Het assessment center stagegeschiktheid
Stage maakt meer en meer een onderdeel uit van het curriculum van de leerling. Door invoering van het competentiegericht onderwijs zullen scholen op een andere manier dan door kennistoetsen, competenties en vaardigheden van leerlingen moeten meten. In het praktijkonderwijs wordt al enkele jaren gebruik gemaakt van een assessment center om sociale- en arbeidsvaardigheden in kaart te brengen.Assessment center stagegeschiktheid voor praktijkschool en VMBO
In het voortgezet onderwijs wordt de laatste jaren systematischer en uitvoeriger aandacht besteed aan de wereld van arbeid, beroep, productie en techniek.Daarvoor zijn diverse overwegingen te geven: het versterken van de maatschappelijke gerichtheid en de inhoudelijke verbetering van het onderwijsaanbod door het beter inspelen op leef- en ervaringswereld van de leerlingen, de versterking van de motivatie van de leerling en de betere aansluiting op de arbeidssituatie. Het is dan ook niet verwonderlijk dat de laatste jaren er heel wat initiatieven in die richting genomen zijn. Deels gestuurd door de overheid, door invoering van het praktijkonderwijs als eindonderwijs, deels gestuurd door de scholen zelf, door invoering van de leer-werktrajecten in de basisberoepsgerichte leerweg van het VMBO. Technische argumenten rond de aansluiting van onderwijs aan arbeidsmarkt (makkelijk in te passen werknemers) wisselen af met didactische vernieuwings- argumenten ( competentieonderwijs) als voedingsbodem voor deze veranderingen.
Het praktijkonderwijs (vroeger voortgezet speciaal onderwijs) heeft als taak gekregen om de leerling terdege voor te bereiden op de arbeid. Stagelopen is vanaf het eerste jaar van de bovenbouw structureel opgenomen in het totale curriculum. Met een langzame opbouw van interne stages in de school waarbij arbeid gesimuleerd wordt tot heuse plaatsingsstage buiten de school waar leerlingen worden ingezet als “lerend arbeider”wordt de leerling langzaam voorbereid op zelfstandigheid en een arbeidzaam leven.
In het voorgezet onderwijs worden de leerling in het leer-werktraject geacht om drie dagen per week arbeid te verrichtten in een bedrijf onder de leiding van een erkend “leermeester”. Parallel aan het ingroeien in een functie en aan het bereiken van het uiteindelijke functieniveau volgt de leerling een opleiding binnen het voorgezet onderwijs. Dit geeft de mogelijkheid om in het MBO in te stromen op hetzelfde niveau als de leerling die geen stage heeft gelopen.
Met de komst van de leer-werk trajecten in het VMBO heeft de stage of de beroepspraktijkvorming als wezenlijk onderdeel van de opleiding zijn intrede gedaan in het VMBO, alsook nieuwe functies zoals stagecoördinator en stagebegeleider. Ook decanen en leerlingbegeleiders houden zich ledig met het plaatsen van leerlingen op stageplekken en het onderhouden van contacten met de stagegevers. Het matchen van een leerling en een stageplek vraagt van de stagecoördinator, decaan of stagebegeleider inzicht in de sociale vaardigheden en arbeidsvaardigheden van de leerling. Er mag niet uit het oog verloren worden dat de leerling een deel van de week een deelnemer is waarvan verwacht wordt dat hij de theorielessen leert, huiswerk maakt en toetsen met een voldoende afsluit.Een ander deel van de week is hij/zij een werkne(e)m(st)er die op tijd moet komen, in een team moet kunnen werken, zich aan afspraken moet kunnen houden en vooral zijn/haar opdracht naar behoren uit moet kunnen voeren.
Doel van het assessment center voor stagegeschiktheid
Zowel in het praktijkonderwijs als het voortgezet onderwijs zal op een bepaald ogenblik een beslissing genomen moeten worden. De beslissing of de leerling op stage gestuurd kan worden. Met andere woorden, is de leerling in staat om adequaat te functioneren op een arbeidsplaats. Dit niet alleen om arbeid uit te oefenen maar om het geleerde op school te verdiepen en verder te ontwikkelen tot een bepaald functieniveau.Een beslissingsituatie die een dergelijke keuze mogelijk maakt, moet aan een tweetal voorwaarden voldoen. Er moet voor de beslissing relevante informatie aanwezig zijn en er moet een of andere beslissingsregel bestaan die zegt dat op basis van die informatie voor een bepaald alternatief gekozen moet worden. Door aanname van deze voorwaarden wordt het doel van het assessment opgesplitst in drie afzonderlijke doelen.
