
Poppenkastverhaal van het Boek `Geen kusjes van mij´
Dit is een poppenkastverhaal van het boek `Geen kusjes van mij´.Het boek is geschreven door Marly van Otterloo.Het thema van dit boek is ´echtscheiding´.Dit poppenkastverhaal is voor kleuters.
Het verhaal
Geen kusjes van mij is een kant-en-klaar poppenkastverhaal. Het kan zo uitgespeeld worden. In het verhaal zijn veel mogelijkheden voor improvisatie en interactie met het publiek. Reageren op het publiek: dat maakt poppenkastspelen juist zo leuk.Spelers
Vertelstem = V.
- Speler 1: D = Doris.
- Speler 2: M = Mama.
- Speler 3: P = Papa.
- Speler 4: J = Juf Anne.
- Speler 5: A = Vriendin Anouk.
- Speler 6: B = Nieuwe papa Bas.
- Speler 7: Z = de zaal.
Decor
Het verhaal speelt zich af op verschillende plaatsen: in de woonkamer, klaslokaal, speeltuin, keuken, slaapkamers en in het stadhuis. Deze achtergronden kunnen de kinderen tekenen of schilderen op grote vellen papier of handiger op een oud laken. Let wel op als in het verhaal gezegd wordt dat ze aan het eten zijn in de keuken dat er ook een tafel op de achtergrond staat. Zodat het net lijkt dat de poppen aan tafel zitten. Lees daarom het verhaal eerst door en maak daarna de achtergrond.
- Scène 1, 3, 5, 7 en 9: Achtergrond: woonkamer.
- Scène 2: Achtergrond: klaslokaal.
- Scène 4: Achtergrond: speeltuin.
- Scène 6: Achtergrond: keuken.
- Scène 8: Achtergrond: slaapkamer van Doris en van mama.
- Scène 10: Achtergrond: woonkamer van papa.
- Scène 11: Achtergrond: stadhuis.
Voorbereiding
Lees het verhaal eerst door. Daarna ga je kijken of je speelpoppen hebt. Zo nee, dan ga je de poppen maken. Daarna ga je naar de achtergronden kijken. Dit ga je maken op papier of op een laken. Daarna ga je kijken of je de benodigdheden hebt. Als je alle spullen hebt dan kan je het gaan spelen.
Je zet eerst de poppenkast klaar. Heb je dit niet doe het dan met een tafel of in de deuropening. De poppen klaar leggen achter de poppenkast. De achtergrond klaar hebben hangen in de poppenkast. Klaar hebben liggen achter de poppenkast: boterham, zakdoek, papier, potlood, drie vorken, washand, knuffelkonijn, wit papier met de tekst `Geen kusjes van mij. Doris.´, taart, hamer, planken, twee ringen, een cadeau en een schilderij met kruisjes. Vergeet ook de tekst er niet achter te hangen en het versje/liedje. Kijk hoe je er zelf achter gaat zitten met iemand anders. Ga je op een stoel zitten of ga je op je knieën erachter zitten. Maak plek waar de kinderen voor kunnen zitten en waar ze het goed kunnen zien.
Scène 1.
De gordijnen gaan open.Doris komt op van links.
- D: Doris komt op met een zielig gezicht en loopt wat heen en weer, dan ziet zij de zaal. `O, dag kinderen, ik had jullie niet gezien. Hebben jullie allemaal iets gevonden waar jullie comforatbel op zitten?´
- Z: Reactie, waarschijnlijk `Ja.´
- D: `Weet je waarom ik zo zielig ben…?´
- Z: Reactie, waarschijnlijk `nee.´
- D: `Omdat mijn ouders gaan scheiden. En weet je wat scheiden is?´
- Z: Reactie, waarschijnlijk `nee.´
- D: `Dat je ouders heel de dag ruzie maken, niet meer van elkaar houden en niet meer bij elkaar willen wonen. Ze gaan dan uit elkaar… Dat is nou scheiden. En nu ben ik heel erg verdrietig, want mijn papa en mama gaan scheiden. Wil je weten hoe het begonnen is nou let maar eens op dan.´
Wie komen er op?: Doris, mama en papa.
