten hun werk overnemen. Ze gingen aan de slag in fabrieken, bestuurden vrachtwagens en ambulances. Toen de oorlog voorbij was keerde de vrouwen weer terug.

Hoofdstuk 15: Luchtoorlog

Toen in augustus 1914 de oorlog uitbrak was de geschiedenis van de luchtvaar nauwelijks tien jaar oud. De eerste oorlogsvliegtuigen waren verkenningsvliegtuigen. Vijandelijke piloten probeerden de vliegtuigen neer te halen en zo ontstonden luchtgevechten.

Hoofdstuk 16: Zeppelin

In het voorjaar van 1915 verschenen de eerste Duitse luchtschepen. Er ontstond veel paniek door deze luchtschepen, omdat er een bommenregen uit kan vallen. Maar toch werden ze nauwelijks gebruikt.

Hoofdstuk 17: Zeeoorlog

Sinds de tewaterlating van de Britse Dreadnought in 1906 waren Groot-Brittannië en Duitsland begonnen aan een groots opgezet scheepsbouwprogramma. Groot-Brittannië had dit nodig voor de zeeën open te houden en Duitsland voor om zich tegen een mogelijke invasie te beschermen. De enige grote zeeslag voor de kust van het Deense eiland in 1916 eindigde onbeslist.

Hoofdstuk 18: Gallipoli

Begin 1915 besloten de geallieerden zich een weg te banen door de hoofdstad van Ottomaanse-Turkse rijk te veroveren. Marine aanvallen mislukte. Op 25 april landden Britse, Australische en Nieuw-Zeelandse troepen op het eiland Gallipoli. Er was een felle Turks verzet. De geallieerden trokken zich terug in januari 1916.

Hoofdstuk 19: Verdun

Op 21 februari 1916 zette Duitsland een massale aanval in op Verdun. De Fransen verloren enkele van hun forten. Maar in december hadden ze de Duisters teruggedrongen tot bijna hun oorspronkelijke posities.

Hoofdstuk 20: Gaasaanval

Op 22 april 1915 zagen Frans-Algerijnse troepen bij de Belgische plaats Ieper een groengele wolk. De wolk bestond uit chloorgas. Dit was de eerste keer dat gifgras werd gebruikt. Zo gingen beiden partijen ook gaswolken gebruiken die uit tonnen kwamen. Via de wind werd dat naar de vijanden geblazen maar er kwam een probleem als de wind draaide. Zo ontstonden gas gevulde granaten.

Hoofdstuk 21: Het oostelijke front

De gevechten aan het westelijke front verliepen grotendeels in de loopgraven. Aan de andere kant van Europa vond er een heel andere oorlog plaats. Veel beweeglijker met grote legers. Duitse legers was erg doeltreffend en had het oostelijke front in handen. Russen waren ontmoedigd en dit leidde tot de Russische Revolutie in 1917.

Hoofdstuk 22: De woestijnoorlog

Er werd tijdens de Eerste Wereldoorlog niet alleen in Europa gevochten. De Duitse kolonies in Afrika weren onder de voet gelopen door troepen. Een groot conflict ontstond in het Midden-Oosten. Britse en Indiase troepen vielen in 1914 Mesopotamie binnen en namen Bagdad in. Britse krijgsmacht veroverde Palestina en de Syrische hoofdstuk Damascus.

Hoofdstuk 23: Spionage

Beiden partijen verdachten de ander ervan honderden spionnen in dienst te hebben. Maar er waren weinig spionnen. Er werd afgeluisterd van de vijandelijke communicatie. Het opstellen van geheimschrift was belangrijk.

Hoofdstuk 24: Tankoorlogvoering

De eerste Britse tanks kwamen in actie in 1916. Ze verwoesten heel het terrein en reden over de loopgraven heen. Maar in 1917 waren ze pas betrouwbaar en in 1918 speelde tanks een belangrijke rol in de geallieerde opmars.

Hoofdstuk 25: De VS mengen zich in de strijd

Toen de oorlog in Europa uitbrak, bleven de VS neutraal, doordat vele inwoners kort daarvoor uit Europa terugkwamen. Toen Duitse onderzeeboten Amerikaanse schepen deden zinken keerde de publieke opinie terug tegen Duitsland. Toen er nog meer schepen tot zinken waren gebracht verklaarde de president Wilson de oorlog aan Duitsland. Nu was het een wereldoorlog.

Hoofdstuk 26: Onder de vijandelijke linies

Gedurende een groot deel van de oorlog aan het westelijke front stonden de twee kampen tegenover elkaar in rijen zwaar versterkte loopgraven. Ze namen mijnwerkers in dienst en groeven mijngangen diep onder de vijandelijke linies en vulden die met springstof. Soms stuitten de mineurs op elkaar en gingen ze onder de grond vechten. Zo ontstond de Slag bij Passendale.

Hoofdstuk 27: Het laatste jaar

Begin 1918 leek het erop dat de oorlog zou omslaan ten gunste van Duitsland en zijn bondgenoten. Rusland had zich uit de oorlog teruggetrokken waardoor Duitsland zich met het westfront bezig kon houden. Begin november stond Duitsland er alleen voor. Op 7 november stak een Duitse afvaardiging de frontline over om met de geallieerden over de vrede te onderhandelen. De oorlog was bijna voorbij.

Hoofdstuk 28: Wapenstilstand en vrede

Op de elfde dag van de elfde van 1918 zwegen de kanonnen na meer dan vier jaar oorlog. Duitlans had nog niet gewonnen maar had om een wapenstilstand gevraagd om tot een vredesverdrag te praten. De geallieerden wilden ervoor zorgen dat Duitsland nooit meer een oorlog zou beginnen. Het vredesverdrag dwong Duitsland tot het betalen van enorme schaden aan de geallieerden. De Duitse strijdmacht werd verkleind en Duitsland verloor al zijn overzeese kolonies.

Hoofdstuk 29: De kosten van de oorlog

De kosten van de Eerste Wereldoorlog uitgedrukt in mensenlevens zijn onvoorstelbaar. Er vochten meer dan 65 miljoen mensen, de helft werd gedood of gewond. Daarnaast stierven er 6,6 miljoen burgers. Hele steden en dorpen waren van de kaart gevecht.
© 2006 - 2010 Bortjebor, gepubliceerd in Samenvattingen (Educatie en School) op 05-10-2006. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Bortjebor is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen


Reageer op het artikel "Wereldoorlog 1 door Simon Adams"


Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.