Samenvatting: a Short History of the Middle Ages hoofdstuk 1
In de derde eeuw na Christus was het Romeinse Rijk erg groot (kaart 1.1). Al deze regio’s, behalve Italië, werden provincies genoemd. Rome verloor rond 250-350 de politieke, militaire, religieuze, economische en culturele leiderschap. De macht verschoof meer naar de provincies, onder andere door Diocletianus die het rijk in vieren verdeelde. Uiteindelijk verschoof de macht naar de barbaren, die vanaf 400 binnen begonnen te vallen. Dit is een samenvatting van hoofdstuk 1 van het boek A Short History of the Middle Ages van Barbara Rosenwein. Het hoofdstuk is genaamd The Roman World Transformed.The Provincialization of the Emprire (250-350)
Tijdens de crisis van de derde eeuw werd het duidelijk dat het Romeinse Rijk te groot was om door één man bestuurd te worden. Vanuit het noorden drukten de ‘barbaren’ tegen de grenzen, vanuit het oosten waren dat de Perzen. Het leger was niet sterk genoeg en er was een groot gebrek aan rekruten, voornamelijk door epidemische ziekten. Er werden verschillende maatregelen genomen om met deze aanvallen om te gaan.- Hervormingen in het leger: Uitbreiding van het leger, mobiele troepen, versterken van het staande leger.
- Germaanse soldaten werden in het Romeinse leger opgenomen. Als ruil hiervoor kregen ze een stuk land in het Romeinse Rijk.
De crisis van de derde eeuw had ook grote gevolgen op politiek gebied. Een opvolgingscrisis zorgde ervoor dat er zeer veel soldatenkeizers aan de macht kwamen, die werden verkozen door hun soldaten. Deze keizers hadden geen interesse in de stad Rome, omdat deze te ver van het strijdveld af lag. Valerianus koos daarom Milaan als keizerlijke verblijfplaats. Na een paar andere plaatsen werd Constantinopel de nieuwe keizerlijke verblijfplaats.
Er was veel geld nodig voor het leger. De Romeinse regering verlaagde daarom de samenstelling van de zilveren munt door meer metaal toe te voegen. Er moest bovendien meer geproduceerd worden voor het leger, zoals eten en kleding. Deze productie gebeurde vaak in de provincies, waar de legers verbleven. Het hele rijk werd sterk gemilitariseerd. Gallienus (253-268) stelde een verbod in voor de senatoriale aristocratie om nog langer het leger te leiden. Diocletianus verdeelde het rijk in vieren (tetrarchie) en kon daarmee de crisis onder controle houden. Onder Constantijn kwam de crisis tot zijn eind. Er kwam een einde aan de strijd om de opvolging en er volgende een periode van politieke stabiliteit.
A New Religion
Constantijn had als doel het oude Romeinse Rijk te herstellen. Het werd echter een compleet nieuw rijk.In Palestina kwam een zogenaamde Jezus-beweging op gang. Het grote verschil tussen deze aanhangers en de Joden, waren dat zij predikten tot niet-Joden. De kern van hun geloof was dat mannen en vrouwen gered zouden worden wanneer ze in Jezus geloofden, en hun eeuwig leven stond te wachten in de hemel.
Op het begin stonden de Romeinse erg onverschillig tegenover de christenen. Ze verwachten niet dat de veroverde volkeren hun geloof opgaven. Het christendom had niet veel aantrekkingskracht op de armere onderlaag en de elite. Toch had het wel enige aantrekkingskracht op de middenklasse. Deze konden anders nooit tot de bovenlaag opklimmen, maar bij het christendom wel. Onderwijs voor de Romeinse elite was erg duur en duurde lang. Het christendom had haar eigen onderwijs die veel minder duur was. Ook had het christendom aantrekkingskracht op de provincialen, die zich nooit echt Romeins gevoeld hadden.
Christenen werden lokaal en sporadisch door de Romeinen vervolgd. De Romeinen waren bang dat de christenen de toorn van de goden over het Rijk afriepen. Tijdens de crisis van de derde eeuw werden de christenen grootschaliger vervolgd. Aan het begin van de derde eeuw begon de kerk zich echter steeds meer te organiseren.
In het Edict van Milaan in 313 werd het christendom officieel erkend door keizer Licinius en keizer Constantijn (deze waren samen keizer). Constantijn was de drijvende kracht achter dit edict. Hij versloeg in 312 bij de Milvische brug zijn tegenstander Maxentius. Deze overwinning droeg hij op aan de God van de christenen. Met dit Edict van Milaan werden de christenen niet alleen gelijkgesteld aan de andere geloven, ze werden zelfs verheven. Constantijn liet kerken bouwen en gaf de kerk haar bezittingen terug. Bovendien gaf hij de priesters speciale privileges. Hij doopte ook de stad Byzantium om tot Constantinopel, wat vanaf toen de keizerlijke verblijfplaats werd. In 325 werd het eerste Concillie van Nicea gehouden, waar de goddelijke natuur van Jezus Christus bepaald werd en de leer van het arianisme verworpen werd.