Waar gebeurt het zich af?: In de woonkamer.
Nodig: boterham.
Mama en papa komen op van links.
- D: Doris zit in een hoekje van de woonkamer.
- M: Met een hoge stem `Jij bent een …!´
- P: Schreeuwt `Nee, moet jij zeggen, je bent zelf een …!´
Papa loopt af.
- D: Stopt haar vingers in haar oren. Zegt tegen de zaal `Zal ik maar gaan? Vorige keer zat mama te huilen en daar moest ik toen van huilen. Buikpijn kreeg ik er ook van, een soort buikpijn boven mijn navel.´
- D: Vraagt aan mama `Gaan jullie nooit scheiden? Van een paar kinderen in de klas zijn de ouders gescheiden. Zo zielig.´
- M: `Nee hoor, wij maken wel eens ruzie, maar we blijven bij elkaar.´
Papa komt weer op van links.
- V: De volgende morgen eet papa zijn boterham staand op. Mama zit aan tafel.
- D: `Moet je niet naar je werk?´
- M: `Ik ga zo, maar ik neem eerst een aspirine. Ik heb hoofdpijn.´
- V: De lijnen in papa´s wangen lijken dieper dan anders. Zijn ogen glinsteren niet. Hij geeft Doris een kusje.
- P: Geeft Doris een kusje. `Dag, groot kind van me. Heb je vandaag iets bijzonders op school?´
- D: `Nee.´
- P: `Ik breng je weg.´
- V: Mama stops Doris´boterhammen, een met kaas en een met pindakaas, een beker melk en een mandarijn en haar trommeltje. Mama staat met haar rug naar papa toe. Ze zeggen niets tegen elkaar. Ook niet als Doris en papa de deur uit lopen. Geen kusje, geen gedag. Niets.
Papa, mama en Doris gaan af. De gordijnen gaan dicht.
Scène 2.
Wie komen er op?: Doris en juf Anne.Waar gebeurt het zich af?: Op school.
De gordijnen gaan open. Doris komt op van links.
- V: Tussen de middag helpt de moeder van Daantje bij het overblijven. Ze leest voor over een beertje, dat verdwaalt is in het bos. Hij is de verkeerde kant op gelopen en nu is hij iedereen kwijt. Zijn vader, zijn moeder, zijn zusje en zijn broertje. Opeens moet Doris vreselijk huilen. Ze schokt helemaal, kan er niet mee ophouden.
- D: Begint te huilen.
Juf Anne komt op van links.
- J: De juffrouw van Doris komt net het lokaal binnen lopen. Juf Anne neemt Doris mee naar een hoekje van het lokaal. `Waarom moet je zo huilen?´
- D: `Om dat beertje´
- J: `Kom maar op schoolt, is er soms iets dat je me wilt vertellen?´
- D: `Nee, niks.´
- D: Legt haar hoofd tegen juffrouws zachte trui en dan stoppen de tranen.
Doris en Juf Anne gaan af. De gordijnen gaan dicht.
Scène 3
Wie komen er op?: Doris, papa en mama.Waar gebeurt het zich af?: In de woonkamer.
Nodig: een zakdoek.
De gordijnen gaan open. Doris, mama en papa komen op van links.
- P: `Doris, kom eens hier. We moeten met je praten.´
- V: Doris zit in het midden op de bank, papa aan de ene kant naast haar, mama aan de andere kant.
- P: `Je hebt wel gemerkt…´
- D: Roept `Jullie gaan niet scheiden! Dat heeft mama beloofd.´
- P: Vraagt boos aan mama `Heb jij dat gezegd?´
- V: Mama knijpt in een zakdoekje.
- M: Mama knijpt in een zakdoekje `Ja Doris, dat heb ik gezegd. Het spijt me. Ik wist toen niet… Ik dacht niet dat papa en ik zoveel ruzie zouden maken dat we…´
- D: `Beloofd is beloofd.´
- V: Ze wil van de bank weglopen, maar papa houdt haar tegen.