- Ten eerste is de leerling aan de hand van de ingewonnen informatie daadwerkelijk geschikt om op stage te gaan, het instrument wordt hierbij ingezet als selectieinstrument. De leerling is niet of wel stage geschikt.
- Ten tweede : beschikt de leerling ten volle over de nodige vaardigheden om stage te lopen en zo niet welke methode en instrumenten dienen dan ingezet te worden om de leerling deze vaardigheden bij te brengen. Het instrument wordt hierbij ingezet als ontwikkelings instrument.
- Ten derde : wanneer de beginsituatie gemeten is heeft de school de mogelijkheid om de leerling gericht te plaatsen op de stageplek die voor hem – aan de hand van de ingewonnen informatie- het meest geschikt is. Het instrument wordt hierbij ingezet als een plaatsingsinstrument.
De Theorie van het assessment center stagegeschiktheid
De stage wordt beschouwd als een leerproces waarbij algemene sociale- en arbeidsvaardigheden worden gespecialiseerd tot specifieke vaardigheden op een specifiek terrein, namelijk de werkplek. In dit leerproces wordt kennis opgedaan uit ervaring. De ervaring is onlosmakelijk verbonden met de reeds aanwezige kennis.Leerlingen van de praktijkschool en leer- werktrajecten worden voorbereid op het zo zelfstandig mogelijk functioneren in de maatschappij. Zij leren dus vooral praktische vaardigheden. Deze doelstelling van het onderwijs sluit naadloos aan bij de doelstelling van het assessment center.
Met behulp van het assessment wordt rechtstreeks gemeten in hoeverre een leerling beschikt over (in dit geval) het benodigde praktische sociale gedragsrepertoir en over de benodigde basis arbeidsvaardigheden om zich te kunnen handhaven in een stage c.q. in een arbeidssituatie.
Rechtstreeks wil zeggen, er wordt niet gemeten via een tussenstap, b.v. een test of een andere beoordeling, die dan weer vertaald moet worden naar een bepaalde arbeidsprestatie. Er wordt als het ware een steekproef genomen uit relevant gedrag, dat heel gestructureerd geobserveerd en beoordeeld wordt en dat representatief moet zijn voor de totale verzameling van het gedrag dat we willen meten (de zogenaamde samplemethode)
De achterliggende gedachte is: GEDRAG IS CONSISTENT IN TIJD EN SITUATIE SPECIFIEK.
Met andere woorden: iemand zal in de regel in soortgelijke situaties door de tijd heen hetzelfde gedrag vertonen.
Zoals boven gesteld moet het meten van het te beoordelen gedrag representatief zijn voor de totale verzameling van het gedrag. Daarom moet het te meten begrip (hier geschiktheid om stage te volgen) goed geoperationaliseerd worden. De volgende gedragsdimensies zijn geselecteerd als representatief voor sociale vaardigheden van het lagere niveau
- Betrouwbaar waarnemen van sociale situaties (gaat om sociaal inzicht)
- Uiterlijk voorkomen en non-verbaal gedrag (basisniveau)
- Contactuele vaardigheden bij kennismaken
- Verbale communicatieve vaardigheden (= ook meting van praktische taalvaardigheden)
- Luistervaardigheid
De volgende dimensies zijn geselecteerd als representatief voor arbeidsvaardigheden.
Cognitief
De toekomstige stageloper moet in staat zijn een instructie te onthouden en te reproduceren of om te zetten in een daadwerkelijke handeling. Kortweg, er wordt een opdracht gegeven en de leerling gaat aan het werk en voert de opdracht uit.Het omzetten van een instructie in een daadwerkelijke handeling. Wanneer de kandidaat de handeling wil beginnen zal hij zich, een mentaal beeld moeten gevormd hebben om de opdracht uit te kunnen voeren in de volgorde van de taakstelling. Dit zegt wat over het ruimtelijk inzicht en het geheugenspan van de kandidaat. In het licht van de groei van algemeen naar specifiek, twee belangrijke cognitieve arbeidsvaardigheden.
