Samenvattingen en Hoofdzaken Bestuursrecht

Michiels - Hoofdzaken van het bestuursrecht Hoofdstuk 7

Omdat het boek 'Michiels, Hoofdzaken van het bestuursrecht' wat tijd nodig heeft om door te komen, vind u hier een korte samenvatting van het boek, in hoofdstukken opgedeeld. Onderdeel: Hoofdstuk 7


Normen voor handhaving

De normen voor handhaving zijn opgenomen in hoofdstuk 5 van de Awb. Bestuursrechtelijk handhaven bestaat in verschillende vormen, waaronder:
  • Bestuursdwang
  • Dwangsom
  • Boete
  • Intrekking van een begunstigend besluit

De laatste 2 worden door bijzondere wetten toegekend, bestuursdwangbevoegdheid is algemeen toegekend in de organieke wetten. Organen die bestuursdwang mogen uitoefenen hebben ook een dwangsombevoegdheid, tenzij in bijzondere wet is bepaald dat het niet zo is.

Fasen van handhaving

Er zijn 3 fasen in handhaving:
  1. Toezicht: controle of iemand zich aan de regels houdt.
  2. Sanctiebesluit: als iemand zich niet aan de regels houdt, wordt in een besluit een verplichting opgelegd (boete of dwangsom), een begunstigende beschikking ingetrokken of tot feitelijk overheidsoptreden overgegaan (bestuursdwang).
  3. Tenuitvoerlegging van het besluit.


Bestuursrechtelijk en strafrechtelijk

Soms zijn overtredingen van bestuursrechtelijke voorschriften ook strafbaar gesteld, waardoor ook een strafrechtelijke sanctie mogelijk is (bijv. geldboete of vrijheidsstraf, maar ook onttrekking aan het verkeer of het ontnemen van wederrechtelijk verkregen voordeel). De meeste zijn niet bestraffend van aard, maar reparatoir. Net zoals bestuursrecht soms ook niet alleen reparatoir werkt, maar ook bestraffend.

Windmill

Uit het Windmill-arrest bleek dat de privaatrechtelijke weg in beginsel niet openstaat voor bestuursorganen, indien zij hetzelfde ook door het publiekrecht kunnen bereiken. Als een overheid in algemeen belang (milieu) handelt, is dit een moeilijke situatie (mag dat dan ook niet via het privaatrecht?).
Voor particulieren gaat de beperking van Windmill niet op. Als private behartigers het algemene belang dienen, mogen ze dat via de privaatrechtelijke weg.

Falende handhaving

Foutloze handhaving is nagenoeg onmogelijk. Blijkens onderzoek worden lang niet alle normen braaf nageleefd, en zijn ook zeker niet alle normen makkelijk controleerbaar. Bij niet of gering optreden volgt een mogelijke strijd met het gelijkheidsbeginsel (de ene wordt wel gestraft en de ander niet). Het is daarom belangrijk dat de normen duidelijk zijn voor de geadresseerden. Bovendien moet bij een sanctiebesluit nauwkeurig worden uitgelegd waarom welke norm is overtreden.

Hoorplicht

Vastgelegd in art. 4:8 Awb is de hoorplicht. De gegevens tot een strafbaar feit zijn doorgaans door het bestuur verkregen. De overtreder moet dus ook zelf worden gehoord.

Beleid en gelijkheid

Ook bij handhaving is het van belang dat een bestuur consistent handelt. Dat betekent niet dat ze geen prioriteiten mogen stellen. Zo kunnen ze er bijv. voor kiezen om in een bepaalde periode de horeca extra onder de loep te nemen, een volgende periode weer een andere branche. Als echter één café in de periode wordt aangepakt, mag de andere niet ongemoeid blijven.

Vertrouwensbeginsel

Dat een bestuur (nog) niet optreedt, betekent niet dat de overtreding definitief wordt gedoogd. Bij een eventuele toezegging van gedogen, kan nog de handhaving zwaarder wegen.

Belangenafweging

Bij handhaving wordt vaak een afweging gemaakt tussen de belangen van de handhaver, de overtreder(s) en eventuele derden. Soms kan daardoor worden besloten niet tot handhaving over te gaan. Dit is bijv. het geval als een groot bedrijf in strijd met de wet handelt door niet in het bezit van een vergunning te zijn, terwijl hij te goeder trouw was (door verkeerde inlichtingen van het bestuur). Het bedrijf sluiten en weer openen als de vergunning wel is toegekend zou de belangen van de overtreder te ernstig schaden.

Gedoogd beleid

In de regel moeten bestuursorganen echter wel alle overtredingen die zij ontdekken handhaven. Een andere uitzondering is bijv. als er een concreet uitzicht op legalisatie bestaat.

Internationale verplichting tot handhaven

Soms dwingt het EG-recht tot handhaven. Er valt echter niet altijd direct af te leiden wie op basis van het verdrag welke actie moet ondernemen. In de jurisprudentie kunnen we lezen dat:
  • Handhaving van EG-richtlijnen mag niet soepeler zijn dan van nationale regelingen.
  • Sancties moeten doeltreffend en afschrikwekkend zijn.

Evenredigheid

De handhaving moet wel in evenredigheid met de overtreding zijn. Bij bestuurlijke sancties toets de rechter terughoudend, dus alleen of het bestuur redelijkerwijs tot zo’n beslissing had kunnen komen, bij strafrechtelijke sancties toets hij vol, hij toets of hij de zwaarte van de sanctie evenredig vindt.