- P: Houdt Doris tegen. `Het is heel akelig, Doris. Voor jou, voor mama en voor mij. We zijn er niet trots op dat het niet meer gaat. Voor jou is het ook niet leuk als…´
- V: `Wat zegt papa allemaal? Doris hoort het niet zo goed meer. Ergens anders wonen… spullen overbrengen… elkaar heel veel zien… liefste kleine meid. Nu mag Doris weg van de bank.´
- D: Loopt af.
Mama en Doris gaan af. De gordijnen gaan dicht.
Scène 4.
Wie komen er op?: Doris en vriendin Anouk.Waar gebeurt het zich af?: In de speeltuin.
De gordijnen gaan open. Doris en Anouk komen op van links.
- A: `Zullen we gaan knikkeren?´
- D: `Ik heb mijn knikkers niet bij me.´
- A: `Dan halen we ze.´
- D: `Dat kan niet.´
- A: `Waarom niet?´
- D: `Ik heb geen zin om te knikkeren.´
- A: `Zeg dat dan.´
- D: `Ik wil schommelen.´ Ineens roept ze `Papa en mama gaan scheiden!´
- A: Gilt `Wat? Moet je schijten?´
- D: `Scheiden! Mijn vader en moeder gaan scheiden!´
- A: `Echt waar? Rottig!´
Doris en Anouk gaan af. De gordijnen gaan dicht.
Scène 5.
Wie komen er op?: Doris, Bas en mama.Waar gebeurt het zich af?: In de woonkamer.
Nodig: papier en een kleurpotlood.
De gordijnen gaan open. Bas en mama komen op van links en gaan zitten. Doris komt op van links.
- V: `Op de bank zit een man die Doris nooit eerder heeft gezien.´
- D: Tegen de zaal `Kennen jullie deze man?´
- Z: Reactie, waarschijnlijk `nee´.
- M: `Bas, dit is Doris. Doris, dit is Bas´.
- V: `Iemand van mama´s werk? O nee, mama heeft verteld dat ze een paar keer uit is geweest met die Bas. Naar de film of zo. Als Doris een tekenblok en stiften in haar handen heeft, kriebelt die Bas mama in haar nek. Heel even maar. Ze heeft het toch wel goed gezien?´
- M: `Kom je bij ons zitten?´
- D: `Nee.´
- B: `Wat wil je drinken, meisje?´
- V: `Nu zegt die Bas iets wat Doris niet kan verstaan. Mama staat op van de bank. Ze schudt haar haar naar achteren en moet opeen heel erg lachen. Wat zou er zo leuk zijn? Doris heeft niet lolligs gehoord. Met haar rechterhand duwt mama nu tegen de schouder van die man! Het volgende moment staat Bas bij haar tafeltje.´
- B: `Wat ga je tekenen?´
- D: `Niks,´ en legt haar arm op het papier.
- B: Tegen mama `Zal ik je helpen?´
- V: `Doris heeft niet eens gezegd wat ze wil drinken. Ze heeft wel dorst. Dan gaat ze het maar zelf halen. Mama staat met haar rug tegen de bank. Bas houdt zijn handen op haar heupen. Ze zoenen elkaar!´
- D: Schreeuwt `Ik wil ap-pel-sap!´
- M: `O jee, je laat me schrikken. Sorry Doris, Bas en ik zijn een beetje verl…´
- D: Gilt `Stom! Je bent stom!´
- B: `Sorry, Doris. Mijn schuld.´
- D: `Ik ken jou helemaal niet. Ga maar naar je eigen huis.´
Bas gaat af.
- M: `Ik moet met je praten. Ik vind Bas een heel erg leuke man.´
- D: `Ik niet.´
- M: `Bas zal vaker komen. Je zult zien; dat is gezellig.´
- D: `Met zijn tweetjes. Mama en Doris. Geen Bas.´
- M: `Ik snap best dat je aan het idee moet wennen.´ Strijkt Doris over haar haar.
- D: `Niet wennen. Geen Bas.´
Doris en mama gaan af. De gordijnen gaan dicht.
Scène 6.
Wie komen er op?: Doris, Bas en mama.Waar gebeurt het zich af?: In de keuken.