Na Constantijn bekeerden veel mensen zich tot het christendom, hoewel er ook nog keizers waren die verkeerde vormen van het christendom propageerden of zelfs het christendom tegengingen, zoals keizer Julianus. In 380 verklaart Theodosius het christendom als officiele staatsgodsdienst. Toch was het christendom onderling ook verdeeld. Er waren verschillende stromingen die het onderling niet eens waren over bijvoorbeeld de aard van God, zoals de donatisten en de arianen.
Doctrine
De ‘kerkvaders’ zijn de overwinnaars in de strijd om de doctrine. Sint Athanasius streed tijdens het Concillie van Nicea tegen de priester Arius, en hij won. Daarom wordt hij de orthodox katholieke vader genoemd, en Arius een ketter. Volgens Athanasius waren de Vader en de Zoon gelijk in hun goddelijkheid, volgens de arianen was de Zoon geschapen en niet geheel menselijk, niet geheel goddelijk. Toch bleef het arianisme bestaan. Wulfilas (311-383) predikte dit geloof tot de Gothen langs de rivier de Danube.Naast het arianisme waren er nog meer doctrines. Het monofysitisme leerde dat het vlees van Christus goddelijk was en daarmee ook het menselijke vlees. Dit werd het geloof van de Armeense, Egyptische en Ethiopische christenen. Pelagius leerde dat bekering alle zonden uitwiste. Daar tegenover stond Sint Augustine, die vond dat de mensen niet in staat waren goed te doen zonder de zegen van God. Deze Sint Augustine schreef een boek voor het Westen, genaamd ‘City of God’, met daarin alle antwoorden op de goddelijke vragen. Daarin beschrijft hij twee soorten steden: een aardse stad en een goddelijke stad. De aardse stad was tijdelijk, onderhevig aan ziekte, oorlog en vuur. In de goddelijke stad was het ware en oneindige geluk te vinden. Toch had men de instituties van de aardse stad nodig om in de goddelijke stad te komen.
The Sources Of Gods Grace
De pausen uit Rome leidden uit Mattheus 16:18 af dat zij de opvolgers waren van Petrus, de eerste bisschop. Bovendien dachten zij dat het lot van de zondaars en het vergeven van hen in de handen hadden. In de mis vertegenwoordigden brood en wijn het lichaam en bloed van Jezus. Dit wordt ook wel de ‘eucharistieviering’ genoemd. De mis was een goed middel om de genade van God te krijgen. Daarnaast waren er ook nog de heiligen. Deze mensen waren uitverkoren door God. Ze gaven hun bezittingen op, ze vasten, bidden, sliepen niet en hadden geen seks. Deze heiligen gingen de strijd aan met de demonen. Ze waren erg populair bij de mensen, deze dachten dat ze magische krachten hadden. Deze krachten zouden na hun dood voortleven in de relieken (overblijfselen). Deze relieken werden daarom vaak bewaard in de kerken of kwamen in privébezit.The Barbarians
De Goten, Visigoten, Franken en Germanen werden door de Romeinen ‘barbaren’ genoemd. Verschillende formaties van deze groepen kwamen tot stand door etnogenese. Germaanse stammen die aan de buitenkant van het Romeinse rijk woonden kon men geen eenheid noemen. Ze bestonden uit groepen van verschillende oorsprong die zich voor een (militair) doeleinde konden verenigen. Uit deze multi-etnische confederatie kan na verloop van tijd een nieuwe etnische groep ontstaan met een eigen identiteit. Dit proces van verval en ontstaan van nieuwe stammen noemt men etnogenese. Goten die zich vestigden in Polen hadden dus een verschillende etniciteit dan de Goten die leefden bij de Zwarte Zee.Tijdens de crisis van de derde eeuw vielen de Goten uit het Zwarte Zeegebied het Romeinse Rijk binnen. De Romeinen kochten deze invallen op het begin af, maar stopten daar later mee. Rond 250 hadden de Goten grote delen van de Balkan geplunderd. Na deze invallen waren de Goten gesplits als twee groepen: de oostelijke Ostrogoten (vanuit het noorden van de Zwarte Zee) en de Visigoten uit Roemenië. Rond het jaar 335 waren de Visigoten bondgenoten van het Romeinse Rijk en vochten ze in de Romeinse legers.
