Eindexamen vmbo economie: nog enkele tips
Veel leerwerk als voorbereiding voor het centraal schriftelijk examen (CSE) economie. Voor de leerlingen die examen doen in het vak economie op het vmbo, volgen hieronder nog een paar onderwerpen die bijna altijd terugkomen bij examens, zeer kort en in hoofdlijnen behandeld. Nog net even een opfrisser hoe het ook al weer zat, zodat je zonder stress en zonder angst het examen in kunt gaan. De tips komen van een docent met bijna 20 jaar onderwijservaring!Eerst een algemene tip
Hoewel nooit officieel verteld, is er sprake van een zekere opbouw van de examens: het moeilijkste deel zit altijd ergens in het midden. De makers van het examen starten vaak met een paar wat eenvoudigere opwarmertjes; enerzijds goed voor het zelfvertrouwen, anderzijds goed om te ontspannen. Aan het eind ook vaak wat eenvoudigere oefeningen, omdat leerlingen aan het eind de concentratie kwijt raken. Als je mag beginnen aan het examen: wees je ervan bewust dat het moeilijkste dus ergens in het midden zit. Neem even 30 seconden de tijd om het boekje door te bladeren voordat je aan de opgaven begint, dan zie je het vanzelf!Belastingen
Bijna altijd wel wat opgaven over belastingen. Soms een hele aangifte, met papieren bijlage, soms maar een enkele vraag.Er wordt wel eens gevraagd naar belastingvoordeel vanwege een eigen woning. Onthoud: je moet 1 ding bij het bruto jaarinkomen optellen als je een koopwoning hebt (eigen woning forfait, dat is een belasting van een percentage van de waarde van je huis, het percentage of het totaalbedrag staat in de som), en je mag 1 ding van het bruto jaarinkomen aftrekken bij een koopwoning, en dat is de betaalde hypotheekrente. Stel dat iemand 2000 euro betaalt aan eigen woning forfait en 9000 euro aftrek heeft hypotheekrente, dan gaat zijn belastbaar inkomen met 2000 omhoog en dan weer met 9000 omlaag, dus per saldo met 7000 euro omlaag. Het voordeel is dus 7000 euro.
Wat was ook alweer het verschil tussen aftrekposten en heffingskortingen? Aftrekposten zijn bedragen die het belastbaar inkomen van iemand lager maken. De bekendsten: reiskosten openbaar vervoer als je een jaarkaart hebt; betaalde hypotheekrente; kosten kinderopvang. Heffingskortingen moet je aan het eind van het verhaal erin betrekken. Stel dat je hebt uitgerekend hoeveel belasting iemand moet betalen, dan mogen de heffingskortingen er nog van af.
- Box 1 en box 3: box 1 is belasting over je inkomen, box 3 is belasting over je spaargeld. In plaats van spaargeld kan het ook gaan om geld wat vast zit in beleggingen of in een tweede huis. Je hoeft alleen maar box 3 te betalen als je boven een drempel uitkomt. Momenteel ligt die drempel boven de 20.000 euro. Je hoeft alleen maar belasting te betalen over dat deel wat boven die drempel zit.
- Box 1 is het verhaal van de 4 schijven; hoe hoger je inkomen wordt, hoe meer je belastingbijdrage wordt, je moet dan namelijk ook in een hogere schijf belasting betalen.
Procentensommen
Bij ieder examen procentensommen! Vaak zit het in een heel verhaal, maar het komt altijd neer op een van de volgende twee vragen:- hoeveel procent is het ene getal van het totale getal?
- hoeveel procent is het meer geworden in vergelijking met het vorige getal/jaar?
Kijk goed welke van de 2 vragen ze eigenlijk bedoelen. Daarom moet je de vraag heel goed lezen! Als het de eerste vraag is: het totale getal is 100%. Als je dat deelt door 100, heb je 1%. Deel het gevraagde getal door die 1% en je hebt het antwoord.
Als het de tweede vraag is: kijk eerst naar het getal hoeveel het hoger is geworden (een getal kan een aantal zijn of een bedrag). Dat getal deel je door 1% van het oude getal. En je hebt het antwoord.
Spaargeld
Stel dat je 3% krijgt over spaargeld op je bankrekening, dan krijg je die 3% over het geld wat je een heel jaar op je rekening laat staan. Als het minder dan een jaar erop staat, krijg je minder dan die 3%. Je krijgt het dan naar verhouding. Reken eerst uit wat het zou zijn als het wel een heel jaar erop staat, deel het dan bijvoorbeeld door 12, dan heb je het per maand, en vermenigvuldig het met het aantal maanden.© 2009 - 2012 Hanspieterson, gepubliceerd in Examen (Educatie en School) op .
Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Hanspieterson is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer informatie…
Belastingaangifte doen 2011 Voor veel mensen is belastingaangifte doen een struikelblok en een tijdrovende bezigheid. Wie…
Rekensommen: werken met procenten Leerlingen op een middelbare school vinden vaak rekenen met procenten heel moeilijk. Da…
Bijspijkering Cursussen aan de universiteit Hoewel scholen hun best doen hun leerlingen door het eindexamen te loodsen, i…
Aanvullende verzekeringen bij leningen Bij het afsluiten van leningen, bieden de banken vaak ook aanvullende verzekeringe…
Gerelateerde artikelen
Duits: tips om het eindexamen goed te maken Het centraal examen vmbo, havo of vwo voor het vak Duits betekent voor een de…Belastingaangifte doen 2011 Voor veel mensen is belastingaangifte doen een struikelblok en een tijdrovende bezigheid. Wie…
Rekensommen: werken met procenten Leerlingen op een middelbare school vinden vaak rekenen met procenten heel moeilijk. Da…
Bijspijkering Cursussen aan de universiteit Hoewel scholen hun best doen hun leerlingen door het eindexamen te loodsen, i…
Aanvullende verzekeringen bij leningen Bij het afsluiten van leningen, bieden de banken vaak ook aanvullende verzekeringe…
Reageer op het artikel "Eindexamen vmbo economie: nog enkele tips"
Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.