Nodig: drie vorken.
De gordijnen gaan open. Bas, mama en Doris komen op van links.
- V: `Een week later eet Bas mee. Mama heeft een prutje in een halve paprikade gepropt. De andere helft staat er omgekeerd op. Een soort hoedje. Een uitslovershoedje, denkt Doris.´
- B: `Wat ziet dat er mooi uit. Lekker hoor.´
- V: `Met zijn vork haalt Bas voorzichtig het vlees uit de paprika.´
- V: `Doris gooit de hare om en snijdt hem kapot.´
- B: `Hoe was het vandaag op school, Doris?´
- D: `Gewoon.´
- M: Mama kijkt haar waarschuwend aan. `Ik wil niet dat je zo onaardig doet tegen Bas.´
- B: `Wat hebben jullie gedaan?´ Hij kijkt naar mama.
- D: Aan Bas `Heb jij kinderen?´
- B: `Nee, en ik ben geen kinderen gewend, dus misschien doe ik wel eens onhandig. Heb maar een beetje geduld met me.´
- D: Tegen mama `Ik ben klaar. Mag ik buiten spelen?´
- M: `We hebben nog een toetje.´
- D: `Ik heb met Anouk afgesproken. Iedereen komt. We gaan verstoppertje spelen.´
- M: `Vooruit dan maar.´
Doris loopt af. Bas en mama blijven nog even zitten en gaan dan ook af.
De gordijnen gaan dicht.
Scène 7.
Wie komen er op?: Doris, Bas en mama.
Waar gebeurt het zich af?: In de woonkamer.
Nodig: Een trui en een spijkerbroek.
De gordijnen gaan open. Doris en mama komen op van links.
- M: `Vanavond komt Bas en hij blijft slapen.´
- D: `Hier in huis?´
- M: `Ja, bij ons.´
- D: `Niet bij ons. Bij jou.´
- M: `In mijn bed, ja.´
- D: `Stom.´
Bas komt op van links.
- V: `Bas heeft een blauwe tas bij zich.´
- B: `Ha Doris, ben je ook blij dat het weekend is?´
- V: `Bas wrijft in zijn handen, zelfs zijn brilletje glinstert van plezier.´
- D: `Ja, want zondag ga ik naar papa. Naar mijn vader.´
- B: `Leuk voor je. Ik ga me even omkleden.´
- V: `Met de tas loopt bij naar mama´s slaapkamer.´
Bas loopt even af en komt weer terug.
- V: `Even later komt hij terug in een trui en een spijkerbroek. Bas vertelt over zijn werk. Dat deed papa ook altijd.´
- B: `Zullen we een spelletje doen?´
- D: `Niet met jou!´ Nog eens heel hard `Nee!´
- V: `Ze rent naar boven en slaat de deur achter zich dicht. Beng!´
Doris rent af. Mama en Bas gaan ook af. De gordijnen gaan dicht.
Scène 8.
Wie komen er op?: Doris en mama.Waar gebeurt het zich af?: In de slaapkamer van Doris en van mama.
Nodig: een washand, een knuffelkonijn en wit papier met de tekst `Geen kusjes van mij. Doris.´
De gordijnen gaan open. Doris komt op en gaat in haar bed liggen. Daarna komt mama van links op.
- M: Zit op de rand van haar bed.`Doris, meisje toch van me.´
- D: Roept `Ga weg!´
- M: `Doris, zo kan je niet slapen.´
- D: `Wel waar. Ga weg!´
- V: `Mama legt een washandje op Doris´tranen. Daarna gaat mama weg.´
Mama loopt af.
- V: `Doris trekt haar pyjama aan. Haar tanden poetst ze lekker niet. Daar ligt ze dan. Flappie dicht tegen zich aangedrukt. Ze is nog nooit gaan slapen zonder kusje van mama. Opeens wet ze het. In haar nachtkastje ligt postpapier. Van papa gekregen. Roze enveloppen en wit papier. Nu schrijft ze een brief aan mama: `Geen kusjes van mij. Doris. Ze loopt op haar tenen naar de grote slaapkamer en legt het briefje op mama´s kussen. Daarna gaat Doris slapen.´
Doris ligt in bed. Daarna loopt ze af. De gordijnen gaan dicht.
