Examen Nederlands HAVO/VWO: Waar moet je op letten?

Examen Nederlands HAVO/VWO: Waar moet je op letten?

Het examen Nederlands voor HAVO en VWO bestaat uit twee onderdelen: een leestekst en een samenvatting. In dit artikel bespreek ik de belangrijkste begrippen die je moet kennen en geef ik een aantal tips voor het maken van de leestekst. In een volgend artikel zal ik ingaan op belangrijke punten voor het maken van de samenvatting.

Hoe moet ik beginnen?

Voordat je begint met het lezen en maken van de vragen is het belangrijk om de hoofdlijn van de tekst vast te stellen. Dit doen we door globaal/oriënterend te lezen. Kijk hiervoor eerst naar de auteur en naar de bron. Komt de tekst uit een jongerentijdschrift of is hij afkomstig uit een serieuze krant? Dit kan van invloed zijn op hoe de tekst opgebouwd is. Kijk vervolgens naar de titel van de tekst. Denk je dat de titel het onderwerp van de tekst al weggeeft? Hierna lees je de eerste en laatste alinea van de tekst aandachtig door. Als je dit gedaan hebt kun je beginnen met de onderstaande stappen die ervoor zorgen dat je de inhoud van de tekst goed in kaart gebracht hebt voordat je begint met het maken van de vragen.

Stap 1: Het tekstdoel vinden

Meestal kun je door de eerste en laatste regel van de alinea te lezen al volstaan als je op zoek bent naar het tekstdoel. Staat er bijvoorbeeld duidelijk een oproep aan het einde van de tekst? Dan heb je te maken met een tekst die wil aansporen tot handelen.
Hieronder behandel ik de meestvoorkomende tekstdoelen.
  1. Informeren: Als er op zakelijke toon feiten opgenoemd worden, zoals bijvoorbeeld in een nieuwsbericht of in een zakelijke brief.
  2. Amuseren: Als het in een tekst niet gaat om de informatie die er opgenoemd wordt, maar om de amusementswaarde ervan. Dit tekstdoel vinden we onder andere terug in columns.
  3. Aan het denken zetten: Dit is een subjectief tekstdoel. De schrijver laat namelijk vaak zijn eigen mening door de tekst heen horen.
  4. Overtuigen: De schrijver wil de lezer hier van zijn eigen standpunten overtuigen. Hiertoe gebruikt hij argumenten en ontkracht hij tegenargumenten.
  5. Aansporen (tot handelen): Als er een beroep op het verstand en gevoel van de lezer gedaan wordt, zoals bijvoorbeeld in een reclametekst of in een oproep tot actie.

Stap 2: De tekstsoort vinden

De drie meestvoorkomende tekstsoorten zijn de uiteenzetting, het betoog en de beschouwing. Soms kan een tekst een 'mengvorm' van twee soorten bevatten. Je krijgt dan bijvoorbeeld een betoog met beschouwende elementen.
  1. Uiteenzetting: Deze tekst heeft een informatief doel. Dit wil zeggen dat de schrijver enige voorkennis over het onderwerp dient te hebben voordat hij een uiteenzetting kan schrijven. De mening van de schrijver komt niet in een uiteenzetting voor. Een voorbeeld van een uiteenzetting is de tekst in je leerboeken voor school.
  2. Betoog: De schrijver van een betoog heeft de bedoeling om jou als lezer te overtuigen van zijn eigen mening. Een betoog kun je bijvoorbeeld in een opinieblad of in een toespraak van een minister voor de Tweede Kamer terugvinden.
  3. Beschouwing: Bij een beschouwing wil de schrijver jou als lezer aan het denken zetten over een bepaald onderwerp. Hiertoe zet hij verschillende meningen met betrekking tot een bepaald onderwerp tegenover elkaar. Voorbeelden van beschouwingen zijn documentaires op tv of artikelen in (serieuze) kranten.

Stap 3: Het onderwerp van de tekst formuleren

Een tekstonderwerp bestaat meestal uit slechts één woord, hoewel woordcombinaties van hooguit 2-3 woorden ook toegestaan zijn. Meestal is het onderwerp van de tekst al snel te vinden wanneer je de eerste en de laatste alinea van de tekst doorneemt. Komt een bepaald woord vaak terug? Grote kans dat dit het onderwerp is!

Stap 4: De hoofdgedachte formuleren

De hoofdgedachte van de tekst kun je vaak in de slotalinea vinden. Meestal gaat het hierbij zelfs om de allerlaatste zin, omdat de schrijver zijn standpunt met betrekking tot het onderwerp nog even wil herhalen.

Als je deze stappen tijdens de voorbereiding van je examens consequent toepast, zul je merken dat het uiteindelijk bijna vanzelf gaat. Het is een prettige manier om structuur aan te brengen in de tekst, waardoor het maken van de vragen je vervolgens een stuk makkelijker af zal gaan.

Oefenmateriaal

Als je oude examens wil oefenen, zijn examenblad en Studyflow handige websites. Op Studyflow krijg je zelfs na ieder geoefend examen een soort overzichtje te zien van de onderwerpen die je wat minder goed gemaakt hebt met bijpassende opgaven. Zo kun je gemakkelijk je niveau verhogen!

Heel veel succes met de voorbereidingen van je examen!
© 2012 - 2013 Informeur, gepubliceerd in Examen (Educatie en School) op . Het auteursrecht van dit artikel en antwoorden op reacties ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.

Gerelateerde artikelen
De examenregeling voortgezet onderwijs vanaf 2012 De landelijke exameneisen zijn aangescherpt. Veel leerlingen van de mid…
Voortgezet onderwijs Na de basisschool gaan kinderen naar het middelbaar, ofwel het voortgezet onderwijs. Dit is onder te…
V.M.B.O. Wat is dat?Verplichte vakken: Nederlands en Engels Op het Voorbereidend Middelbaar Beroepsonderwijs komt 60 % va…
Cambridge examen Er zijn verschillende diploma's te behalen om je kennis van de Engelse taal aan te tonen bij opleidingen…
Informatie over het bromfietsrijbewijs (AM) Wie nu nog een bromfietscertificaat heeft, kan dit omwisselen in een bromfiet…

Bronnen en referenties
  • Kiliaan methode taalvaardigheid Nederlands, tweede druk 2003

Reageer op het artikel "Examen Nederlands HAVO/VWO: Waar moet je op letten?"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Naam: E-mailadres: Meld mij aan voor de wekelijkse InfoNu nieuwsbrief. Reactie:
Infoteur: Informeur
Rubriek: Educatie en School
Subrubriek: Examen
Bronnen en referenties: 1
Schrijf mee!