Deze samenwerking kwam tot zijn einde toen in 376 de Hunnen uit de steppes van west-centraal Azië het Zwarte Zeegebied invielen, en verder gingen naar Roemenië. De Visigoten vroegen daarom asiel aan keizer Valens, deze stemde toe. Ongeveer 200.000 Visigoten kwamen daarna het Rijk binnen. Dit maakte de Romeinen woedend. In 378 kwamen de Visigoten in opstand tegen de Romeinen, en vermoorden keizer Valens in de slag van Adrainopel. In 397 begonnen de Visigoten onder leiding van Alaric naar een permanente verblijfplaats te zoeken. Ze gingen eerst naar Griekenland, toen naar Italië (waar ze Rome een paar dagen bezetten in 410) en settelden zich daarna in Gallië in 418. In 484 hadden ze het grootste gedeelte van Spanje ook ingenomen.
Rond 406 begonnen steeds meer barbaarse groepen het Romeinse Rijk binnen te vallen. De Alanen, Vandalen en de Sueven. De Vandalen vestigden zich in Noord-Afrika, terwijl de Sueven in Spanje bleven waar ze al snel verdreven werden door de Visigoten. Na de dood van Attilla de Hun in 453 viel zijn rijk aan de Danube. Hierdoor vielen nog meer groepen het Romeinse Rijk binnen: de Ostrogoten, Rugi en Gepids. In 476 werd de laatste Romeinse keizer Augustulus afgezet door Odoacer (van een barbaarse groep). Keizer Zeno van het Oost-Romeinse Rijk beviel in 490 de Ostrogoten om Odoacer aan te vallen en Theodoric koning te maken. Niet lang daarna veroverden de Franken Gallië onder Clovis. Noordwest Afrika werd overheerst door de Vandalen, Spanje door de Visigoten, Gallië door de Franken en Italië door de Ostrogoten. Verder namen de Angelsaksen zuid-oost Brittannië in, en de de Bourgondiërs vormden een rijk wat vandaag de dag Zwitserland is. (Zie voor de situatie kaart 1.3).
The New Order
De nieuwe situatie van de zesde eeuw was het ontstaan van kleine barbaarse koninkrijken in het West-Romeinse Rijk. Daar vervielen de steden, overheersten de rijken en domesticeerde het christendom. Het Oost-Romeinse Rijk ging verder onder een nieuwe naam: het Byzantijnse Rijk.Ruralization of the West
In plaats van het in beslag nemen van land, settelden vele barbaarse leiders zich in de steden, om vanuit daar belasting te verzamelen.Het grootste bezwaar van de Romeinen op de barbaren was hun ariaanse geloof. Clovis van de Franken was de eerste die dit probleem overwon door zich te bekeren tot het katholieke christendom. De barbaren namen ook veel instituties van de Romeinen over, zoals de wetten (bv. Visigoth Code of the Farmers Law). Omdat de Romeinse wetten waren opgeschreven in het Latijn, was er een grote groep Romeinse ambtenaren nodig om de koning te dienen.
De stedelijke middenklasse verdween langzaamaan. De nieuwe belastingen van de vierde eeuw hadden hier veel mee te maken. De curiales hadden in het Romeinse Rijk alle belasting verzameld. In de vierde eeuw verarmden deze curiales, omdat grote landbezitters niet betaalden. Hierdoor moesten de armere mensen de last alleen dragen. Wanneer ze dit niet meer konden betalen vluchten ze naar de rijke landbezitters en gaven hun vrije status op in ruil voor land en bescherming. Tijdens de zevende eeuw hadden de barbaren het opgegeven en inden ze geen belasting meer.
De steden raakten eveneens in verval. Er leefde niet meer zo veel bevolking en het was geen centrum meer van de handel. Steden waren vaak nog wel religieuze en culturele centra. Oorlog en ziekte verminderden de bevolking. Ook vond er een verschuiving plaats van het stedelijk leven naar het rurale leven. Lange-afstandshandel nam af. Bisschoppen, landheren, koningen, koninginnen, hovelingen en krijgers hadden een monopolie op de welvaart in het westen.
Kloosters vormden ook belangrijke, machtige landeigenaren, en monniken werden erg bewonderd. Monniken leefden in gemeenschappen en gaven hun leven op voor de religie. Ze hadden veel ongeschreven regels, maar later ook geschreven regels. Caesarius (502-542) schreef regels voor zijn zus en neef die het hoofd waren van kloosters. Sint Benedictus schreef rond 540 de bekendste regels voor de kloosters (de Regel van Benedictus), die in de negende eeuw overgenomen werden door de Karolingen en daarmee de westerse norm werden. Deze regels omvatten de perioden van het bidden, lezen, zingen en werken. Paus Gregorius de Grote (590-604) schreef een biografie over Benedictus waarin hij zijn regels prees.
