Samenvattingen en Blockmans

Blockmans & Hoppenbrouwers - Eeuwen des Onderscheids h2

Hier treft u een samenvatting van hoofdstuk 2 het boek Eeuwen des Onderscheids van Wim Blockmans en Peter Hoppenbrouwers.


2. De Romeinse erfenis

Karel V liet zich vanaf zijn keizerskroning in 1530 in Bologna, en vooral tijdens zijn intochten in Italiaanse steden, waaronder Rome in 1536, voorstellen als een perfecte reïncarnatie van de antieke keizer. Een groot deel van het Romeinse culturele erfgoed bleef functioneren voor hen die een zekere ontwikkeling hadden bereikt. Gedurende elf eeuwen die volgden op de symbolische afzetting van de laatste West-Romeinse keizer in 476, oefenden de Romeinse geschiedenis, de staatsinstellingen, het recht, de architectuur, de taal, de wetenschap en de literatuur een aanhoudende aantrekkingskracht uit op de verbeelding en het handelen van de maatschappelijke bovenlaag in het Westen.

Desintegratie van het imperium

De bestuursstructuur
Wat natuurlijk het meest tot de verbeelding sprak, was het keizerschap zelf: soevereine macht over een onmetelijk gebied dat vele volkeren omvatte. Een geïntegreerde staatsstructuur als de Romeinse heeft Europa op die schaal nooit meer gekend, hoewel het streven daartoe met enige regelmaat is opgedoken en gedurende korte perioden wel uitgebreide veroveringen hebben plaatsgehad. Fundamenteel is hierbij dat het RR een politieke eenheid vormde die eeuwenlang kon functioneren omdat ze gebaseerd was op een solide economische organisatie, een indrukwekkende infrastructuur en een hoogontwikkeld rechts- en bestuurssysteem.

De militaire organisatie die aan de basis had gelegen van de veroveringen die het RR zijn enorme uitgestrektheid gaven, bleef noodzakelijkerwijs de kern vormen van zijn eenheid, omdat de druk van de omringende volkeren sterk was. Een uitgestrekt net van degelijk aangelegde kasseiwegen vormde de ruggengraat van het imperium.

In het latere Europa verdwenen deze organisatieprincipes vrijwel geheel en herinnerden alleen de rüines en de grondpatronen van stedelijke kernen nog aan de vergane glorie.

In tegenstelling tot het Romeinse imperium is het moderne Europa van onderop, vanuit vele afzonderlijke kleine eenheden gegroeid en niet van bovenaf geconcipieerd. In het latere Europa waren het de vorstelijke dynastieën die grotere staatkundige eenheden tot stand brachten maar nog tot in de negentiende eeuw dachten ze fundamenteel in patrimoniale, privaatrechtelijke categorieën: landen waren voor hen bezittingen die door hen verpand of binnen hun familie vererfd, verdeeld en samengevoegd konden worden.

De KK is zeker de belangrijkste erfgename geweest van het RR.

Ondanks haar formele onafhankelijkheid van het hoogste wereldlijke gezag, nam de Kerk in het Westen toch heel wat opvattingen over van het RR. Met de bestuurlijke indeling hingen concepties samen als hierarchie in bestuursniveaus, territorialiteit van gezag en het begrip ambt zelf. Dit zijn stuk voor stuk abstracties waar de barbaarse volkeren in de vierde en vijfde eeuw nog lang niet aan toe waren, maar die in de Romeinse Republiek geleidelijk inhoud en theoretische onderbouwing hadden gekregen.

Ambtelijkheid impliceerde schriftelijkheid, welke traditie de Kerk eveneens als enige institutie eeuwenlang heeft voortgezet te midden van een wereld van he gesproken woord. Dit geldt evenzeer voor het geschreven recht.

Het was dus de Kerk die zorg droeg voor elementen uit de antieke cultuur omdat zij daarvan nu eenmaal zelf een belangrijk relict was.

Te midden van een wereld waarin alles onzeker was geworden, vertegenwoordigde de Kerk enkele vaste, en veelal als hoger erkende waarden. Ook de barbaarse heersers maakten hiervan ruimschoots gebruik.

Een overheidseconomie
Gedurende het late keizerrijk was de staat een belangrijke partij in het economische leven. De staat greep diep in in de productieverhoudingen teneinde voldoende belastingopbrengsten te verzekeren voor de realisatie van zijn eigen doelstellingen. Die hielden in: het onderhouden van de enorme legermacht aan de grenzen, het betalen van een uitgenreid ambtenarenapparaat, het bevoorraden van de steden met elementaire voedingsmiddelen tegen een ook voor de armsten betaalbare prijs.