Scène 9.
Wie komen er op?: Doris en mama.
Waar gebeurt het zich af?: In de woonkamer.
Nodig: een taart.
De gordijnen gaan open. Doris en mama komen op van links.
- V: De volgende morgen is Bas er niet.
- M: `Hij is naar zijn moeder. Die zit in een bejaardentehuis.´
- D: `O.´
- M: `Ik heb gisteravond je briefje gevonden.´
- D: `Ik wil niet dat Bas bij ons slaapt.´
- M: `Dat heb ik begrepen. Doris, kom eens bij me zitten. Heb ik je wel eens het verhaal van de taarten verteld?´
- D: `Nee.´
- M: `Luister, dit verhaal gaat niet over gewone taarten, maar over ik-hou-van-jou-taarten. Jij bent bang Dorisje, omdat jij gelooft dat mama maar een ik-hou-van-jou-taart heeft. Als Bas erbij komt, denk je, krijgt hij een punt en dan is mijn stuk kleiner. Als mama van Bas houdt, houdt ze minder van mij! Denk je dat?´
- D: `Misschien.´
- M: `Maar zo zit het helemaal niet. Er is niet een taart. Ik heb verschillende taarten: een oma-taart, een opa-taart, een papa-taart…´
- D: `Een papa-taart?´
- M: `Ja, ook nog een papa-taart.´
- D: `Papa is lief.´
- M: `Ik ben nog niet klaar. Niet alle taarten zijn even groot. Een taart is de grootste. Je moet weten dat mijn allergrootste taart de Doris-taart is.´
- D: `Hoe groot?´
- M: `Zo groot dat hij niet door de deur past. Door geen enkele deur!´
- D: `Mmmmmm. En Bas dan?´
- M: `Bas heeft zijn eigen taart, de Bas-taart. Zijn taart heeft niet te maken met die van jou. Jouw taart zal altijd de grootste zijn! Daar gaat geen kruimel af. Nooit.´
- D: Tegen de zaal `Hebben jullie ook zo een taart?´
- Z: Reactie, waarschijnlijk `nee´.
- V: Doris geeft mama een kusje.
- D: Geeft mama een kusje.
Doris en mama lopen af. De gordijnen gaan dicht.
Scène 10.
Wie komen er op?: Doris en papa.
Waar gebeurt het zich af?: In de woonkamer van papa.
Nodig: een krant, een hamer en planken.
De gordijnen gaan open. Papa en Doris komen op.
- V: `Papa woont niet meer in zijn eerste flat, maar in een andere, een grotere. Hij heeft de kamer en Doris´ stoel versierd. Op de grond ligt een stapel planken met een hamer erboven op. ´
- P: `Van harte gefeliciteerd! En veel plezier met je cadeau!´
- V: `Papa zakt onderuit in zijn stoel en begint de krant te lezen. Ik hoor het wel als je hulp nodig hebt. Doris loopt om de stapel heen. Licht hout. Lange delen, korte stukken, iets met ribbels en een kant-en-klaar laddertje. Ze pakt de hamer en slaat op papa´s knie. Haha, zijn onderbeen schiet omhoog.
- D: `Het is een stapelbed!´
- P: `Ja, dan kun je een vriendinnetje meenemen. Hup, we gaan aan het werk. Jij moet deze plank tegenhouden.´
- D: `Heb jij een vriendin?´
- P: `Soms.´
- D: `Ga jij ook nog een keer trouwen?´
- P: `Voorlopig niet. Mama en Bas volgende maand, hè?´
- D: `Ja, en dan kun jij niet meer met mama trouwen. Ik heb een hele mooie jurk gekregen, met bloemen erop.´
- P: `Luister Doris, mama en ik zullen nooit weer met elkaar trouwen. In het begin ging het heel goed samen, maar later niet meer.´
- D: `Kom jij naar de bruiloft?´
- P: `Nee, dat vind ik toch een beetje raar. Wie komt er als eerst slapen? Anouk zeker?´
- D: `Ik weet niet. Ik vind haar niet aardig.´ Tegen het publiek `Wie wil er mee slapen?´
- Z: Reactie, waarschijnlijk zegt iedereen `ik.´
- P: `Hebben jullie ruzie?´
- D: `Misschien. Iets met trakteren.´
- P: `Mag ik raden? Je hebt Anouk niet gevraagd mee de klassen rond te gaan.´
- D: `Nee, ik… Hoe weet jij dat?´
- P: Lacht `Ik ben goed in ruzie maken, maar ik weet het goed gemaakt. Volgend weekend neem je Anouk mee. En nu breng ik je naar mama en Bas. Dan krijg je nog meer cadeautjes.´
Papa en Doris lopen af. De gordijnen gaan dicht.
