
Samenvatting MeMo Module 1 Hoofdstuk 2: Pax Romana
Dit is een samenvatting van het boek MeMo, Module 1, hoofdstuk 2: Pax Romana. Rome groeit uit tot een grote mogendheid en wereldmacht. Rome was uniek door haar geordendheid en militaire macht. Nadat de Romeinen een volk overwonnen behandelden ze deze met edelmoedigheid. Ook dit was uniek.
Bronnen van kennis
Rome is gesticht in 753 v. Chr. door Romulus en Remus. De Griek Polybius schreef de geschiedenis over Rome in de 2e eeuw v. Chr. De bronnen van kennis zijn de orale cultuur, mythen en archeologische vondsten. Door opgravingen werd rond 750 v. Chr. werd een klein dorpje gevonden. Dit typisch Grieks dorpje had bepaalde kenmerken:- Er woonden boeren en herders die een hechte familieband hadden.
- De inwoners spraken Latijns en behoorden tot de Latijnen.
- De inwoners onderhielden goede contacten met hun buren, zoals de Etrusken en de Sabijnen met de Grieken.
- Latijnen stonden open voor andere volken en namen hun kennis soms over. Zo waren de Romeinse goden hetzelfde als die van de Grieken.
Uit schaarse bronnen blijkt dat de Romeinen een koning hadden. Deze koning kreeg advies van de Patriciërs, dit waren leiders van de belangrijkste families. Zij kwamen bijeen in een Raad van Ouden, de Senatus. De senaat had veel invloed, de koning kon geen beslissingen nemen zonder de goedkeuring van de senaat. Patriciërs waren de edelen in Rome. De Plebejers waren de gewone vrije mensen, sommigen van hen waren arm, sommigen rijk. Deze volken hadden twee kenmerken:
- Patriciërs en Plebejers trouwden niet onderling
- Patriciërs waren altijd mensen uit de senaat of senatoren
De laatste koningen van Rome waren de Etrusken. Lucretia, de echtgenote van de patriciër Collatinus in 509 v. Chr. werd verkracht door de Etruskische koning. Lucretia waarschuwde haar man en pleegde toen zelfmoord. Lucretia’s eer was belangrijker dan haar leven. Een geschonden familie-eer werd met geweld gewroken. Collatinus nam wraak en verdreef de koning. Rome ontworstelde zich toen van de Etruskische overheersing. Rome werd rond die tijd een republiek. De belangrijkste leiders waren 2 consuls. De patriciërs werden voor een jaar gekozen. Samen namen zij beslissingen en werden geadviseerd door de senaat.
Geschreven bronnen
In de 2e en 1e eeuw v. Chr. Ontstonden de eerste geschreven bronnen. Het waren betogen, redevoeringen en verhandelingen over de Romeinse republiek en haar wetgeving. Veiligheid is de hoogste wet, schreef Marcus Tullius in zijn verhandeling Over De Wetten. Er bestond ook zoiets als “goddelijke natuurwetten”. Elk persoon van elk volk werd beschermd door de goden. Deze wetten hielden in dat elk persoon, inclusief een overwonnen vijand, waardevol was en edelmoedig behandeld moest worden.Cicero
Cicero wilde dat een groep deskundige rechtsgeleerden de Romeinse wetten duidelijk interpreteerden. Het doel hiervan was één algemene wetgeving waar iedere burger op kon vertrouwen. Cicero was géén patriciër, hij kreeg opleiding tot advocaat. Die opleiding werd afgesloten met een reis naar Griekenland. Terug in Rome werd hij bekend als schrijver en een redenaar. Hij werd als Plebejer gekozen tot consul. Cicero was een voorstander van een republiek waarbij de rijken het voor het zeggen hadden. Hij verafschuwde een democratie omdat het grootste aantal niet de grootste macht moest hebben.
Titus Livius
Titus Livius leefde van 59 v. Chr. tot 17 na Chr. Hij schreef de Ab Urbe Condita. Hij was een goede vriend van de keizer Augustus. Hij schreef 40 jaar lang en 142 boeken. 35 zijn hiervan overgeleverd. Hij schreef de geschiedenis van Rome als de geschiedenis van een wereldmacht. Hij maakte gebruik van andere schriftelijke bronnen, mythen en mondelinge verhalen. Ook maakte hij gebruik van De Geschiedenis Van Rome van Polybius. Titus schreef een doorlopend verhaal over het machtige Rome met verfraaiing van verhalen en mythen, bijvoorbeeld de verhalen over de verkrachting van Lucretia en de eed van Hannibal. De belangrijkste taak van burgers was volgens Titus het vaderland dienen zodat het land in stand bleef. Titus dacht na over de betekenis van de geschiedenis. Hij rangschikte de feiten zodat hij er zijn eigen mening in kon verwerken. Titus was meer een grote schrijver dan een geschiedschrijver die de feiten objectief analyseert.