De animo van schippers en ambachtslieden om voor rekening van de overheid te werken nam af naarmate in de vierde en vijfde eeuw het leger in omvang groeide, terwijl de inkomsten van de staat verminderden. Hogere bedragen moesten worden betaald aan soldij, maar de weerstand tegen de stijgende belastingdruk groeide.

Het late keizerrijk bestreed zijn immense economische problemen door dwangmaatregelen. Sinds 332 werden coloni (boeren met eigen percelen of pachters) en mancipia (slaven) erfelijk gebonden aan de grond die ze bewerkten. Dwangmaatregeln tonen aan dat het economisch en fiscaal systeem waarop het keizerrijk rustte van binnenuit instortte.

Imperial overstretch is een gangbaar begrip waarmee wordt gewezen op de tendens van grote rijken om zich uit te strekken tot over de grenzen van hun beheersbaarheid. Zo is het zeker ook het RR vergaan.

Ruralisering
Was het imperium gegrondvest op een stedelijke samenleving en goede verbindingen, tijdens de vierde en vijfde eeuwen vervielen juist die kenmerken.

De periode van de vierde tot de zesde eeuw moet een sterke vermindering van de totale bevolking gekend hebben.

Een gevolg moet zijn geweest dat de landbouwproductie terugliep en zeker ook de oppervlakte van het bebouwde areaal.

Senatoriale landerijen genoten de status van immuniteiten, gebieden waar de staatsmacht niet kon optreden. Door hun talrijke schare onafhankelijke boeren konden de grootgrondbezitters zich beter verdedigen in de onzekere tijden dan de kleine zelfstandigen. De onveiligheid bracht dan ook vele kleine boeren ertoe zich onder de bescherming te plaatsen van een naburige grootgrondbezitter wiens macht daardoor steeds toenam.

Op deze wijze usurpeerden grootgrondbezitters enerzijds de tanende staatsmacht door het recht in eigen hand te nemen, anderzijds konden ze hun machtspositie verder uitbouwen doo hun patronage uit te oefenen over zwakkeren.

Zo ziet men uit het puin van et late keizerrijk economische en sociale verhoudingen ontstaan die kenmerkend worden voor de vroege Middeleeuwen:
  • een overwegend agrarische samenleving met een sterke sector van grote domeinen die een ruime mate van immuniteit genieten;
  • fragmentatie van macht met directe overheersng door grootgrondbezitters;
  • vrije boeren staan onder druk van inlijving bij de grote domeinen die gebruik maken van onvrije arbeid;
  • steden zijn gereduceerd tot kleine dienstencentra, handelsverkeer is zeer beperkt en blijft vooral rendabel voor luxegoederen bestemd voor de grondaristocratie;
  • arbeid en producten van arbeid zijn nog slechts in bescheiden mate verhandelbare goederen omdat het marktstelsel is ingestort en er nog nauwelijks geld in omloop is;
  • extra-economische drukmiddelen, vooral fysieke dwang en de dreiging daarmee, worden ingezet om het surplus voor de grootgrondbezitters af te romen.

Het Oost-Romeinse Rijk

Byzantium was de Griekse naam van de bescheiden stad aan de Bosporus die keizer Constantijn de Grote (306/337) in 330 tot nieuwe residentie liet uibouwen.

De keizers uit de vierde eeuw deden er alles aan om Byzantium of Constantinopel de allure van Rome te geven. Er kwam ook een aparte Byzantijnse senaat. Het aantal inwoners groeide van de vierde tot de zesde eeuw fenomenaal, in scherp contrast met het verval van de stad Rome in dezelfde periode.

Justinianus
Na 476 maakten de OR keizers aanspraak op herstel en vernieuwing van het keizerrijk, renovatio imperii, vanuit Byzantium en met het gezag over Rome. De man die hieraan werkelijk gestalte zou geven, was Justinianus (527-565). Zijn renovatio-politiek had vier pijlers: de herovering van verloren gegane gebieden; de zuivering en codificatie van het Romeinse recht; een economische politiek gericht op ondersteuning van het militaire apparaat; vestiging van eenheid van godsdienst.

