Samenvattingen en Geschiedenis

Samenvatting Geschiedenis examenkatern VWO hoofdstuk 4

Samenvatting Geschiedenis examenkatern VWO hoofdstuk 4

Een samenvatting geschiedenis van het examenkatern "de koloniale relatie tussen Nederland en Nederlands-Indië" voor VWO. Deze samenvatting gaat over hoofdstuk 4, waarin het opkomend nationalisme in Nederlands-Indië wordt behandeld en de Japanse bezetting van Nederlands-Indië. Het beslaat de periode 1900 - 1945. 1900-1945: De tijd van de wereldoorlogen - opkomend nationalisme


1. Ethische politiek 1901-1920

Groeiende kritiek op koloniaal beleid leidt tot Ethische Politiek
In 1860 stelt Multatuli misstanden op Java aan de kaak met het boek Max havelaar. In 1879 brengt Abraham Kuyper de voogdijgedachte naar vooren: Nederland moest de Indonesiërs 'opvoeden' en zelfstandiger maken. In 1899 bepleit Van Deventer het 'terugbetalen van de Eereschuld': De enorme winsten die gemaakt waren ten koste van de Indonesische bevolking moesten door middel van hervormingen aan de bevolking worden teruggegeven.

Met de Troonrede van 1901 begint de Ethische politiek
Nederland had de zedelijke roeping het welzijn en de welvaart van de Indonesische bevolking te bevorderen. De Indonesische bevolking kreeg meer te maken met het bestuur.

2. De Ethische Politiek in de praktijk

Verbeteringen in de infrastructuur en de landbouw en de bevordering van emigratie
Er vonden veel verbeteringen plaats. Er werden wegen, spoorwegen, havens en vliegvelden aangelegd. Er werden irrigatieprojecten gestart, er kwam landbouwonderwijs (zodat de boeren hun land beter leerden bewerken) en er werd krediet verstrekt. Ook werden er maatregelen genomen op het gebied van emigratie om de groeiende bevolkingsdruk op Java te verlichten. Zo werden arbeiders bijvoorbeeld gestimuleerd om te gaan werken op Sumatra.

Verbeteringen in het onderwijs
Zowel kwalitatieve verbeteringen als kwantitatieve verbeteringen werden ingevoerd. Voor iedere bevolkingsgroep bestond er wel een school, bijvoorbeeld Europese lagere scholen, Dessascholen, Hollands-Inlandse scholen en scholen voor Indonesische meisjes.

Verbeteringen in de gezondheidszorg en in de positie van de contractarbeiders
Er werden verbeteringen uitgevoerd op het gebied van gezondheidszorg (door meer informatie over hygiëne en een vaccinatieprogramma) en de positie van contractarbeiders (door de in 1907 ingestelde Arbeidsinspectie en het bewust worden van de slechte arbeidsomstandigheden door het Rhemrev-rapport.

Beperkte democratisering
Er werd een Decentralisatiewet ingevoerd, die ervoor moest zorgen dat lokale leiders meer te zeggen hadden in hun eigen gebied. Ook werd er een Volksraad ingesteld in 1916. Deze had echter slechts een adviserende functie.

Tegenvallende resultaten
De Welvaartspolitiek had maar weinig succes; de levensstandaard van de meeste mensen nam maar weinig toe. Ook bleven de onderwijsverbeteringen beperkt tot lager onderwijs en landbouwvoorlichting. Hoger onderwijs was er nauwelijks en al helemaal niet voor de Inlandse bevolking. Aantrekkelijke banen bleven voorbehouden voor blanken. De Inlandse bevolking en ook de Indo-Europeanen hadden weinig kansen. Ook bleef de 'poenale sanctie' gehandhaafd en hadden de Indonesiërs slechts in zeer beperkte mate inspraak in het bestuur van het land.

Missie en zending
Missionarissen speelden alleen een belangrijke rol in het onderwijs en de gezondheidszorge van de kolonie. Nederlandse ambtenaren waren bezord over onrust in de kolonie als de missionarissen echt mensen gingen bekeren, omdat het grootste gedeelte van de bevolking moslim was.