Het Romeinse Imperium
Rome groeide uit tot een grote stad die zich uitstrekte over 7 heuvels. Rome had verschillende kenmerken:- Romeinen waren praktisch en hielden orde
- Ze legden rechte straten aan die de stadsdelen met elkaar verbonden
- Ze bouwden tempels en beschermden de stad met muren. Dit moest want de Etrusken en de Galliërs bedreigden Rome
- Rome had uitmuntende soldaten, die gedisciplineerd en gehoorzaam waren. Ook bezaten ze dapperheid en doorzettingsvermogen.
Leger
Rome stelde een bondgenootschap voor. Rome bood Romeinse burgerrecht en bescherming in ruil voor soldaten en gehoorzaamheid. Wanneer men niet akkoord ging rukte het Romeinse leger op. Overwonnen tegenstanders werden edelmoedig behandeld. Vechten voor Rome gaf voldoening en maakte Rome groot en machtig. Militaire successen werd uitbundig gevierd, de veldheer mocht met zijn soldaten en krijgsgevangenen een triomftocht houden in Rome. Rome had een betrouwbaar, goed getraind en uitgerust leger nodig. De soldaten werden door de stad betaald. Iedereen die een stuk land bezat moest een aantal jaren in dienstplicht. Regelmatig werd veroverde gebieden onder hen verdeeld als extraatje. Zo ontstond het eerste beroepsleger in de geschiedenis. Tevens werden er grote wegen aangelegd (de Via Appia, van Rome tot Brindisi) om grote legers te snel te kunnen verplaatsen.
Na verovering van Italië kwam Rome komt in conflict met Carthago, de andere belangrijkste macht in het Middellandse Zeegebied. Rome wilde graan van Sicilië van Carthago voor de groeiende bevolking. Een eeuw lang werd er gevochten tussen Rome en Carthago. Rome bouwde een vloot, en Carthago stuurde een landleger en olifanten over de Alpen naar Italië. Carthago verloor uiteindelijk.
Patriciërs en Plebejers
Door de oorlogen werd veel land in Italië verwoest. Rome raakt overvol door:
- Veel kleine boeren vochten langdurig in het leger
- Hun gezinnen konden het bedrijf niet langer draaiend houden
- Zij verkochten hun boerderijen en vertrokken naar de stad
De Patriciërs werden gouverneurs in de nieuwe Romeinse Provincies overzee en kwamen vaak steenrijk terug. Ze hadden zich verrijkt met extra belastingen en namen goud en zilver mee terug. Met dat geld kochten ze landgoederen in Italië en lieten slaven, krijgsgevangenen en soldaten en burgers naar Italië te komen om op die landgoederen te werken.
Plebejers hadden het recht hun eigen leiders te kiezen, ze hadden volkstribunen. Deze volkstribunen hadden de taak de Plebejers te beschermen, en ze konden maatregelen tegenhouden door hun VETO-recht. Een aantal tribunen kwam in de 1e eeuw v. Chr. met voorstellen om het land opnieuw in te delen. Maar de Patriciërs lieten de volkstribunen vermoorden en draaiden de maatregelen terug. Hierdoor brak er een onrustige periode aan.
Caesar
In 60 v. Chr. kreeg Gaius Julius Caesar het commando over Gallië Narbonensis. Caesar was een begaafde redenaar, een slimme politicus, een uitstekende veldheer en een goede schrijver. Hij was tegen de macht van patriciërs in Rome. Hij wilde kwijtschelding van de schulden van de arme plebejers, hij werd daarom erg populair bij hen. In korte tijd onderwierp Caesar heel Gallië en een deel van Groot-Brittannië. Hij won de burgeroorlog en maakt Cleopatra Koningin van Egypte. Caesar werd benoemd tot dictator voor 10 jaar. In 44 v. Chr. werd hij vermoordt door een samenzwering van de Patriciërs onder leiding van Marcus Brutus. De bedoeling van de patriciërs met de moord op Caesar was herstel van de republiek. Er brak in plaats daarvan een nieuwe burgeroorlog uit. Een goede vriend van Julius Caesar, Marcus Antonius was een grote kanshebber de nieuwe minnaar van Cleopatra te worden. De aangenomen zoon Octavianus eiste de erfenis van Caesar op en bond een strijd aan met Marcus Antonius. Antonius verloor van Octavianus en in 27 v. Chr. werd Octavianus keizer genoemd.
