Recensie van 'Het zijn net mensen'

Joris Luyendijk is een bekende verslaggever, met zijn boek 'Het zijn net mensen' schrijft hij over de toestanden in het Midden-Oosten en met name over de zelfmoordaanslagen in dit gebied. Hier een recensie van zijn boek.

Zij verwoorden wat zij hoorden

Het is acht uur als losse ledematen, bloedstromen en tranen voorbijkomen. Acht uur is de tijd om je op het wereldnieuws te oriënteren. Met het hele gezin zit je op de bank als de journalist je mee neemt naar de door bommen getroffen Gaza-strook: er zijn weer drie onschuldige burgers vermoord en 17 onschuldige burgers verwond na een bombardement op een rouwtent (NRC Handelsblad, 6-01-’09). Als simpele ziel ervaar je deze beelden als de waarheid. Joris Luyendijk weet wel beter. Op onthullende wijze beschrijft hij in zijn boek ‘Het zijn net mensen’ hoe de media in het Midden-Oosten zorgt voor een vertekend beeld van de werkelijkheid. Als correspondent voor de Volkskrant, NRC Handelsblad en NOS radio en TV werkte Luyendijk achtereenvolgens in Cairo, Beiroet en Oost-Jeruzalem. De hierdoor opgedane ervaring, gecombineerd met het talent voor schrijven, leverde een boek op met een excellerende kijk op de werking van de media in de Arabische wereld. Door deze frisse blik op dit onderwerp ontving hij na het uitgeven van het boek in 2006 naast lovende recensies ook de NS publieksprijs.

De opbouw

Wie dit boek doorbladert ziet dat het uit drie delen bestaat. Deel I: Luyendijk’s tijd in de Arabische wereld, deel II: zijn periode in het heilige land en deel III: zijn aanwezigheid bij het begin van de oorlog in Irak. Door het boek heen beschrijft Luyendijk de gebreken van de media die onder andere terug te vinden zijn in de vorm van manipulatie, subjectiviteit en het selectieproces. Waarom deze gebreken blijven bestaan verduidelijkt hij als volgt: “de media in het Midden-Oosten is een stromende rivier, waar enkel op mee te peddelen valt. Een pannenkoek bakken is onmogelijk.”

Net als dat je op een rivier uitsluitend kan mee peddelen, kan de journalist alleen reportages maken over de stroom van het nieuws die persbureaus en mediagiganten als CNN, BBC en New York Times hem bieden. Deze organisaties baseren de selectie van het nieuws op de wensen van de kijker en/of lezer. Een dictatuur van de kijkers dus, volgens Joris Luyendijk. Met andere woorden: het is onze eigen schuld dat het nieuws eenzijdig geselecteerd en vervolgens aangeboden wordt. Wie kiest hier nou het nieuws?

Objectiviteit

Naast het selectieproces wijdt Joris Luyendijk ook uit over de mogelijkheid van objectiviteit in het Midden-Oosten. Dit is volgens hem niet haalbaar. Volgens Luyendijk kan in een dictatuur geen hoor en wederhoor worden toegepast, wat het onmogelijk maakt om beide partijen (Israël en Palestina) aan ‘het woord te laten komen’. De reden dat Israël altijd in het nieuws komt heeft naast het feit dat ze een betere Pr-machine hebben ook te maken met het feit dat ze meer Westerse eigenschappen hebben dan dat de Palestijnen. Ondanks dat Luyendijk in zijn boek de objectiviteit van de media bekritiseert, lijkt het echter vaak alsof hij zelf de kant van Palestina kiest. Hij besteedt de meeste tijd aan het uitleggen van hoe wreed en sadistische Israëlische soldaten zijn, hoe onmenselijk de bezetting en hoe begrijpelijk de woede en frustatie van de Palestijnen is. Zijn schijnbare partijdigheid komt waarschijnlijk doordat hij zelf de oorlog vanuit Palestina heeft meegemaakt. Objectieve journalistiek bedrijven is een moeilijk vak. De woordkeuze van de journalist speelt volgens Luyendijk hierbij een grote rol. Het referentiekader van een journalist beïnvloedt ongemerkt zijn keuze in woorden, dat een geladen beeld van de situatie kan weergeven. “In Arabische dictaturen kregen we voor alles een woord aangereikt en dat had de boel overzichtelijk te houden. Egypte heette voor iedereen gewoon Egypte. Maar Israel wordt ook de ‘zionistische entiteit’ en ‘bezet Palestina’ genoemd.” Luyendijk lost dit probleem op door constant van ‘het Heilige land’ te spreken. Toch lijkt Luyendijk niet altijd even consequent te zijn in die ‘objectieve woordkeuze’. Zo spreekt hij van een Israëlisch pr-apparaat, maar ook van Palestijns Ministerie van Informatie.

Media en zijn referentiekader

Ondanks dat over het algemeen door de media vaak de kant van de Israëliërs wordt getoond is dat momenteel niet het geval. Met het binnenvallen van de Gazastrook zorgen feiten als 1200 Palestijnse doden ten opzichte van 13 Israëlische doden verschuift de aandacht van het publiek (NRC Handelsblad 18-01-08). Naast dit soort shockerende feiten worden er nu via de verschillende media veel meer live beelden van Palestijnse slachtoffers getoond, dan aan Israëlische zijde. En dus is de publieke opinie al snel meer op de hand van de Palestijnen. De conclusie van Luyendijk dat de kant van Israel meer belicht wordt dan de kant van de Palestijnen lijkt nu niet op te gaan.