Toezicht

Toezicht is het verzamelen van informatie over de naleving van wettelijke voorschriften. Toezichthouders worden niet direct door de Awb aangewezen, maar door allerlei aparte regelingen en besluiten. Een ieder is verplicht aan de uitoefening van het toezicht mee te werken, uitgezonderd mensen met een beroepsmatige geheimhoudingsplicht.

Bevoegdheden

Toezichthouders hebben bij wet geregelde speciale bevoegdheden. Zij moeten te allen tijde een legitimatiebewijs bij zich dragen en desgevraagd legitimeren, en zij mogen hun bevoegdheden alleen gebruiken voor zover zij die redelijkerwijs nodig hebben.

Cautie

Sommige toezichthouders hebben ook een opsporingsbevoegdheid, waarbij de cautie moet worden gegeven, en de verdachte zwijgrecht heeft. Toezichthouders hoeven geen cautie te geven, en de betrokkenen zijn wel verplicht tot antwoorden. Hierbij is misbruik van bevoegdheid erg verleidelijk: eerst onder het mom van toezicht de betrokkene uithoren, die verplicht is tot antwoorden, en bij verdenking de cautie geven, die dan zinloos is, want de ambtenaar weet alles al.

Last onder dwangsom

Het bestuursorgaan stuurt een schriftelijke last de overtreding te staken of de gevolgen van een gedane overtreding ongedaan te maken. Er wordt een datum aan verbonden. Indien de overtreding voortduurt, verbeurt de overtreder een of meer bedragen. Het bestuursorgaan kan de bedragen door een deurwaarder laten innen. Tegen dwangsommen kan beroep of bezwaar worden ingesteld, tegen het dwangbevel van de deurwaarder verzet.
In geval van onmiddellijk vereiste actie mag de dwangsom niet op worden gelegd, en ook niet in combinatie met bestuursdwang. Een dwangsom is preventief en garandeert geen directe effectiviteit.

Bestuursdwang

Door feitelijk handelen een overtreding beëindigen. Meestal gaat het om iets slopen, wegnemen of sluiten, op kosten van de overtreder. Vooraf moet een kennisgeving aan de rechthebbende, overtreder en aanvrager worden verstuurd. Daarin staat nog een termijn waarin de belanghebbende zelf iets kan regelen, om bestuursdwang te voorkomen.
Tegen het bestuursdwang besluit staat weer bezwaar en beroep open, tegen het invorderen van de kosten verzet.
Bestuursdwang mag niet worden toegepast als er nog een last onder dwangsom loopt.

Boete

Omdat dwangsommen alleen toekomstige overtredingen voorkomt, zou dat betekenen dat de eerste overtreding moet worden gedoogd. Om dat te voorkomen mag het bestuursorgaan ook een boete opleggen (onvoorwaardelijke betalingsverplichting).

Intrekking van begunstigende besluiten

Voor hardleerse overtreders kan het bestuur ook nog besluiten een begunstigend besluit in te trekken. Het is een zware ingreep: iemands recht wordt ontnomen. Omdat intrekking meer iets op papier dan in de praktijk is, en de overtreder alsnog door zou kunnen gaan, is meestal een aanvullende sanctie nodig.

Overige sancties

Overige sancties zij:
  • Ontslag
  • Verbeurdverklaren van een waarborgsom
  • Uitzetting van een vreemdeling zonder verblijfsvergunning
  • In ontwikkeling: bekendmaking van boetebesluiten in de Staatscourant

Reparatoir en punitief

Reparatoire sancties zijn gericht op het beëindigen van een illegale activiteit. Als de gevolgen nog ongedaan gemaakt kunnen worden, spreken we van een herstel optima forma. Punitieve sancties zijn gericht op het treffen van de dader. Dit verschil is internationaal van belang, i.v.m. art. 6 EVRM: Criminal charge (of niet).
Bovendien is het cumulatief van belang, sancties mogen niet worden gestapeld.

Ne bis in idem

We kunnen bestuursrechtelijk en strafrechtelijk handhaven. Beiden kennen verschillende organen en handhavingsmethoden, zodat er soms 2 sancties voor één feit kunnen worden opgelegd.
Het internationale ‘ne bis in idem’ beginsel is niet in die vorm door NL erkent, maar slechts in verkapte vorm gerealiseerd. Zo is het opleggen van 2 boetes, ongeacht afkomst, wel verboden.

Dogen?

Het belang van handhaving moet ook worden afgewogen tegen andere belangen. Soms wordt een overtreding gedoogd. Dit komt slechts voor bij tijdelijke situaties, zoals overgang of overmacht. Een regel mag niet structureel niet gehandhaafd worden.
Gedogen kan op verschillende manieren: stilzwijgend en uitdrukkelijk. Uitdrukkelijk gedogen kan mondeling of schriftelijk. Schriftelijk uitdrukkelijk gedogen is een beschikking. Normen:
  • Gedogen dient in beginsel schriftelijk te gebeuren
  • Voor een bepaalde, zo kort mogelijke termijn
  • Zo nodig onder het stellen van voorwaarden
  • Na een zorgvuldige procedure

De vernietiging van een gedoogbeschikking betekent weer niet automatisch dat wordt gehandhaafd, daar is weer een sanctiebesluit voor nodig.
De afwijzing alsmede de intrekking van een gedoogbeschikking wordt niet gezien als een beschikking.
© 2008 - 2009 Iloontjevde, gepubliceerd in Samenvattingen (Educatie en School) op 11-04-2008. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Iloontjevde is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen

Bronnen en/of referenties

  • Prof.mr.drs. F.C.M.A. Michiels - Hoofdzaken van het bestuursrecht (vierde druk) Kluwer, 2006

Reageer op het artikel "Michiels - Hoofdzaken van het bestuursrecht Hoofdstuk 7"


Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.