Cultuur in het Romeinse keizerrijk
Octavianus regeerde tot het jaar 14. Hij noemde zich Augustus en wees de titel dictator af. Hij regeerde terughoudendheid en met tact. Hij rekende wel af met de macht van de generaals en werd opperbevelhebber van alle troepen. De soldaten moesten hem persoonlijk trouw zweren, na ontslag uit dienst kregen ze allemaal een stuk land. Augustus breidde het aantal ambtenaren enorm uit:- Deze hielden zich bezig met wegen, bruggen en watervoorziening aanleggen.
- Ze zorgden voor veiligheid op straat en inden belastingen.
- Zij waren verantwoordelijk voor de verdeling van graan en de bevoorrading en uitrusting van het leger.
Pax Romana
Augustus organiseerde “Brood En Spelen”. Dit waren graanuitdelingen en vermaak voor de burgers. Tijdens de regering van Augustus kwam er een periode van rust en welvaart. De landbouw groeide, handel nam toe, en de burgers waren tevreden met de nieuwe heerser. Dit wordt de Pax Romana genoemd, dit betekent “De Romeinse Vrede”. Soldaten in de grensprovincies moesten de Pax Romana beschermen.
Een nieuw geloof
De Romeinen beschouwden de Christenen eerst als een joodse groepering. Joden werden in het rijk gezien als een oud volk met eigen geloof en tradities. Zij vormden geen bedreiging voor het keizerrijk. Ze kregen voorrechten: ze hoefden niet te offeren aan de keizers, omdat hun geloof dat verbood. Joden geloofden dat God een nieuwe vorst zouden sturen om de geschiedenis van het joodse volk te veranderen. Jezus van Nazareth was een geboren jood en werd gezien als een vorst door zijn volgelingen. Nazareth werd “Christos” genoemd en zijn volgelingen werden christenen genoemd. Jezus predikte een geloof van verdraagzaamheid en vergiffenis en verwelkomde misdadigers en prostituees. Hij werd daarom door de joden en Romeinen ter dood gebracht. Paulus van Taurus schreef dat alle christenen net als Jezus, uit de dood zou opstaan en het eeuwige leven zouden krijgen. Paulus stelde ook dat oude joodse gebruiken niet van toepassing waren bij de christenen. De doop werd ingesteld in plaats van de besnijdenis. Paulus verspreidde het geloof rondreizend van stad naar stad tot in Rome. De christenen verafschuwden verering van andere goden en keizers. Rond 300 was ongeveer 10% een christen in Rome.
Constantijn
In 312 trok keizer Constantijn trok naar Rome om heerschappij over Romeinse Rijk te bevechten. Er gebeurden hierdoor een aantal dingen:
- Constantijn liet op de schilden en kleding van de soldaten de letters X en P aanbrengen.
- Toen hij de slag won en keizer werd maakte hij het christendom tot wettige godsdienst van het rijk.
- Geestelijken hoefden geen belasting te betalen en ook niet als soldaat het leger in te gaan
- Zondag werd de officiële rustdag.
- In de christelijke wereld werd hij Constantijn de Grote. Overal werden kerken gebouwd.
- Kerk en staat raakten steeds meer met elkaar verweven totdat uiteindelijk de pausen van Rome de keizers bekroonden.
Kijk voor meer samenvattingen in de special: Samenvattingen MeMo © 2008 - 2010 Papillon, gepubliceerd in Samenvattingen (Educatie en School) op 06-11-2008, laatst gewijzigd op 30-01-2009. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Papillon is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...
Verwante artikelen
- Geschiedenis samenvatting: Romeinse Rijk (Sprekend Verleden): In dit artikel wordt het hoofdstuk over het Romeinse Rijk uit de geschiedenis-methode "Sprekend Verleden" overzichtelijk samengevat. In deze same…
- Religieuze geschiedenis Joden 34: Joodse opstand tegen Rome: De Joodse opstand tegen de Romeinen kan vergeleken worden met een opstand van Israël tegen de Navo. Dit lijkt op een zelfmoordpoging. Waarom staan…
- Samenvatting Geschiedenis -Memo- Module 1: Hieronder staat een samenvatting van Module 1 van het boek Memo voor VWO. Het gaat over de klassieken (Grieken en Romeinen dus) en hoe deze voortleven in de kunst e…
- Het bijbelboek de brief aan de Romeinen: In het tweede deel van de Bijbel, het Nieuwe Testament zijn veel boeken geschreven door de apostel Paulus. Hij had een opleiding gehad in de Oudtestamentische boeken,…
- Religieuze geschiedenis Joden 45: Bloedsprookje: In de Middeleeuwen worden Joden door christenen beschuldigd van het doden van babies en het drinken van hun bloed. Deze laster kan niet rationeel verklaard wo…

Reageer op het artikel "Samenvatting MeMo Module 1 Hoofdstuk 2: Pax Romana"

Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.