Affectief
Bij de uitvoering van de taak zelf. Op het moment dat de toekomstige stageloper aan het werk is gegaan , hoe is dan de werkelijke houding tegenover de taak. Blijft hij geconcentreerd, werkt hij nauwkeurig, neemt hij eigen initiatief waar het hoort, wordt er de nodige feedback gevraagd, wordt het werk in een aanvaardbaar tempo gedaan, wat is de lichamelijke houding bij de uitvoering, kortom hoe staat de kandidaat tegenover de uitvoering van de taak, bij de uitvoering van de taak. Verschillende dimensies zoals : Algemene werkhouding, concentratie, nauwkeurigheid,eigen initiatief, feedback en tempo komen aan de orde.
Motorisch
Hierbij wordt gelet op de fysieke uitvoering van de taak of het motorische handelen dit geldt voor de fijne motoriek en groot-motoriek
Het assessment center in de praktijk
Sociale vaardighedenHet betrouwbaar waarnemen wordt gemeten, door de leerlingen een korte voor hen gespeelde scene te laten observeren en te laten interpreteren d.m.v. checklists. De overige vier dimensies worden gemeten door de leerling een kennismakingsgesprek te laten voeren met de “toekomstige stagegever”, een gesprek dat ze ook daadwerkelijk moeten gaan voeren als ze op stage gaan. Het is daardoor ook relevant voor de leerling(leerdoel).
Arbeidsvaardigheden
De arbeidsvaardigheden worden getoetst met 9 proeven die allen gerelateerd kunnen worden aan handelingen die uitgevoerd moeten worden in verschillende beroepssituaties. Twee assessoren begeleiden en scoren op basis van gestandaardiseerde vragenlijsten (methode van gerichte observatie). Hierbij moet worden opgemerkt dat het niet om arbeidssimulatie gaat. Het is niet van belang wat een leerling doet maar hoe hij/zij dat doet.
Assesorenberaad
Wanneer beide praktijkassessments zijn afgenomen , worden alle beschikbare gegevens van de kandidaat uit het belangstellingsonderzoek en het persoonlijkheidsonderzoek (inclusief de door de trainer sociale vaardigheden ingevulde beoordelingsformulieren en het door de leerkracht ingevulde STAP-formulier) ingebracht.
Na het assessorenberaad wordt de uitslag voorgelegd aan de eigen leerkracht van de kandidaat. Deze geeft aan of hij/zij de uitslag van het assessorenberaad kan ondersteunen. Ook hier wordt gestreefd naar consensus. De leerkracht kan zonodig de door hem/haar ingevulde beoordelingsformulieren nader toelichten. Gezamenlijk wordt bekeken welke leerdoelen per leerling geformuleerd dienen te worden. Mocht een leerling eventueel als ongeschikt worden beoordeeld voor de stage van zijn/haar voorkeur, maar niet als ongeschikt voor stage op zich, dan kan in overleg met de leerling worden overgestapt naar een tweede belangstellingsgebied.
De volgende adviezen kunnen worden verwacht:
- Aanvullend algemeen of specifiek psychologisch onderzoek.
- Plaatsing op een stageplek volgens de belangstelling vanwege voldoende motivatie, vaardigheden en sociale redzaamheid.
- Plaatsing op een afwijkende stageplek dan volgens de belangstelling op grond van onvoldoende sociale vaardigheden. Immers op een stageplek in de verzorging of in een winkel worden hogere eisen gesteld aan sociale vaardigheden dan bijvoorbeeld bij productiewerk het geval is. Dit kan gekoppeld worden aan het volgen van een training in sociale vaardigheden.
- Afraden van plaatsing op dit moment, omdat de leerling als onvoldoende sociaal redzaam wordt beoordeeld.
- Wel plaatsen, maar in de begeleiding speciale aandacht besteden aan geconstateerde tekorten of het op een aantal punten opnieuw volgen van een sociale vaardigheids- of assertiviteitstraining.
