Praktische Economie: "Waarover gaat Economie"

Praktische Economie: "Waarover gaat Economie"

Dit is een samenvatting van het hoofdstuk "Waarover gaat Economie" van Praktische Economie, module 1.

Begrippenlijst:

Paragraaf 1:
  • Mensen hebben onbeperkte wensen of behoeften.
  • Bij behoeften denk je aan eten, drinken, kleding, wonen, spelen enz.
  • Basisbehoeften zijn voeding, kleding en beschutting
  • We onderscheiden de behoeften in 3 aparte soorten behoeftes:
  • o Basisbehoeften
  • o Normale behoeften
  • o Luxe behoeften
  • Preference drift: Het opwaarts bijstellen van je streefniveau
  • Reference drift: Jezelf vergelijken met anderen die het beter hebben en dan ook meer willen
  • Samen ook wel het Piggelmee syndroom genoemd

Paragraaf 2:
  • Om onze behoeften te bevredigen, gebruiken wij mensen goederen en diensten.
  • Goederen zijn stoffelijk; je kunt ze vastpakken. Diensten zijn onstoffelijk; je kunt ze niet vastpakken
  • Vrije goederen zijn bijvoorbeeld zonlicht en lucht. We hoeven geen middelen op te offeren om over deze goederen te beschikken
  • Produceren of productie is het maken van goederen en diensten.
  • Er worden 2 soorten goederen geproduceerd:
  • o Consumptiegoederen (die door consumenten worden gebruikt om hun van hun behoeften te voorzien)
  • o Kapitaalgoederen / productiegoederen (zoals machines, die weer worden gebruikt bij de productie van andere goederen en diensten)
  • Bij de productie worden productiefactoren gebruikt:
  • o Natuur (lucht, zonlicht, aarde, water, olie, gas, kolen enz)
  • o Arbeid (alle geestelijke en lichamelijke inspanning van mensen ten dienste van de productie)
  • o Kapitaal (vaste en vlottende kapitaalgoederen)
  • o Ondernemerschap
  • Arbeid is nog onder te verdelen:
  • o Arbeid in ruime zin: het onbetaalde werk wat verricht word
  • o Arbeid in enge zin: betaalde arbeid in bedrijven en bij de overheid
  • Kapitaal bestaat ook uit verschillende onderdelen:
  • o Vaste kapitaalgoederen : dat zijn goederen zoals gereedschap of een oven omdat ze langer dan 1 productieproces meegaan. (de brandstof voor de oven is een hulpstof en word tijdens het proces helemaal verbruikt)
  • o Vlottende kapitaalgoederen : (hierin zijn de grondstoffen die zijn gebruikt weer terug te vinden.) vlottend omdat ze opgaan in het product; kapitaalgoederen omdat alle gekochte goederen die voor productie nodig zijn kapitaalgoederen worden genoemd.
  • Soms word met ‘kapitaal’ een som geld bedoeld, in dat geval spreken we over geldkapitaal of vermogen. De machines, grondstoffen en hulpstoffen noemen we dan reëel kapitaal
  • Ondernemerschap is een bijzondere productiefactor. De ondernemer combineert de productiefactoren arbeid, kapitaal en natuur met als resultaat dat er producten ontstaan.

Paragraaf 3:
  • Tussen de onbegrensde behoeften en de beperkte middelen bestaat een spanning die wij schaarste noemen.
  • Schaarste is als de vraag groter is dan het aanbod
  • De middelen die voor verschillende gebruiksmogelijkheden kunnen worden aangewend noemen we alternatief aanwendbare middelen
  • We moeten afwegen wat we het belangrijkste vinden, we moeten Prioriteiten stellen
  • De Economie bestudeert het keuzehandelen van mensen, in het bijzonder hoe zij omgaan met schaarse, alternatief aanwenbare middelen, die ze gebruiken om er hun behoeften mee te bevredigen
  • Welvaart: de mate waarin mensen erin slagen de schaarste te verminderen
  • Welstand: het inkomen van mensen en de productiehoeveelheid van een land
  • Welzijn: de mate waarin men zich gelukkig voelt

Paragraaf 4:
  • Model: een gestileerde (vereenvoudigde) weergave van een deel van de werkelijkheid
  • De aanbodvergelijking en de vraagvergelijking noemen we de gedragsvergelijkingen van het model omdat ze het gedrag beschrijven van de aanbieders en vragers
  • De evenwichtsprijs en de daarbij behorende verkochte en gekochte hoeveelheid noemen we de endogene grootheden van het model. Het zijn de grootheden die door het model bepaald worden
  • De waarden die van buitenaf gegeven worden noemen we exogene grootheden
  • De economie is een positieve wetenschap (laat zien wat er ‘is’) en geen normatieve wetenschap (laat zien ‘hoe het hoort te zijn’)
© 2006 - 2012 Dominique, gepubliceerd in Samenvattingen (Educatie en School) op . Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Dominique is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer informatie…

Gerelateerde artikelen
Productiefactoren - Economie op het voortgezet onderwijs Productiefactoren zijn middelen die gebruikt worden door mensen…
Economie: behoeften en schaarste Uitleg over de vraag: Wat is economie? In dit artikel leggen we het tweede antwoord uit:…
Economie: Welvaart Uitleg over de vraag: wat is economie? In dit artikel leggen we het derde antwoord uit: Economie is (o…
Bedrijf als technisch systeem Je kunt organisaties vanuit verschillende oogpunten bekijken, als open systeem, technisch,…
Economie: leer van de keuzevraag Uitleg over de vraag: wat is economie? In dit artikel leggen we het eerste antwoord uit:…

Reageer op het artikel "Praktische Economie: "Waarover gaat Economie""

Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.
Infoteur: Dominique
Rubriek: Educatie en School / Samenvattingen
Schrijf mee!