Door wat de media ons toont uit de Gazastrook kun je haar rol ter discussie stellen. Misschien vertelt het beeld dat door de media wordt geschetst niet het hele verhaal. Buiten het blikveld van de camera’s spelen zich hele andere dingen af die je niet ziet, maar die wel cruciaal zijn voor het verklaren van de oorzaak van het conflict en dus ook het oplossen ervan. Volgens Luyendijk draait het simpel gezegd bij de Israëliërs allemaal om terreur en bij de Palestijnen om bezetting. Omdat terreur een hoger sensatiegehalte heeft worden beelden hiervan sneller getoond dan beelden van de bezetting. Hiernaast zijn de beelden die vertoond worden niet altijd even betrouwbaar. Men kan zich afvragen of de camera’s draaien omdat er zich incidenten voordoen, of dat incidenten zich voordoen omdat er camera’s draaien. Volgens Luyendijk is het laatste meer het geval en zijn de beelden die wij zien gemanipuleerd: “Wist ik veel wat er buiten beeld bleef als een Palestijnse vrouw op de puinhopen van haar stukgeschoten huis de handen te n hemel hef en riep: ‘Mijn kinderen!’ Die emotie kon heel goed authentiek zijn, maar toen ik in de Gaza zo’n shot gemaakt zag worden, realiseerde ik me dat kijkers toch iets anders zagen dan een privé-huilbui. Die vrouw riep ‘mijn kinderen’ terwijl op een halve meter van haar gezicht een gespierde kerel zijn camera zo probeerde te richten dat die ten hemel geheven handen niet zijn close-up van haar gezicht verstoorden. De huilende vrouw had een hengelmicrofoon van een halve meter boven haar hangen, en om haar heen stonden een interviewer, zijn tolk en vaak een oploopje – camera’s werken op mensen als brood op eenden.”

Beeldvorming door keuzes journalist

Als nieuwscorrespondent heb je zo’n twee minuten om je verhaal te doen en moeten er dus keuzes gemaakt worden. Er is geen tijd om het hele verhaal te vertellen, laat staan om te vertellen waarom je andere informatie achterwege laat. Wat volgens Luyendijk een oplossing is om de media objectiever te maken. Toch kan je je afvragen waarom Luyendijk tijdens zijn correspondentschap eeuwig bleef mee peddelen op de mediastroom. Zijn antwoord hierop blijft in het midden. Tegen de mediaoorlog in het Midden-Oosten valt simpelweg niet in te gaan volgens Luyendijk. Toch zijn er wel veranderingen mogelijk die het vak van de journalisten in de Arabische wereld wat zouden kunnen vergemakkelijken. Joris Luyendijk belandde als groentje in het Midden-Oosten. Omdat hij nog niet echt verstand van zaken had en dus nog niet goed wist hoe hij de situatie moest verslaan, was op dat moment deze opdracht misschien toch iets te hoog gegrepen. Als hij echter wat beter ingewijd was geweest in de cultuur, geschiedenis en taal van dit gebied had hij beter zijn werk beter kunnen doen. Concluderend, zolang de Nederlandse journalist zijn informatie vooral haalt uit dat gene wat de mediagiganten hem voorschotelt en niet in staat is zijn eigen bronnen te ontdekken en te gebruiken is het onmogelijk om goede journalistiek te bedrijven in het Midden-Oosten. Immers blijkt dat de angst van burgers om openlijk te spreken en de afwezigheid van objectieve statistisch onderbouwde data ervoor zorgt dat de correspondent slechts gebruik kan maken van de dingen die binnen zijn directe gezichtsvermogen zich voltrekken. “Het zijn net mensen” is een boek dat je doet realiseren dat die afgerukte ledematen op het acht uur journaal wel eens de halve waarheid kunnen zijn.

(gemaakt samen met Aniek)
© 2010 - 2012 Dagmarlinstra, gepubliceerd in Diversen (Educatie en School) op . Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Dagmarlinstra is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer informatie…

Gerelateerde artikelen
Boekrecensie: Het zijn net mensen - Joris Luyendijk Oud Midden-Oosten correspondent Joris Luyendijk heeft in 2006 een boe…
Journalistiek: kunst en cultuur & recensies De kunstpagina is niet bepaald de favoriete pagina van een krant bij zowel de…
"Het zijn net mensen" door Joris Luyendijk De journalist Joris Luyendijk geeft met zijn boek 'Het zijn net mens…
Hoe schrijf je een Boekverslag Wat zijn belangrijke dingen die persé in een goed boekverslag terug te vinden zijn en welk…
Een goed restaurant vind je op Iens.nl Iens.nl is in 10 jaar tijd uitgegroeid tot een succesvolle internetsite. De site i…

Reageer op het artikel "Recensie van 'Het zijn net mensen'"

Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.
Bronnen en referenties
  • Het zijn net mensen van Joris Luyendijk en het NRC Handelsblad van 18-01-09
Infoteur: Dagmarlinstra
Rubriek: Educatie en School / Diversen
Bronnen en referenties: 1
Schrijf mee!