- Andere (samengestelde) adviezen kunnen ook voorkomen.
De kwaliteitseisen
Aan de volgende kwaliteitseisen werd voldaan.
- Het uitgangspunt voor het opstellen van relevante gedragsdimensies wordt bepaald door de uit literatuur vastgestelde lagere niveaus van sociale vaardigheden en de kernproblemen van zwakbegaafden op dit gebied.
- De door de docenten te gebruiken beoordelingsformulieren, zoals de STAP en het screeningsformulier van de sociale vaardigheidstraining, zijn speciaal ontwikkeld voor onze doelgroep en op de doelgroep uitgetest.
- De gebruikte vragenlijst voor de leerlingen (Wat vind ik van school) en de belangstellingsvragenlijsten zijn eveneens speciaal ontwikkeld voor het VSO en op deze groep uitgetest.
- De observaties van gedrag door de assessoren worden geclassificeerd in betekenisvolle gedragsdimensies, zodat het noteren op een systematische en valide wijze gebeurt.
- Er worden maximaal vier gedragsdimensies gemeten per situatietest.
- Er wordt gewerkt met beoordelingsschalen.
- Per kandidaat zijn er twee assessoren.
- De assessoren hebben eerst een, specifiek op dit AC afgestemde, training gevolgd.
- Assessoren moeten zich voorbereiden op het assessorenberaad, waarin de integratie en combinatie van alle resultaten plaatsvindt.
- De kandidaten moeten voldoende geïnformeerd worden over de doelstelling en de inhoud van het AC.
Het stage assessment bestaat uit:
- De Stap vragenlijst
- Screeningslijst sociale vaardigheden
- Observatieproef (video en cd-rom)
- Scoreformulieren sociale vaardigheden
- Practicumkist met 9 proeven
- Scoreformulieren Arbeidsvaardigheden
Voor gebruik van het assessment is een tweedaagse trainig in het gebruik van het stageassessment verplicht. Na de training wordt een certificaat uitgereikt en wordt de deelnemer opgenomen in het assessorenregister.
© 2007 - 2012 Sophocles, gepubliceerd in Diversen (Educatie en School) op .
Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Sophocles is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer informatie…
Het opzetten van een assessment center Om sollicitanten goed te kunnen beoordelen op de gewenste capaciteiten en competen…
Het assessment center Het beoordelen van sollicitanten op hun capaciteiten is een belangrijke, maar moeilijke taak voor o…
Wat is een Psychologisch Assessment? Bij interessante functies staat vaak in de advertentie dat een assessment deel kan u…
K-ABC: intelligentietest voor kinderen De K-ABC, Kaufman Assesment Battery for Children, is een intelligentietest voor ki…
Gerelateerde artikelen
Assessment, wat is het en wat kan je er mee? Werd het assessment in het verleden zo nu en dan toegepast en bij zwaardere…Het opzetten van een assessment center Om sollicitanten goed te kunnen beoordelen op de gewenste capaciteiten en competen…
Het assessment center Het beoordelen van sollicitanten op hun capaciteiten is een belangrijke, maar moeilijke taak voor o…
Wat is een Psychologisch Assessment? Bij interessante functies staat vaak in de advertentie dat een assessment deel kan u…
K-ABC: intelligentietest voor kinderen De K-ABC, Kaufman Assesment Battery for Children, is een intelligentietest voor ki…
Reageer op het artikel "Het assessment center stagegeschiktheid"
Vera Moné, 21-10-2008 17:57
Erg interessant..ik werk op een praktijkschool en we worstelen met het vaststellen van stagegeschikthid van onze leerlingen!
Reactie infoteur, 26-10-2008
Beste Vera,
Op dit ogenblik gebruiken meer dan 200 scholen voor praktijkonderwijs, Arbeids training centra, VSO scholen en regionale opleidingscentra het assessment om de mate van geschiktheid om op stage te gaan te meten bij hun leerlingen. Meer informatie hierover kan je vinden op de website www.siabo.nl. Hier kn je ook contact leggen met de auteurs.
Vriendelijke groet,
Sophocles
Bronnen en referenties
- http://www.siabo.nl