Scène 11.
Wie komen er op?: Doris, mama en Bas.Waar gebeurt het zich af?: In het stadhuis.
Nodig: twee ringen, een cadeau en een schilderij met kruisjes.
De gordijnen gaan open. Doris, Bas en mama komen op.
- V: `De auto is versierd met witte bloemen. Bas draagt een donker pak en een gele das. Mama een oranje jurk. In het stadhuis zit Doris tussen haar eigen oma en oma Bas in.
- Anouk is er met haar ouders. Kinderen van school zitten vlak bij juffrouw Anne. De buren. Iedereen die Doris kent. Maar als Bas en mama met zijn tweetjes vooraan zitten, voelt Doris zich toch… een beetje raar. Wel blij en niet blij. De man achter de tafel praat en praat en dan is het opeens klaar.´
- M en B: `ja.´
- V: `En dan zijn ze getrouwd. Helemaal niet moeilijk. Bas schuift een ring om mama´s vinger en mama een om die van Bas. Ze geven elkaar een kusje en iedereen klapt. Nu draait Bas zich om. Hij steekt zijn hand uit.´
- B: `Doris, kom je even hier?´
- V: `Doris loopt naar voren. Onder haar arm houdt ze een pakje. Bas buigt zich voorover en geeft Doris een zoen.´
- B: Geeft een zoen `Tenslotte ben ik nu ook een beetje met jou getrouwd.´
- V: `Dan geeft ze mama en Bas haar cadeau. Een schilderij, zelfgemaakt, met meer dan twintig kruisjes.´
- D: Geeft het cadeau `Kusjes van mij?´
Bas, Doris en mama lopen af. De gordijnen gaan dicht.
Iedereen loopt op. De gordijnen gaan open.
Alle spelers maken een buiging en lopen weer af. De gordijnen gaan weer dicht. © 2007 - 2009 Bortjebor, gepubliceerd in Diversen (Educatie en School) op 05-01-2007. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Bortjebor is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...
Verwante artikelen
- Het Sonja Bakker Dieet: Sonja Bakker staat bekend als voedingsdeskundige en schrijfster. Zij geeft haar boeken uit samen met haar man Koen Lenting. Ze had zelf al een aantal diëten gevolgd, voor ze met de op…
- Het maken van een boekverslag!: Een boekverslag maken kan op verschillende manieren. Over het algemeen wil een docent graag vaste onderwerpen in een boekverslag. Hieronder vind je een handig stappenplan voor…
- Harry Mulisch, De Aanslag: De Aanslag is geschreven door Harry Mulisch, zijn 7e roman. Het boek bevat 254 bladzijdes en de eerste druk was in september 1982. Het boek is een psychologische roman want het gaa…
- Meervoudige intelligentie in de poppenkast: Een poppenkastvoorstelling voor kleuters is over het algemeen een groot succes. De kinderen kijken, luisteren, denken, voelen, fantaseren en reageren. Thuisgekomen…
- Recensie: Stephen King – De Colorado kid: Dat Stephen King goed is in het schrijven van originele verhalen, dat is wel bekend. In zijn boek ‘De Colorado Kid wordt een dode man gevonden. Wie heeft hem vermoor…

Reageer op het artikel "Poppenkastverhaal van het Boek `Geen kusjes van mij´"

Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.

