Beginsituatie van de kinderen

De beginsituatie van kinderen kun je op veel verschillende manieren bekijken. Te denken valt aan het niveau van het kind, de aanleg, de gezinssituatie, culturele afkomst etc. Als leerkracht zul je rekening moeten houden met de beginsituatie van de kinderen en je moet jezelf er bewust van zijn dat de beginstituatie van kinderen veranderd.
Beginsituatie > De situatie die je aantreft voordat je de les start.
  • Betekenis – wat vinden kinderen van de les?
  • Organisatie – wat tref ik aan op het gebied van organisatie?
  • Niveau – wat moeten kinderen kennen/kunnen om mijn les te kunnen volgen?

Aan het begin van de les kun je de beginsituatie van de kinderen bekijken. Dit kun je als leerkracht doen door de voorkennis bij de kinderen op te halen, door middel van vragen en/of opdrachtjes. Op deze manier weet je wat de kinderen al kunnen/kennen. Soms komt het wel eens voor dat je het doel wat je van te voren had gesteld, bij moest stellen. Soms geldt dit voor de hele groep, maar veel vaker voor een kleine groep of zelfs een individueel kind.

Activiteiten die een kind zelfstandig kan uitvoeren, noemt Vygotsky ‘de zone van de actuele ontwikkeling’. Dit is het niveau wat het kind zelf aankan. Als een kind ondersteuning krijgt bij het uitvoeren van de activiteit, zodat het kind meer kan/verder komt, wordt ‘de zone van de naaste ontwikkeling’ genoemd.

Handelen

Hoe kun je de beginsituatie van de kinderen nu in beeld brengen?
Dit kun je onder andere doen door:
  • Observeren  Observeer als de kinderen aan het werk zijn. Op deze manier kun je zien wat de kinderen wel en niet kunnen, hoe de kinderen zelfstandig aan het werk zijn en op welke manier de kinderen bepaalde problemen oplossen.
  • Filmen  Film de klas als jij aan het uitleggen bent en aan het begeleiden. Achteraf kun je de film terug kijken. Op deze manier kun je zien hoe kinderen zich gedragen tijdens jouw uitleg en hoe de kinderen zelfstandig aan het werk zijn, terwijl jij de kinderen begeleidt.
  • Toetsen  Aan de hand van toetsen kun je zien hoe ver een kind is in zijn/haar ontwikkeling.
  • Resultaten van afgelopen jaar in kaart brengen  Op deze manier kun je zien waar het kind is gebleven, dus wat de zone van de actuele ontwikkeling is. Aan de hand van deze resultaten kun je het kind in de zone van de naaste ontwikkeling brengen.
  • Praten met het kind  Ga een gesprekje met het kind aan. Kinderen kunnen goed zelf aangeven wat ze al kunnen en waar ze nog moeite mee hebben.

Beginsituatie van de kinderen gekoppeld aan competenties

Pedagogisch
Het is belangrijk voor het kind dat hij/zij zich goed voelt in de klas. Dit heeft alles ook te maken met de taken die ze moeten uitvoeren tijdens het leren. Een kind kan zich pas goed voelen als de leerstof aansluit bij zijn kennis. Als het niveau te hoog is voor een kind kan hij/zij onzeker worden. Hierbij moet je rekening houden met het pedagogisch klimaat van het kind.

Didactisch
Wanneer je als leerkracht je lessen aan laat sluiten bij de beginsituatie van de kinderen, maak je de lesstof krachtiger en betekenisvoller. Zorg ervoor dat je je lesdoel blijft behalen, maar dat iedereen toch op zijn eigen niveau mee kan.

Organisatorisch
Doordat je jouw lessen laat aansluiten bij de beginsituatie van de kinderen, komt er natuurlijk het een en ander bij kijken. Je bestaande lessen moeten namelijk worden aangepast aan het niveau van de kinderen. Daar zul je regelmatig het een en ander voor moeten verzamelen. Je moet ook tijdens de les ervoor zorgen dat je extra materiaal kan aanbieden voor kinderen die eerder klaar zijn of een andere uitdaging nodig hebben. Dit geldt natuurlijk ook voor de kinderen die extra instructie nodig hebben tijdens de les.

Omgaan met collega’s
Tijdens de pauzes, op de speelplaats, over de wandelgangen, overal kom je collega’s tegen. Met deze collega’s raak je regelmatig in gesprek; bijvoorbeeld over wat in de klas gaande is. Door de verschillende gesprekken die je met je collega’s voert, kom je ook meer te weten over wat er schoolbreed speelt bij de kinderen en hoe andere leerkrachten met niveauverschillen omgaan. Zo kun je ook weer inspiratie van elkaar krijgen en ideeën uitwisselen.

Omgaan met de omgeving
Dit kan voorkomen als een kind extra leerstof mee naar huis krijgt om te oefenen of om juist nog meer uitgedaagd te worden. Dit moet dan in overleg met de ouders van het kind gedaan worden.
© 2010 - 2013 Rosie86, gepubliceerd in Diversen (Educatie en School) op . Het auteursrecht van dit artikel en antwoorden op reacties ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.

Gerelateerde artikelen
Differentiatie in de klas Differentiatie wil niets anders zeggen dat je als leerkracht rekening houdt met de verschillen…
Sociaal-constructivisme in de klas Het sociaal-constructivisme is een leertheorie dat ervan uitgaat dat kennis door ieder…
Pedagogisch klimaat In deze tijd wordt er ontzettend veel gesproken en geschreven over het klimaat waarin de mens leeft.…
Zelfstandig werken in de klas Zelfstandig werken betekent dat kinderen gedurende een bepaalde tijd werken zonder de begel…
Klassenmanagement in de klas Klassenmanagement is niet weg te denken in het dagelijks leven van een leerkracht. Je krijgt…

Reageer op het artikel "Beginsituatie van de kinderen"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Naam: E-mailadres: Meld mij aan voor de wekelijkse InfoNu nieuwsbrief. Reactie:
Infoteur: Rosie86
Rubriek: Educatie en School
Subrubriek: Diversen
Schrijf mee!