Uiteindelijk zouden de Byzantijnen in Italië nog heel wat, maar al met al niet zo heel veel gebied overhouden. Hieronder waren twee oude keizerlijke residenties: Rome en Ravenna.

Aanzienlijk duurzamer en succesvoller was de tweede pijler van de renovatio imperii, de zuivering en codificatie van het Romeinse recht.

Het derde aspect van Jusinianus' renovatio imperii appelleerde eveneens aan een lange Romeinse traditie, namelijk de verwevenheid van staatsaangelegenheden en religie, en de opvatting dat de keizer tevens religieus leider was. Als kroon op zijn verbondenheid met de christelijke godsdienst en de Byzantijnse kerk en als uitdrukking van zijn primaat daarover, liet Justinianus de pal naast het keizelijke paleis gelegen Hagia Sofia herscheppen tot de grootste en meest majesueuze kerk van de christenheid.

In de keizercultus tekenden zich tegen het einde van het bewind van Justinianus veranderingen af. In het laat-RR hadden de keizers een half-goddelijke status genoten en was hun persoon voorwerp van echte verering geweest. In de tweede helft van de zesde eeuw is het minder de keizer en meer en meer God zelf die wordt vereerd.

Implosie en consolidatie
De Byzantijnen hebben de genoemde externe bedreigingen met wisselend succes kunnen afweren. Vooral het bewind van keizer Herakleios (610-641) is in dat opzicht tragisch te noemen. Minder dan tien jaar na een spectaculaire overwinning op de Perzen (627) leden de Byzantijnen een smadelijke nederlaag tegen de Arabieren (636).

De demografische crisis en de gebiedsverliezen hadden grote gevolgen voor de Byzantijnse economie en samenleving en voor de bestuurlijke en militaire organisatie van het Rijk. Gaandeweg de zevende eeuw vertoonde de Byzantijnse economie duidelijke contractieverschijnselen. Net als in het Westen is ook in het Oosten hte meest vitale kader van de laatantieke economie en samenleving danig ontwricht geraakt.

In die krimpsituatie en onder de voortdurende bedreiging van het Rijk door Arabieren, Slaven en Bulgaren heeft Constans II omstreeks 660 het leger op een geheel nieuwe leest geschoeid. Aan de basis kwamen vier grote legercorpsen of themen te staan.

De voortdurende dreiging van de Arabieren, die in 717-718 Constantinopel zelf hebben belegerd, en van binnenlandse samenzweringen tegen de keizer brachten Constantijn (741-775) ertoe om zes nieuwe elitecorpsen van echte beroepssoldaten te vormen, de zogenaamde tagmata, die nauw aan de keizer persoonlijk werden verbonden.

Nog voor het jaar 100 hadden de theme-legers in hun oude vorm hun langste tijd gehad.

Hernieuwde expansie
Tot grote territoriale expansie zou het pas in de tiende eeuw komen. Vooral met de Bulgaarse khans hebben de Byzantijnen in de negende eeuw veel te stellen gehad.

Pas tegen het einde van de negende eeuw begon het tij te keren: weliswaar ging toen Sicilië grotendeels verloren aan de moslims, in de laars van Italië en in Anatolië kon de Byzantijnse positie worden verstevigd. De grote veroveringen die daarop in de tiende eeuw volgden, waren deels mogelijk door een verzwakking van Byzantijnse erfvijanden, deels het uitvloeisel van redelijke politieke stabiliteit in Byzantium zelf.

In de hele tiende eeuw regeerden eigenlijk maar twee keizers: Constantijn VII (913-959) en zijn kleinzoon Basilios II (963-1025).

Bij de dood van Basilios II in 1025 was Byzantium naar de verhoudingen van die tijd onmiskenbaar weer een grootmacht. Het Rijk was zeker tweemaal zo groot als in de achtste eeuw. Basilios was heer en meester van de Straat van Messina tot de oostkust van de Zwarte Zee. De snelle expansie had evidente nadelen. Het enorme grondgebied van het Rijk werd gekenmerkt door een even grote geofysische als etnische verscheidenheid en was daardoor nite eenvoudig te beheersen.
© 2008 - 2010 Royale, gepubliceerd in Samenvattingen (Educatie en School) op 02-09-2008. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Royale is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen

Bronnen en/of referenties

  • Blockmans & Hoppenbrouwers - Eeuwen des Onderscheids, Bert Bakker, Amsterdam, 2006

Reageer op het artikel "Blockmans & Hoppenbrouwers - Eeuwen des Onderscheids h2"


Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.