The Retrenchment of the East
Na 476 was er ook een nieuwe orde in het Oostelijke Rijk, die minder opvallend was. Er was nog steeds een keizer met veel gezag en de steden waren nog steeds even levendig. De middenklasse had nog veel macht. Ook werden er nog steeds zeer effectief belastingen geïnd. Toch kan het oostelijke Romeinse Rijk beter bezien worden als een staat in het Midden-Oosten, die meer aan Perzië verwant was. Justinianus liet de wegen vervallen en de Slaven het rijk binnenvallen, en nam sommige Perzische gebruiken over.Een erg belangrijk aspect van de cultuur in het Oost-Romeinse Rijk waren iconen, oorspronkelijk een creatie van de christenen in Egypte. Via iconen dachten de oostelijke christenen toegang tot heiligheid te hebben.
In de vijfde en de zesde eeuw begon het rijk zich in zichzelf te keren. De Codex Theodosianus werd in 438 ingevoerd, hetgeen algemene wetten en rescripten bevatte. Justinianus voerde verdere wetgeving in. De Codex Justinianus (529) omvatte keizerlijke wetten, de Digest (533) bevatte juridische wetten, en de Institutes (534) was een tekstboek voor advocaten.
Justinianus was er verder op uit om de glorie van het oude rijk te herstellen. Hij nam daarom Noord-Afrika in van de Vandalen in 534, en een stuk van zuidoost Spanje in 552. Met grote moeite namen ze ook Italië in van de Ostrogothen. De eerste twee veroveringen waren redelijk succesvol, maar de verovering van Italië was desastreus. Er werd een verwoestende oorlog gevoerd in Italië van 535 tot 552. De Lombardische Germanen die aan de kant van Justinianus vochten om te helpen Italië in te nemen, keerden terug naar Italië voor hun eigen gewin. In 572 hadden zij Noord-Italië, Spoleto en Benevento ingenomen (zie voor de situatie kaart 1.5).
Toch was de westerse verovering voor Oost-Romeinse Rijk maar een bijzaak. De hoofdzaak waren de oorlogen met het Perzische Sassanidenrijk in de zesde eeuw. Niemand wist dat uiteindelijk de moslims als winnaar uit de bus zouden komen.
Conclusie
Door de crisis van de derde eeuw was de oude Romeinse elite gedegradeerd, terwijl er nieuwe groepen in opkomst waren. Één groep daarvan waren de christenen. Christendom werd de officiële religie in het rijk in 391-392. Er vond daarmee een verschuiving plaats van religie in particuliere huishoudens en tempels naar relieken, iconen en de Eucharistie. Bisschoppen en monniken gingen een belangrijke rol spelen. Politiek was het rijk overwonnen door de barbaren. Na een periode van samenwerking werd het West-Romeinse Rijk overgenomen© 2010 - 2012 Papillon, gepubliceerd in Samenvattingen (Educatie en School) op .
Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Papillon is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer informatie…
Het bijbelboek de brief aan de Romeinen In het tweede deel van de Bijbel, het Nieuwe Testament zijn veel boeken geschreve…
Het Bijbelboek de brief aan de Hebreeën De brief aan de Hebreeën is een bijzonder bijbelboek. Er ontbreekt een begro…
Geschiedenis samenvatting: Romeinse Rijk (Sprekend Verleden) In dit artikel wordt het hoofdstuk over het Romeinse Rijk ui…
Van Sabbat naar zondag: Hoe en Waarom deze Verandering? Wanneer werd de zondag, de eerste dag van de week, een vervangend…
Gerelateerde artikelen
Begrippen uit de internationale politiek en relaties Dit artikel bevat hoofdzakelijk een samenvatting van hoofdstuk 1 van…Het bijbelboek de brief aan de Romeinen In het tweede deel van de Bijbel, het Nieuwe Testament zijn veel boeken geschreve…
Het Bijbelboek de brief aan de Hebreeën De brief aan de Hebreeën is een bijzonder bijbelboek. Er ontbreekt een begro…
Geschiedenis samenvatting: Romeinse Rijk (Sprekend Verleden) In dit artikel wordt het hoofdstuk over het Romeinse Rijk ui…
Van Sabbat naar zondag: Hoe en Waarom deze Verandering? Wanneer werd de zondag, de eerste dag van de week, een vervangend…
Reageer op het artikel "Samenvatting: a Short History of the Middle Ages hoofdstuk 1"
Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.
Bronnen en referenties
- A Short History of the Middle Ages, Barbara Rosenwein.