3. Politieke ontwikkelingen 1908-1940: de opkomst van het nationalisme

Er onstaan nationalistische groeperingen
Er zijn een aantal oorzaken voor het ontstaan van antionalistische groeperingen te noemen. Ten eerste waren er in andere koloniën, zoals in Brits-Indië, ook nationalistische bewegingen ontstaan. Ten tweede kregen de kinderen van de Javaanse elite les volgens westers model en maakten hierdoor kennis met westerse politieke ideeën.

Oorzaken voor het ontstaan van nationalistische groeperingen zijn:
Er ontstonden 2 nationalistische groepen: Boedi Oetomo, een groep van de Javaanse elite die samen met de Nederlanders wilden streven naar de ontwikkeling van Nederlands-Indië en vooral naar beter onderwijs en de Sarekat Islam, een islamitische groepering die oorspronkelijk vooral opkwam voor de belangen van de Indonesische handelaars, maar vanaf 1917 ook politiek actief werd.

Politieke partijen
In de jaren '20 ontwikkelden zich politieke partijen, die streefden naar een onafhankelijk Indonesië.

De Partei Komunis Indonesia (PKI)
Werd opgericht in 1920 en was voor een onafhankelijk, communistisch Indonesië.In 1926 leidden ze een opstand op Java en in 1927 op Sumatra, maar deze werden neergeslagen

De Partai Nasional Indonesia (PNI)
Deze partij werd in 1927 opgericht door Soekarno en wilde Indonesië als nationale eenheid.

Zij hadden de volgende doelen:
  • Soevereiniteit
  • Een socialistische economie
  • Een democratisch staatsbestel
Deze doelstellingen probeerden ze te bereiken door non-coöperatie en massa-actie.

Reacties van het Nederlands-Indisch gouvernement op het nationalisme
In 1929 werden de leiders van de PNI gearresteerd, omdat ze een bedreiging vormden voor het koloniale gezag.
Nederlands-Indië was voor Nederland onmisbaar, maar het nationalisme bleef groeien.

In 1933 vond er muiterij plaats op het schip 'De Zeven Provinciën'. Gevolgen hiervan waren:
  • De leiders van de PNI werden opnieuw gearresteerd
  • Censuur
  • de politie kreeg volmachten om op te treden waar nodig
  • Alleen organisaties die met Nederland wilden samenwerken werden toegestaan

In de Volksraad kregen nationalisten de overhand, maar de Nederlandse overheid toonde weinig begrip voor hen.

Autonomie voor Nederlands-Indië
Tijdens de Eerste Wereldoorlog was al duidelijk dat er dingen moesten veranderen. In 1922 kreeg Indonesië autonomie binnen het koninkrijk en in 1925 werd de Volksraad van een adviserend tot een wetgevend orgaan verheven.

4. Economische ontwikkelingen 1920-1940

Sindse de Eerste Wereldoorlog was Indonesië sterk afhankelijk van de export
Indonesische economie was sterk afhankelijk geworden van export van landbouwproducten en grondstoffen. Tijdens de Eerste Wereldoorlog exporteerden ze vooral naar Azië en Amerika. In de jaren '20 was er sprake van economische achteruitgang, de liberale politiek werd vervangen door een planmatig overheidsbeleid.

Sterke achteruitgang door de economische crisis
Door de economische crisis hadden landen niet meer zoveel grondstoffen nodig, dus kon Indonesië minder exporteren. De prijzen van de grondstoffen daalden ook. Vooral de inheemse bevolking werd zwaar getroffen door de bezuinigingen die de aanpassingspolitiek van Colijn met zich meebracht. De Indonesische overheid werd ook gedwongen tot bezuinigingen en Nederlands-Indië moest Nederlandse exportproducten aanschaffen, terwijl de eigen export haperde. Dit waren grote nadelen voor Nederlands-Indië. Doordat Nederland zich vasthield aan de Gouden Standaard, ging de export van Nederlands-Indië sterk achteruit.

5. Cultureel-Mentale ontwikkelingen 1900-1940

De verhoudingen tussen bevolkingsgroepen veranderden:
  • Er kwamen meer Nederlandsers naar Indonesië. Zij kregen automatisch de goede banen, waardoor er voor de Indo-Europeanen minder goede banen overbleven
  • De Indo-Europeanen, Javaanse adel en de Chinezen werden zich bewust van hun achterstelling en emancipeerden door het betere onderwijs
  • De hoogste bestuursfuncties binnen het Binnenlandse Bestuur waren nog steeds voor de Nederlanders
  • Het concubinaat raakte in onbruik doordat meer Nederlandse vrouwen naar Indonesië kwamen
  • De cultuur van de elite werd steeds meer Europees
  • In 1920 was de cultuur van de blanke bovenlaag zeer Europees van aard
  • Tussen de bevolkingsgroepen ontstond steeds meer spanning

6. Japanse bezetting van Indonesië 1942 - 1945

Nederland bezet
In 1940 werd Nederland bezet door de Duitsers. De regering vluchtte naar Londen. De Indonesische Nationalisten hoopten op meer zelfstandigheid, maar dit ging niet door.

Japan verovert Nederlands-Indië
Nederlands-Indië was voor de Japanners vooral interessant vanwege zijn olierijkdommen. Op 11 januari 1942 voeren de Japanners een aanval uit op het olie-eiland Tarakan en op 27 februari 1942 doet de Geallieerde vloot een vergeefse poging om Japanse troepentransportschepen tegen te houden, ook wel de Slag in de Javazee genoemd. Op 9 maart capituleert Java en op 28 maart capituleert Sumatra door de grote Japanse overmacht op zee en in de lucht.

Japan maakt een einde aan Nederlands gezag in Indonesië
Het beeld van de onoverwinnelijke Europeaan verdween. Een Aziatisch volk kon Nederlanders, Amerikanen en Britten nederlagen toebrengen.

Nederlanders in kampen
  • Mannen, vrouwen en kinderen werden opgesloten in interneringskampen. Aan het eind van 1943 werd de situatie in deze kampen steeds slechter
  • Beroepsmilitairen en dienstplichtigen werden naar krijgsgevangenenkampen gestuurd. Hier moesten ze helpen met het aanleggen van vliegvelden en spoorlijnen (de Birma Spoorweg)
  • Er werd door de Japanners gebruik gemaakt van troostmeisjes, waaronder Nederlandse

Reacties van de Indonesische bevolking op de Japanse bezetting
Indonesiërs hooopten het beter te krijgen dan tijdens het Nederlandse bestuur (daarom verzetten ze zich bijna niet toen Japan Indonesië veroverde). Het nationalisme groeide en hetzelfbewustzijn nam toe. Er was wel sprake van Japanse arrogantie, onder andere te merken aan de japanisering van het openbare leven.

De Japanse houding ten opzichte van de Indonesische bevolking
Indonesische nationalistische leiders werden ingeschakeld om het volk mee te krijgen. Japanners beloofden onafhankelijkheid op termijn, hierdoor werd het voor hen makkelijker om de bevolking enthousiast te krijgen voor hun zaak.

De Indonesische economie in dienst van de Japanse oorlogvoering
Gevolgen voor de Indonesische economie:
  • De economie was volledig in dienst van de Japanse oorlogvoering
  • Indonesië moest grondstoffen (olie) en arbeiders leveren
  • "Groot-Aziatische Welvaartssfeer"

Indonesische bevolking verarmde en romoesjas (arbeiders) werden zeer slecht behandeld

De verhouding tussen Nederlanders en Indonesiërs
Er vond geen wederzijdse beïnvloeding meer plaats tussen de Indonesiërs en de Nederlanders en doordat de Indonesiërs een passieve houding hadden gehad tijdens de Japanse verovering van Indonesië ontstond er een kloof tussen Nederlanders en Indonesiërs.
© 2008 - 2010 Ridepi, gepubliceerd in Samenvattingen (Educatie en School) op 13-02-2008, laatst gewijzigd op 13-02-2008. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Ridepi is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Gerelateerde link

Hoofdstuk 5.

Verwante artikelen

Bronnen en/of referenties

  • De koloniale relatie tussen Nederland en Nederlands-Indië, examenkatern VWO, 2006, Uitgeverij NijghVersluys ISBN: 978 90 425 3296 0 / NUR 132

Reageer op het artikel "Samenvatting Geschiedenis examenkatern VWO hoofdstuk 4"


Door Smurf op 01-04-2008

Een geweldige samenvatting, echt heel veel aan gehad! Alleen jammer dat hoofdstuk 2 en 3 er niet op staan :-p Maar echt bedankt!